Het ziekenhuis adviseert met klem mijn baarmoeder te laten verwijderen, terwijl er een kindje in groeit

| | ,

Vorige maand heb ik mijn eerste deel geschreven van mijn verhalenreeks. Ik deed de ontdekking dat er een baby in mijn baarmoeder groeit, maar tegelijkertijd ook kanker. Hieronder staat mijn volgende deel.

Ik kom thuis en Martijn is er al. Ik val hem in de armen en samen zijn we stil. We hebben geen woorden alleen maar tranen. Wat moet je zeggen als je eigenlijk nog niks weet, behalve dat je kanker hebt?

Onze wereld staat op de kop. Wat gaat dit betekenen voor ons, voor mij en voor de baby in mijn buik? Het is moeilijk en verdrietig om hierover na te denken. We hopen zo op een positief bericht, een week later bij de officiële uitslag. Eerst maar eens de familie en vrienden gaan informeren. Een uitdagende opgave. Hoe ga je je ouders vertellen dat hun dochter een levensbedreigende ziekte heeft? Dat is niet hoe het zou moeten zijn. Steeds ook weer dat woord kanker, het went niet. Velen weten nog niet dat ik zwanger ben. Dit dan ook maar meteen vertellen. Best een moeilijk bericht: het grote verdriet en onzekerheid van kanker en tegelijkertijd het geluk van een baby in de buik. Iedereen reageert anders. Vaak is het ongemakkelijk, want zeg je ‘kut’ of ‘gefeliciteerd’. Wij zeiden steevast: “Begin dan maar met gefeliciteerd”. Wij voelen ons vaak gewoon gelukkig en willen het beste van deze rotsituatie maken. Het houdt ons dag en nacht bezig. Er zijn ook echt wel gelukkige of gezellige momenten. Bijvoorbeeld als één van mijn beste vriendinnen onverwachts ‘s avonds op de stoep staan met een reep chocolade en een doos tissues om met z’n allen keihard te huilen, te knuffelen, te praten en te lachen. Dit soort momenten koester ik en sleept mij er weer even doorheen.

Dinsdag 29 augustus heb ik mijn eerste afspraak in het Radboud. Geen idee wat er komen gaat. Ik ga er samen met Martijn heen, allebei een beetje onzeker, omdat we niet weten wat ons staat te wachten. De gynaecologisch oncoloog geeft aan dat er eerst onderzoeken volgen om de stadia te bepalen en een advies voor behandeling te geven. Ik vind haar geen prettige dame. Martijn geeft aan: “Dit is een tijgerin die kanker bestrijdt. Hoe menselijk moet ze zijn?” Ja, dat is wel zo, maar toch, ik lig daar wel steeds met mijn benen wijd, een beetje medeleven is toch wel fijn. Tijdens de afspraak krijg ik ook een echo en een inwendig onderzoek. Niet prettig, maar prima te doen.

Woensdag 6 september volgt de MRI. Het is appeltje-eitje. Omdat ik zwanger ben, krijg ik geen contrastvloeistof en vaginale gel, enkel een gel die rectaal wordt ingebracht. De MRI duurt gelukkig maar een half uur, dus die tijd stil liggen is geen enkel probleem.

Donderdag 7 september volgt het inwendig onderzoek onder narcose. Dat is voor mij wel een dingetje. Ik zie op tegen dit onderzoek (eigenlijk alles wat met ziekenhuis, narcose en infusen te maken heeft). Minimaal drie chirurgen gaan dan vaginaal en rectaal voelen en kijken, eventueel biopten nemen, om te bepalen wat het stadium van de tumor is. Ik moet mij al vroeg melden, nuchter, geen goede combinatie nu ik zwanger ben. Ik ben best snel aan de beurt. Ik krijg een bed toegewezen. Daar krijg ik een infuus en moet ik een operatiehemd aan. Het is dus echt serieus. Ik word naar de OK gereden. Martijn mag gelukkig zo ver mogelijk mee lopen. Op de OK wordt even kort uitgelegd wat ze gaan doen en dan word ik onder narcose gebracht. Wat voelde dat moment heerlijk. Alsof ik in een hele diepe onbezorgde slaap viel, zonder baarmoederhalskanker. Ik sliep al langer slecht, dus dit voeld3 goed. Ik werd wakker op de verkoever en mocht al snel terug naar de zaal. Daar was Martijn gelukkig. De chirurgen kwamen de patiënten één voor één spreken voor de uitslag van het onderzoek. Zo werd er een vrouw naast mij meegenomen naar een aparte kamer. Ik zei tegen Martijn: ‘Als je zo wordt meegenomen, weet je dat het goed mis is’, aangezien anderen aan bed ‘goed’ nieuws kregen. En zo kwam de dokter aan mijn bed. “Mevrouw Udink, komt u even mee?” De grond zakte weg. Lood in mijn schoenen. Met een geperste glimlach op mijn gezicht zei ik: ‘Ja hoor, ik loop wel mee’ (het onderzoek was meegevallen, dus ik kon meteen lopen, tot verbazing van de chirurg). En zo zitten we in een veel te kleine, benauwde kamer met vijf personen. Het komt er op neer dat er een grote tumor bij de baarmoederhals naar binnen groeit. De MRI is nog niet officieel beoordeeld, maar voor nu lijkt een baarmoederbesparende operatie uitgesloten. Mijn eerste gedachte is: ‘Officieel nog niet beoordeeld, dus dit kan alles nog veranderen’. Ik spreek dit uit, maar dit lijkt uitgesloten. ‘Oke, maar dat betekent dus dat we de tijd kunnen rekken en als de baby er is, word ik geopereerd’. ‘Nee, wachten is zeer onverstandig’, zeggen ze resoluut. Het eerste advies is dus zo snel mogelijk opereren: baarmoeder, lymfeklieren, steunweefsel en ophangbanden eruit, de zwangerschap opgeven en dus nooit meer kinderen krijgen.

