Ik praat graag open over mijn overleden meisje Emma

| | , ,

“Is dit je eerste?”, is de vraag die ik vaak krijg. “Nee, dit is mijn tweede zwangerschap. Mijn eerste dochter is afgelopen februari overleden”. Geschokt en verward reageren de meeste mensen. “Oh sorry”, is een voorbeeld van de reacties. Maar waarom zeggen mensen sorry? Zij kunnen er toch niks aan doen dat Emma dood is? Vaak is het een sorry dat ze er over begonnen zijn. Maar ik vind het heerlijk om over Emma te praten, haar te benoemen, te voelen dat ze er bij hoort.

Ik zag laatst een artikel voorbij komen met de titel: “ontwijk jij de vraag?”. Zo van, ontwijk jij het om over je overleden kind te praten. Nee, nooit! Wat een belachelijke vraag eigenlijk. Ik voelde me bijna beledigd. Je ontwijkt toch ook geen vragen over je levende kinderen? Ik heb geleerd in het afgelopen jaar dat het juist hele mooie dingen kan brengen. En tuurlijk vertel ik niet elke keer in de winkel bij een opmerking over mijn buik over Emma, maar soms brengt het mooie gesprekken teweeg. Zoals in de wachtkamer bij de fysiotherapie. Een vrouw van 75 verloor haar zoon aan wiegendood. De vuurwerkverkoper heeft een tante met een ernstige vorm van epilepsie en zijn moeder heeft besloten als voogd dat ze geen nieuwe medicijnen meer gaan uitproberen. De mevrouw van de apotheek die mij twee jaar lang hielp met medicijnen voor Emma verloor haar zoon aan kanker, nu 15 jaar laten vindt ze dat nog moeilijk. De stiefvader van onze beste vrienden verloor zijn dochter een uur na de geboorte aan een hartafwijking en nog elke dag denkt hij aan haar. Mijn man kent hem al meer dan 15 jaar en heeft dit nooit geweten. Ik vind dat zo mooi aan open zijn, je krijgt er zoveel voor terug. Een mooi gesprek, verbondenheid, herkenning en erkenning. Maar ook hoor ik heel erg vaak de “wat is erger”-kaart. Want wat is erger: Je kind verliezen op twee-jarige leeftijd na een ziektebed of een miskraam? Nooit zwanger kunnen worden of zelf moeten beslissen wanneer je je kind los moet laten? Een stilgeboorte of wiegendood?

Wist je al dat niks erger is? Maar ook niks minder erg? Het is niet te vergelijken en allemaal vreselijk. Het is allemaal oneerlijk en verdrietig. Je voelt je in elke situatie machteloos en gebroken. Verscheurd en bedrogen. Iedereen heeft zijn eigen verdriet, zijn eigen beleving en eigen binnenkant. Uit compassie kunnen we denken dat de situatie van een ander erger is dan je eigen. Uit compassie, of soms uit overlevingsdrang. Want als dat van een ander erger is, dan valt je eigen situatie wel mee. Dan heb je alleen een schop onder je kont nodig, want hij of zij doet het toch ook? Nee, wat mensen niet zien is dat we niet allemaal even hard huilen. Dat we niet allemaal even lang rouwen. Dat niemand hetzelfde voelt als een ander. Zelfs ik en mijn man voelen niet hetzelfde over exact hetzelfde verlies. We uiten dit anders, we voelen dit anders, we denken anders. En praten hierover. We bespreken onze verschillen en accepteren elkaar in elkaars verdriet. Maar wat is erger?

Weet je wat pas erg is, als mensen er van uitgaan dat onze tweede zwangerschap alles oplost. Want je krijgt nu een goedmakertje, een vervanging voor de eerste. Nieuw geluk, een nieuwe kans. “Nee, nee, nee!”, roept er iets in mijn hoofd. Wal-ge-lijk als mensen dit serieus kunnen denken. Dit meisje in mijn buik is een klein zusje, een klein zusje van Emma. Een toevoeging aan ons gezin van drie. Ze zal het verdriet nooit kunnen vervangen. Waarom denken mensen dat je dat überhaupt kan vragen van een kind. Zo’n grote verantwoordelijkheid neerleggen op een baby, want die gaat je geluk geven en je alle verdriet laten vergeten. Nee, ten eerste kan je dat niet vragen van een kind. Ten tweede is het mijn eigen verantwoordelijkheid om mijn verdriet een plekje te geven en alles te verwerken. Ten derde zal Emma nooit vervangen kunnen worden, want ze was uniek net als ieder ander. En als laatste zal ik never nooit mijn eerste dochter vergeten. Mijn tweede kind geeft mij wel kansen, kansen om te vertellen over Emma. De lessen die ik van haar geleerd heb door te geven. Samen haar grafje bezoeken en samen stil staan bij de moeilijke dingen van het leven. Ja, dat is prachtig. Een kindje krijgen is een zegen, een cadeautje, het mooiste wat ik ooit zal meemaken. En daar ben ik heel dankbaar voor. Maar ik ben het allermeest dankbaar voor mijzelf, voor de vrouw die ik geworden ben.

De vrouw die niet meer schrikt van een vraag, die sorry niet meer aanneemt als antwoord, maar gesprekken aan durft te gaan.

ILJA

Plaats een reactie