Geboorteverhaal: “Het gaasje was onderin van binnen vastgehecht?! Wat nu?!”

| | ,

Op 7 maart 2015 kreeg ik (23 jaar) de stempel “PCOS” op me gedrukt, na jarenlang onregelmatige cyclussen en de vraag waar dit vandaan kwam. Omdat mijn vriend en ik zouden trouwen op 20 juni en daarna graag de stap naar kinderen wilden maken, besloten we in februari naar de huisarts te gaan en zodoende werd ik doorgestuurd naar een gynaecoloog. Na de diagnose was ik flink uit het veld geslagen. We kregen de woorden mee: “Probeer het maar een half jaar, we zien jullie na het half jaar hier wel terug voor de medische mallemolen”. Als een klein kind stond ik te huilen op de gang van het ziekenhuis, in de armen van mijn vriend.

Na onze bruiloft op 27 juni hadden we een positieve test! Helaas schreeuwde zowel mijn hoofd als mijn hart dat het niet goed zat. En inderdaad, zes dagen na de test kreeg ik een miskraam van ons eerste kindje. We zagen nu dat we wél zwanger waren binnen het half jaar en besloten met die reden toch nog een jaar of twee te wachten met zwanger worden. Drie weken later had ik een aantal dagen last van wat roze afscheiding. Ik belde hiervoor met de huisartsassistente en zij raadde aan een zwangerschapstest te doen; deze was héél positief. Ondanks de angst en onzekerheid na de miskraam, voelde dit zowel mentaal als fysiek direct anders dan de eerste zwangerschap. Bij de eerste echo bleek dan ook een goed ontwikkeld vruchtje te zien, zelfs al met hartslag. Wat waren we dankbaar! En ondanks onze keuze nog te willen wachten, is dit kindje direct ontzettend welkom voor ons.

De zwangerschap verloopt voorbeeldig, op de misselijkheid na. 24 Weken lang ben ik iedere dag ontzettend misselijk en geef ik veel over, waardoor aankomen er niet echt bij is. Gelukkig heeft dit geen effect op de kleine man in mijn buik en kunnen we zelfs nog rustig verhuizen, waar we een geweldige babykamer inrichten en uitkijken naar de komst van onze eerste zoon.

Voorafgaand aan mijn bevalling was ik een dag of drie al ontzettend aan het hoesten. Door het vele hoesten kwam er een flinke druk op de baarmoeder te staan, waarover ik al contact had gehad met de verloskundige. Ze vertelden me dat dit op geen enkele manier effect kon hebben op de zwangerschap of kleine en zeker niet een bevalling zou opwekken. Inmiddels was ik net 37 weken en 1 dag zwanger, het mocht dus gebeuren.

Op 2 april, zaterdag, was er een verloskundige thuis geweest omdat ik de harde buiken en continue druk op mijn buik niet vertrouwde. Maar weer kreeg ik de boodschap dat er geen teken was van het starten van de bevalling. Die middag zat ik op de verjaardag van mijn oppasmoeder (de vrouw die mijn jeugd dagelijks voor me zorgde) en ze zei nog: “Volgens mij ga jij dit weekend nog bevallen”.

3 april 2016, 06.10 uur

Ik liep naar het toilet en veegde de boel af, waarna ik slijm voelde. Ik keek op het papiertje en zag veel slijm en rood helder bloed. Waar een ander in de stress zou schieten, wist ik direct: Het is begonnen!

Ik liep terug naar ons bed en vertelde mijn man wat ik op het toilet had geconstateerd. We hebben de verloskundige direct gebeld, maar zij zei me dat dit mijn slijmprop was die was losgeraakt en vast weer zou teruggroeien omdat ik pas 37+3 weken was. Na het ophangen met de verloskundige kwam er een eerste wee. Gevolgd door nummer twee, drie en direct vier er achteraan. Ik zat vanaf de start in een weeënstorm. Weer belden we de verloskundige. Ze was al in het ziekenhuis bij een andere bevalling en verwachtte dat het bij mij nog wel even zou duren. Ik hoefde niet naar het ziekenhuis te komen en ze zou kijken of er die dag iemand tijd zou hebben om langs te komen bij me.

