Ik heb een ongekende boosheid in mij

| | , ,

De plek waar het het meest veiligst voor mijn kindjes moest zijn, bleek een tikkende tijdbom. En midden in de nacht ging hij af. Ik voelde enorme drukte in mijn buik. Ik dacht: ”Wat zijn ze druk” en draaide me om. Door de EMDR therapie die ik nu volg kan ik bij dat moment komen in mijn hoofd. Hiervoor drukte ik het namelijk weg omdat het té heftig, pijnlijk en overspoelend was om eraan te denken. In de EMDR zoek ik het op en moet ik er dwars doorheen. En het is heftig wat ik tegenkom. Boosheid, zóvéél boosheid naar mezelf. En ook een beetje boosheid naar de wereld.

In mijn hoofd ga ik weer toe naar dat moment. De nacht van 23 op 24 februari 2019. Ik lig in het LUMC opgenomen en mijn man ligt naast mij. Mijn twee kindjes worden meermaals per dag gemonitord, maar niet in de nacht. Ik heb al zóveel meegemaakt in deze zwangerschap. TTS, operatie, tussenvlies gescheurd, vochtverlies, veel harde buiken, vermoeden van infectie, en nu lig ik hier, wachtend op wanneer de meisjes gehaald worden omdat één van de twee het moeilijk krijgt. Sinds het tussenvlies kapot was gegaan tijdens de operatie heb ik al een onbestemd gevoel. Zo’n gevoel wat je heel ver weg probeert te drukken en wat je omgeving al helemaal het liefst in de kiem wil smoren. Omdat je vooral positief moet blijven en het allemaal wel goed komt. En toch zit het er. Dat kleine stemmetje wat zegt: ”Doe nog maar even rustig aan met die tweelingbox..” Zo’n naar gevoel, omdat je gewoon twee levende kindjes in je draagt, die bewegen, die het goed doen en die beiden gezond zijn, ondanks dat het zo’n risicovolle zwangerschap is.

Ik lig in het ziekenhuisbed en het is een onrustige nacht. Van mezelf mag ik alleen maar op de zijde liggen waarvan Google zegt dat het het beste is voor je baby’s. Dus lig ik al weken op die zij en begin echt last te krijgen van mijn lijf. Af en toe rol ik eventjes kort op de andere zijde, maar het voelt nooit goed. Ik mag van mezelf alleen doen wat het beste is voor de baby’s. Uiteraard.

Faye, mijn grootste baby, is vaak de meest rustige. Ze heeft wat minder vaak de hik en schopt net wat minder tegen mijn ribben. Maar deze nacht is ze druk. “Druk is goed”, denkt mijn hoofd. Maar tegelijkertijd voelt mijn buik wel onrustig. ”Zie je wel, die harde buiken komen toch vaker. Mijn voorgevoel over dat ze veel eerder komen dan 32 weken klopt wel, volgens mij is het moment dichtbij”. En ik ga weer slapen.

In de EMDR moet ik keer op keer kijken naar mezelf in dat moment en laten komen wat er komt terwijl ik de lampjes volg. Ik schrik van mijn eigen reactie wanneer ik mijn vuisten bal en mijn nagels in mijn handpalm voel. Ik schreeuw tegen mezelf in mijn hoofd. “IDIOOT! Wáárdeloze moeder!” Ik blijf nare dingen naar mezelf herhalen, totdat het zweet op mijn voorhoofd staat, het snot mijn mond in loopt, en de tranen op het bureau vallen. Hoe kan je als moeder zoiets groots missen!? Hoe kan je als moeder nou net dat verbindinkje in je hoofd missen die zei: ”Alarm. Laat een verpleegster komen! NU!” . De ”wat alsen” van die nacht zijn ondragelijk. De volgende ochtend werd mijn grootste nachtmerrie werkelijkheid. Een roerloos kindje. Dat kindje dat vannacht zó schopte. Eén van mijn beide meisjes die zo goed gemonitord werd, omdat hun navelstrengen door elkaar lagen, en een ruk van één van beide die dus de navelstreng kon afknijpen.

De EMDR-therapeut vraagt me wat er de afgelopen minuten dat ik het lampje volgde allemaal door me heen ging. ”Zóveel boosheid. Ik ben zó boos dat ik Faye niet heb geholpen, terwijl ze misschien wel schopte omdat ze in nood was”. ”En dít is waar jij zo’n last van hebt”, zegt ze. De puzzelstukjes beginnen te vallen. Dit is waarom ik zo’n controledwang heb ontwikkeld richting Faye haar tweelingzusje Linde. Waardoor mijn lijf áltijd aan staat. Waarom ik ‘s nachts niet uitrust omdat ik niks mag missen. Waarom ik geen fouten meer mag maken. Waarom ik zó intens moe ben en niet uitgerust raak. Op een gegeven moment begin ik mij te realiseren dat mijn boosheid, liefde is voor Faye. Ik heb het gevoel haar tekort te doen wanneer ik mezelf vergeef. Omdat ik zóveel liefde voor haar voel, dat het raar zou zijn als ik ooit mezelf haar dood kan vergeven. De therapeut en ik praten over hoe diep boosheid en hardheid naar mezelf zit. Dat het zo’n diepgeworteld overlevingsmechanisme is, omdat het me staande hield in alle jaren dat ik dag in, dag uit, uitgescholden werd op de lagere en middelbare school. Een boosheid naar mezelf, zonder het naar iemand te uiten. Ik gaf de pesters er eigenlijk gelijk mee. Ik schold mezelf gewoon mee uit. En ik moest maar bewijzen dat ik het allemaal kon dragen, want ik had het aan mezelf te danken. Ik deed het spelletje gewoon mee. Ik werd niet alleen afgewezen door mijn klasgenootjes, maar ook door mezelf. Inmiddels weet ik gewoon niet beter dan dat ik mezelf afwijs, en verwijt. De boosheid is een overlevingsmechanisme geworden, maar niet eentje waar ik trots op ben. En ook niet eentje, die als ik echt goed nadenk, bij mij past en recht doet aan de liefde die ik voel als mama voor mijn kindjes. Want diep in mijn hart weet ik dat ik heb gevochten als een leeuw voor ze. Dat ik 27.3 weken lang tot aan hun geboorte álles in mijn lijf heb gegeven om hun veilig te houden. En álles heb gelaten en mezelf heb ontzegd waarvan ik dacht dat het goed voor hen zou zijn. Alleen het zit zo opgeslagen in mijn hoofd. Dat het mijn schuld is. En dat ik boos moet zijn. En nooit mag rusten. En dat is mega hardnekkig. Het tekent meer dan een jaar later nog steeds mijn alledag.

Het is liefde, het is zó, zó, zóveel liefde.

De EMDR begint een klein beetje te werken. Het eerste kleine stukje van lichtheid mag ik af en toe een beetje aan proeven. Het is een enorm intens proces en ik ga door een achtbaan van emoties die maar door en door raast zonder na een rondje uit te kunnen stappen. Maar het is oké. Ik kan dit. Voor mijn meisjes. Voor mezelf.

MARJOLEIN

Plaats een reactie