Bevallingsverhaal: “Ik riep dat ik mijn tweede meisje al direct in het geboortekanaal voelde zakken”

| | , ,

Het was woensdag 24 juli en ik had behoefte om de afgelopen dagen van mij af te schrijven. De afgelopen week was een pittig weekje. De spanning richting de inleiding steeg en Lev werd ook nog eens even flink ziek. Kortom, niet de meest ideale week om je voor te bereiden op de bevalling. Na een paar stressvolle dagen, wist de huisarts ons afgelopen vrijdag te vertellen dat Lev roodvonk had. Hij was er echt hondsziek van, zo zielig. Mijn moederhart heeft het altijd zwaar als mijn kinderen ziek zijn en in deze emotionele fase voor de bevalling, was dit een slechte combinatie. Hij bleek ook nog eens de (GAS) bacterie (waar onder andere roodvonk door veroorzaakt wordt) te hebben. Dit is een gevaarlijke bacterie voor een kraamvrouw. Het kan namelijk de kraamvrouwenkoorts veroorzaken. Tuurlijk, konden we er ook nog wel even bij hebben…. Lev kreeg antibiotica en was daarmee na 48 uur vrij van besmetting. Of ik ondertussen wel dan niet besmet was met de bacterie, was niet te zeggen. Dat zou gaan blijken wanneer ik kraamvrouw zou worden. Voor mij niet een hele geruststellende gedachte.

Inmiddels was het weekend en begon de antibiotica bij Lev zijn werk te doen en zagen we hem langzaam opknappen. Het enige dat ik bleef hopen, was dat hij echt aan de betere hand zou zijn wanneer ik maandagavond naar het ziekenhuis moest voor de inleiding. Ik moest er niet aan denken dat ik thuis een ziek kind zou hebben en dan zelf ook nog moest gaan bevallen. Ik nam voor de zekerheid zaterdagochtend contact op met het ziekenhuis om mijn zorg uit te spreken met betrekking tot de bacterie. Ik wilde graag de risico’s bespreken voordat ik daadwerkelijk ingeleid ging worden. We spraken af dat we maandagochtend voor een consult naar het ziekenhuis zouden gaan, zodat één en ander besproken kon worden. Echter zaten we zaterdagmiddag onverwacht al in het ziekenhuis vanwege bloedverlies. Het thuis weggaan kostte mij emotioneel veel. Lev was nog niet hersteld en ik had geen idee wat mij in het ziekenhuis te wachten stond. Het was even teveel, ik liet mijn tranen de vrije loop.

In het ziekenhuis werd er een CTG en een echo gemaakt van de meisjes. Alles was goed. Wellicht waren dit voortekenen van de bevalling, maar we konden enkel afwachten. Ik maakte van de gelegenheid gebruik om mijn zorg met betrekking tot de bacterie te bespreken. Er werd gezegd dat er geen directe aanleiding tot vrees was. Wanneer ik toch als kraamvrouw ziek werd, zou er direct ingegrepen worden met een gerichte antibiotica. Ik was niet voldoende gerustgesteld. Ik wilde geen onnodig risico lopen, zeker niet als moeder van vier kinderen straks. In samenspraak besloten we te kiezen voor een korte, preventieve antibiotica kuur. Welke uiteraard geen risico vormde voor de meisjes. Ondanks dat ik normaliter geen voorstander ben van medicatie, merkte ik dat dit mijn zorg deed afnemen en ik mijn focus weer op de bevalling kon richten. Ik had mijn gevoel gevolgd. We gingen weer naar huis. De spanning van afgelopen week was duidelijk afgenomen en ik kon de rust in mijzelf weer vinden. We wisten dat wij de volgende dag opnieuw verwacht zouden worden in het ziekenhuis voor de inleiding. We gingen ons deze avond met ons viertjes klaar maken voor wat ging komen en stelden ons in op een goede nachtrust.

Die nacht om 03.00 uur werd ik wakker. Ik voelde dat ik vocht verloor, ik dacht: “vruchtwater”. Middenin de nacht, daar baalde ik van. Dit was niet fijn voor Noi en Lev. Toch wist ik snel te schakelen, het is wat het is. Ik belde mijn moeder. Zij kwam onze kant op en zou bij de kinderen blijven. Rustig aan maakten wij Noi en Lev wakker en vertelden dat wij naar het ziekenhuis gingen, omdat hun zusjes vandaag of morgen geboren zouden gaan worden. Ze waren beide verheugd en wisten dat het goed was zo. De spanning was eraf en we waren er allemaal klaar voor. Met een gerust hart reden Wilfred en ik die nacht om 04.00 uur naar het GHZ Ziekenhuis in Gouda. Daar aangekomen werd er opnieuw een CTG en een echo gemaakt. Wederom ging het goed met de meisjes. Na een check bleek het vochtverlies inderdaad vruchtwater te zijn. Het was vruchtwater van het bovenste meisje. Dit sijpelde met kleine beetjes weg, maar nog niet met noemenswaardige hoeveelheden. Ik had inmiddels steeds geregelder harde buiken, maar de echte weeën bleven uit. Toch moesten we blijven en dat was fijn. Ik zag het niet zitten om nu weer naar huis te moeten gaan. We sliepen die nacht niet meer. Toen de ochtend aanbrak had de bevalling nog steeds niet verder doorgezet. Het was inmiddels maandag en vanavond stond het plaatsen van de ballon gepland. We vermaakten ons die dag, voor zover als mogelijk, in het ziekenhuis. We lazen wat, sliepen en wachtten vooral af tot de avond aanbrak. De harde buiken werden gedurende de middag regelmatiger en scherper, zou het nu dan echt gaan doorzetten!?

