‘Jongens, ik heb hier geen tensie!’, ineens stond mijn hele kamer vol met witte jassen…

| | ,

Het ene kindje van onze tweeling had allerlei afwijkingen. De dagen na de verschrikkelijke uitslagen hebben we uren gepraat en gehuild met onze ouders, zusjes, familie, vrienden, dominee en allemaal lieve mensen die om ons heen staan. We werden voor een keuze gesteld. Maar wie zijn wij om te oordelen over leven of dood? Klik hier om het eerste deel te lezen, voordat je hieronder verder gaat.

De artsen en specialisten hielden mij en de kindjes goed in de gaten. Wekelijks hadden we een echo, werd er een CTG gemaakt, hadden we gesprekken met de pedagogisch medewerker en moesten we een bevalplan maken. Dat laatste was een uitdaging. Ik voelde aan alles dat ik een keizersnede wilde. Baby 1 zou eerst geboren worden. Hij was het gezonde kindje. Daarna zou baby 2 ter wereld komen. Dit was ons zorgenkindje. We wisten nog niet zoveel, maar alles wat we wisten was niet positief. Ze zou na de bevalling direct medische hulp nodig hebben. Daarbij was er ook een kans dat ze het Downsydroom zou hebben en ik had tijdens mijn vele speurwerk op internet gelezen dat kindjes met dit syndroom vaak opvallend slap zijn als ze ter wereld komen. Ik had mijn bevalling in mijn hoofd al honderd keer afgespeeld. Baby 1 zou op de natuurlijke manier geboren worden en daarna werd het ineens spoed, omdat baby 2 niet vanzelf kwam en ze door haar medische toestand in tijdsnood zou komen. Dit zou uiteindelijk een spoedkeizersnede worden. De specialisten verklaarden mij voor gek. Ik moest een keizersnede niet onderschatten, want dit was een zware buikoperatie en voor de baby’s was een natuurlijke bevalling ook veel beter. Ze gingen dan ook niet akkoord met mijn bevalplan.

Tijdens de wekelijkse controle in het AMC merkte de gynaecoloog op dat ik steeds meer vocht vasthield. Ik was op dat moment 33 weken zwanger. Na de uitgebreide echo werd mijn bloeddruk gemeten en wilde de gynaecoloog ook dat er even bloed afgenomen zou worden. De hele zwangerschap was mijn bloeddruk al aan de hoge kant, maar niet alarmerend. Nu ik ook vocht vast begon te houden wilden ze zeker weten dat ik geen zwangerschapsvergiftiging had. Ik moest de komende 24 uur mijn urine opvangen en dit na afloop inleveren in het ziekenhuis.

De urine was ingeleverd en samen met Sil liep ik wat rondjes door de ziekenhuisgangen om de tijd te doden. Ze zouden ons bellen wanneer de uitslagen binnen waren. Na twee uur wachten werd ik gebeld met de vraag of ik even naar boven kon komen. De arts wilde graag een gesprek met ons. ‘Je hebt zwangerschapsvergiftiging. Er zijn eiwitten in je urine gevonden, je bloeddruk is torenhoog en je houdt veel vocht vast. We gaan jou en je kindjes scherp in de gaten houden. Je zult hier dus moeten blijven en zal niet meer met lege Maxi-Cosi’s naar huis gaan.’ Die avond heb ik als een klein meisje liggen huilen in het ziekenhuisbed. Zo had ik het me allemaal niet voorgesteld. Het was al zo onzeker allemaal en ik had thuis nog zoveel te doen voordat de baby’s geboren zouden worden. Er zat voor mij één voordeel aan deze lange ziekenhuisopname. Door de zwangerschapsvergiftiging kreeg ik nu een medische indicatie en dat betekende een akkoord voor mijn bevalplan. De weken kropen voorbij. Gelukkig waren er hele lieve verpleegsters en lag er een gezellige mama naast me die in hetzelfde schuitje zat. We dronken samen kopjes thee en waren vaak op elkaars kamer te vinden voor een gezellig praatje. Langzaam werd ik steeds zieker en zieker. Ik wist dat het ontzettend belangrijk was voor de tweeling dat ze zo lang mogelijk in m’n buik zouden blijven zitten. Er was geen betere plek voor ze dan veilig bij mij en het liefst wilde ik ze daar dan ook laten zitten. Ik hield ontzettend veel vocht vast, werd elke dag zieker, ik sliep niet meer, er zat vocht achter mijn longen, maar ik wilde niet opgeven. Dit was het enige wat ik als mama voor mijn kindjes kon doen!

Ik was bijna 37 weken zwanger en ik lag voor de zoveelste nacht wakker. Ik voelde me zó beroerd. Ik kon bijna niet meer lopen, maar ook niet meer liggen. Door het vocht achter de longen, kreeg ik nauwelijks nog adem. Zodra ik ging liggen, had ik het gevoel dat ik stikte. De nachtzuster kwam naast mijn bed zitten en we hebben veel gepraat. De situatie maakt mij allemaal zo onzeker. Stiekem wilde ik gewoon helemaal niet bevallen. Ik was zó bang voor wat er komen ging. Er spookten zoveel vragen door mijn hoofd en niemand had de antwoorden voor ons. Zal ons meisje blijven leven na de geboorte? Heeft ze een chromosoomafwijking? En hoe erg zijn haar hartafwijkingen? Ik weet nog dat ik Sil die nacht een berichtje heb gestuurd dat hij zijn telefoon goed in de gaten moest houden.

De volgende ochtend lag ik alweer vroeg aan de CTG. Helaas kregen ze geen duidelijk beeld, omdat ik door de benauwdheid niet op mijn rug kon liggen. Na meerdere pogingen gaf ik het op. Ik was hartstikke ziek en lag te happen naar adem. Ik trok alle apparatuur van mijn buik af drukte op de alarmknop. Niet veel later stak de gynaecoloog haar hoofd om het hoekje van de deur om te kijken of alles goed ging. Ik legde de situatie uit en er kwamen twee andere artsen in opleiding om de baby’s door middel van een echo te kunnen bekijken. De hele zwangerschap was ik natuurlijk al interessant voor de wetenschap en was ik gewend dat er elke keer een aantal studenten meekeken. Ook zij kregen het niet voor elkaar om beide kindjes duidelijk in beeld te krijgen en ze zouden even de gynaecoloog gaan halen. Een hele lieve vrouw kwam binnen en vroeg of ze op de rand van mijn bed plaats mocht nemen. Ik grapte nog dat ik best veel plek van het bed in beslag nam met mijn hoogzwangere lijf, maar dat als ze haar best deed ze er misschien nog wel bij zou passen. Toen ze geïnstalleerd was begon ze met het maken van de echo. Ze kreeg het meisje direct in beeld en ging daarna op zoek naar het jongetje. Ze mompelde wat in zichzelf en zei daarna: ‘Jongens, ik heb hier geen …’. Ik hoorde mezelf denken. Geen wat? De dames die hiervoor eerder al geprobeerd hadden de echo te maken, waren druk in gesprek samen en keken naar het CTG-apparaat. Ze hadden niet door dat bij de gynaecoloog ondertussen de paniek lichtelijk aan het toeslaan was. Ineens schreeuwde ze luid en duidelijk: ‘Jongens, kom op! Ik heb hier geen tensie!’ Ineens stond iedereen op scherp. Binnen no time stond mijn hele kamertje vol met witte jassen…

WORDT VERVOLGD….

CHARLOTTE

Plaats een reactie