Om half 9 had ik zoveel weeën en pijn dat de tranen over mijn wangen liepen. Manlief wist niet meer wat te doen en belde zijn zus. Mijn schoonzus hoorde mij op de achtergrond en zei tegen m’n man: “Kev, ze is echt aan het bevallen. Bel de verloskundige dat jullie er gewoon NU aankomen”. Zo gezegd, zo gedaan. In de auto was het vreselijk. De weeënstorm hield nog steeds aan en ik kon niet zitten of liggen, niets was comfortabel. Aangekomen in het ziekenhuis probeerde mijn man me tussen twee weeën door naar het ziekenhuis te ondersteunen. Helaas kwamen de weeën achter elkaar door en heb ik letterlijk op de grond van de parkeerplaats van het ziekenhuis weeën op moeten vangen. Ik kon niet meer. Een vrouw die ons zag is het ziekenhuis binnen gerend en kwam naar buiten met een beveiliger en rolstoel.

Toen ik aankwam op de verlosafdeling was er geen kamer voor mij klaar gemaakt. Het was die ochtend erg druk. Op de kamer waar ik moest wachten en het eerste onderzoek kreeg van de verloskundige, kon ik ineens alleen nog maar roepen: “Ik moet persen, ik moet persen!”. De verloskundige zei me dat dit niet zo was en ik niet mocht of kon persen, want we moesten wachten op een kamer. Het heeft ongeveer een half uur tot driekwartier geduurd tot ik eindelijk over mocht naar een verloskamer. De seconde dat ik op het bed getild werd, vroeg ik jammerend: “Mag ik dan nu alsjeblieft pijnstilling?”. Maar dit ging niet meer. “Je hebt volledige ontsluiting en al enige tijd je persweeën onderdrukt. Je kindje gaat ieder moment geboren worden, dus pijnstilling is geen optie meer”. Ik was op dat moment echt even een paar seconden flink in paniek: “Ik kan dit niet zelf. Ik moet iets tegen de pijn”. Maar na een paar seconden ging juist de knop om en dacht ik alleen maar: Let’s do this.

Om precies 11.00 uur werd onze zoon Jace Alan geboren met 44 centimeter en 2670 gram. Ik was in de wolken en lag te genieten van mijn zoon, waardoor ik totaal en compleet heb gemist dat mijn placenta na 30 minuten nog niet geboren was. Een tweede prik in m’n been had ik al gehad. Toen de placenta eindelijk kwam, werd dit gevolgd door ruim 1.9 liter bloed. Ik zag dat mijn man apart werd genomen door de verloskundige en verpleegster, maar alles ging langs me heen. Pas toen het bloeden gestopt was, hebben ze me verteld wat er gebeurd was en nog geen 5 minuten daarna viel ik flauw. Een bloedtransfusie kreeg ik niet. Ik voelde me ontzettend slap toen ik bijkwam en toen ik mezelf bekeek in een spiegel vanuit bed zag ik alleen maar een heel wit en grauw gezicht. Maar, ik heb een gezonde zoon op de wereld gezet en dat was wat voor mij telde op dat moment.

Enkele uren later in het ziekenhuis moest ik naar het toilet om naar huis te mogen. Ik zat op het toilet toen ik een soort druk beneden voelde en ik keek de verpleegkundige aan wiens gezicht vertrok: “Mevrouw, er is iets niet goed gegaan. Dit gaas lijkt van binnen vastgehecht. Houdt het maar even vast en kom samen met mij terug naar het bed. Wij kunnen dit niet voor je verwijderen, want je bent patiënt van je verloskundige en niet van het ziekenhuis”.

Toen voelde ik me echt ontdaan en heb ik heel, heel hard gehuild. Uiteindelijk na bijna 3 uur gewacht te hebben kwam de verloskundige om het vanbinnen vastgehechte gaas te verwijderen. Hetgeen wat ik het ergst vond was dat ze geen excuus maakte voor de fout die ze gemaakt hadden. “Ach ja zoiets gebeurt nu eenmaal wel eens. Je kunt niet alles goed zien daar zeker niet als er zoveel bloed is”. Aan die boodschap had ik werkelijk niets… ‘s Avonds om 22.00 uur mochten we eindelijk met z’n drietjes het ziekenhuis verlaten om naar huis te gaan. De bevalling zelf was geweldig, maar de verdere ervaring met mijn verloskundige en de behandeling in het ziekenhuis geven me nog steeds kippenvel.

Inmiddels is Jace een grote knul van ruim vier jaar oud. Hij is een echte entertainer en wil het liefst grapjes maken en gek doen. En aan hem is zeker niet terug te zien dat hij met 44 centimeter ter wereld kwam…

ANGELIQUE

Plaats een reactie