Het was inmiddels maandagavond 22 juli, 20.00 uur. Het moment van het plaatsen van de ballon was daar. Ik vond het spannend. Ik had geen idee wat ik kon verwachten. Voordat het zover was, werd ik eerst getoucheerd om te kijken of er wellicht al ontsluiting was ontstaan. Ik verwachtte niets, ik had immers naast de harde buiken nog geen echte weeën. Drie centimeter! Serieus? Ja, ik had inmiddels al 3 centimeter ontsluiting. Dat had ik niet verwacht, niemand eigenlijk. Dus mijn lichaam was aan het werk, uit zichzelf. Dat voelde goed! Ik kon enkel hopen dat het nu verder ging doorzetten. Het plaatsen van de ballon was in ieder geval niet meer nodig en daar was ik blij om.

Om 22.00 uur werd ons geadviseerd te gaan slapen. Ik merkte dat de harde buiken steeds frequenter en scherper werden. We gingen het zien. Om 22.30 uur, toen we net een beetje in slaap waren gevallen, schoot ik omhoog in mijn bed. Een plens water was de oorzaak. De vliezen van de onderste baby bleken ook te zijn gebroken.

Ik werd opnieuw aan de CTG gelegd. Alles zag er goed uit. De weeën kwamen langzaam op gang. Het was begonnen. Uit zichzelf!!! Ik voelde de adrenaline stromen. “Kom maar op!” De uren die volgden voelden als heel traag en als een sneltrein tegelijk. De weeën zetten snel en scherp door. Het was inmiddels dinsdag, 01.00 uur en ik zat op 6 cm. Het was pittig, maar te doen. Met Wilfred in mijn buurt, onze favoriete verloskundige (precies zij had dienst. Toeval bestaat niet) en een schat van een verpleegkundige, voelde ik mij op mijn gemak.

Rond 02.00 uur waren de weeën volop aanwezig en ik moest alles op alles zetten om ze weg te werken. Het lukte me, ik had een goed ritme te pakken. Mijn eerdere bevallingen werkten in mijn voordeel. Ik wist dat de weeën niet oneindig waren en dat het “slechts” enkele minuten duurde. Mentaal hield dat mij echt bij de les. Fysiek ging ik stuk, maar dat is nu eenmaal wat het is. Bij de volgende check was mijn ontsluiting 8 centimeter. Ik hoopte ernstig dat die 10 centimeter snel naderde. Ik zat inmiddels aardig doorheen. Om de scherpte eraf te halen, vroeg ik om pijnstilling in de vorm van een neusspray. Ik had echter het idee dat het in dit stadium geen zoden meer aan de dijk zette. De weeën ramden er dwars doorheen. Inmiddels was de gynaecoloog ook uit zijn bed gebeld. Hij stond het tafereel op een afstandje te aanschouwen. Ik dacht bij mijzelf: “Vent, ga even een blokkie om… Als je niets kunt doen voor me, heb ik liever geen pottenkijkers.” De verloskundige merkte dit blijkbaar bij mij en liep samen met de gynaecoloog de kamer uit. Op het moment dat zij de kamer verlieten, besloot ik na urenlang staan toch maar even op het bed te gaan liggen. Toen ik ging liggen voelde ik persdrang. Ik bleek op 10 centimeter ontsluiting te zitten. De verloskundige en gynaecoloog waren uiteraard weer opgetrommeld, ze moesten nu echt aan de slag.

Inmiddels stond de klok op 02.40 uur. Mijn hemel, nu schakelen van weeën wegpuffen naar adem in en persen. Hoe dan? Ik ging stuk hier. Dit trok ik niet heel lang. Het lukte mij uiteindelijk om ook dit ritme te vinden. En daar was ze, ons eerste meisje. Om 02.49 uur was Lou geboren. Lou werd op mijn buik gelegd. Ik kon haar niet goed zien, de navelstreng bleek niet verder te reiken. Ik had ook moeite om mijn aandacht bij haar te houden. De weeën zetten scherp door, stil liggen ging niet. Er schoot van alles door mijn hoofd. “Wat nu als de weeën stil vielen? Wat nu als het een spoedkeizersnede ging worden?” Het leek een eeuwigheid te duren, maar het was slechts een kwestie van een minuut.

De gynaecoloog zette de echo op mijn buik om te kijken hoe baby twee ervoor lag. Ik riep dat ik haar al het geboortekanaal in voelde zakken en het niet tegen kon houden. Er werd op de echo gezien dat ze in stuit lag en op dat zelfde moment had de verloskundige ons meisje al in haar handen. Mév werd om 02.52 uur geboren. Daar waren ze dan, onze meisjes Lou en Mév. Wat heftig, mooi, bijzonder, pijnlijk, emotioneel en intens was dit. Wat was ik blij dat ik uiteindelijk de controle had en mijn lichaam de bevalling zelf heeft kunnen volbrengen. Ik was trots. Op onze meisjes, op Wilfred en bovenal was ik trots op mijzelf. De placenta kwam vrijwel direct erachter aan. Papa mocht beide navelstrengen doorknippen. Eindelijk konden de meisjes echt op mijn borst liggen en kon ik ze bewonderen. Wat een liefde. Mijn baarmoeder werd nog even met de harde hand leeg gedrukt, zodat het vloeien afnam en mijn baarmoeder weer kon samentrekken. Mijn hemel, nu was ik er echt klaar mee!! Klaar met alles geven wat ik in mij had, klaar met de pijn en klaar met bevallen. Wat was dit weer een intense en bijzondere ervaring. Wat was ik dankbaar voor onze gezonde meisjes. Ik kon mij niet meer dan dit wensen. Maar ik wist wel één ding heel zeker: ”Dit doe ik echt NOOIT meer!!!”

MICHELLE (klik hier voor haar Instagram)

Plaats een reactie