Dit nieuws is moeilijk te begrijpen, te bevatten. Iets positiefs eruit halen, lukt niet. Ik kan dit kindje toch niet opgeven? Kan ik mijzelf wel opgeven dan? Kan ik het risico nemen om Martijn en Jazz achter te laten, met of zonder een broertje of zusje? Zo veel vragen en onzekerheden. Ik stap in stilte en huilend de lift in. Ik kijk naar Martijn en zie net zo veel verdriet en angst in zijn ogen. Er waren meerdere scenario’s van redelijk positief tot negatief. We hoopten zo op het eerste en nu lijkt het ergste, onze nachtmerrie, werkelijkheid te worden.

Een onrustige, emotionele week volgde. In deze week ben ik heel veel gaan lezen over baarmoederhalskanker, ervaringsverhalen vergelijkbaar met mijn situatie en alternatieve geneeswijzen. Zo vind ik het verhaal van een vrouw met een grote tumor, ontdekt bij circa 16 weken zwangerschapsduur. In Nederland wilden ze ook direct opereren en zij zocht een andere weg. Zij heeft hierover een boek geschreven en ik las dat zij door een Belgische professor behandeld is. Ik heb haar een bericht gestuurd via Facebook. Wie was die Belgische professor? Ik heb haar uiteindelijk meerdere malen gesproken. Zij is één van de succesverhalen. Ik ben me er bewust van dat er ook zat verhalen anders aflopen zijn. Maar toch, ik moest toch wel dezelfde kansen als zij heeft hebben? Waarom zou ik anders zijn? Daarnaast ben ik ook via via in contact gekomen met iemand met uitgezaaide kanker. Hij heeft zich verdiept in alternatieve geneeswijzen die kanker kunnen genezen. Ik ga met hem en zijn vrouw koffie drinken. Hij gebruikt CBD-olie en wietolie. Hij heeft hier goede ervaringen mee. Hij en zijn vrouw begrijpen de moeilijkheid van mijn situatie, maar zeggen toch dat zij voor de operatie zouden gaan. Logisch ook, waarom iets doen wat je leven op het spel zet, terwijl je kansen best goed zijn als je je nu laat opereren. Deze waarom is een baby in mijn buik! Ik sta open voor zijn ideeën en via hem kom ik ook aan CBD- en wietolie en start hier direct mee. Ik slaap weer een nacht. Hierdoor voel ik me overdag zo veel beter en wie weet wat het met de tumor doet.

12 september volgt de officiële uitslag. De MRI is beoordeeld en mijn dossier is in het MDO besproken. De MRI en uitslag van inwendig onderzoek spreken elkaar tegen. De MRI zegt stadia 1bII en inwendig onderzoek 1bI. Men gaat uit van het kijken en voelen, het inwendig onderzoek dus. De tumor is groot, zo’n 4×5 centimeter en groeit naar binnen, naar de baarmoeder toe. Het volgen van de tumor is dus niet makkelijk en hij groeit al tegen de lymfeklieren aan. De chirurg kiest voor haar patiënt, dat ben ik, en niet de baby. Mijn kansen zijn onzeker als we wachten met opereren en starten met chemotherapie. Deze weg is in mijn geval experimenteel en daar gaan zij niet voor. Het advies is en blijft: zo snel mogelijk opereren, de baarmoeder en lymfeklieren eruit en de zwangerschap opgeven.

Dit is zo onbeschrijfelijk kut. Ik had toch echt zo graag een andere optie gehoord. Je voelt je zo machteloos op zo’n moment. We krijgen een paar dagen bedenktijd, maar ons wordt op het hart gedrukt niet weken te wachten. We hadden het erg moeilijk met z’n tweeën. Dit is geen keuze, te moeilijk. Kies je met gevoel of verstand? Kan ik een risicovolle keuze maken en ben ik daarmee bereid het risico te aanvaarden dat ik dood kan gaan en ook dit kindje? En stel dat ik dood ga en kindje overleeft, kan Martijn door als alleenstaande vader, weduwnaar verder met één kind of misschien wel twee kinderen? Emotioneel complexe vragen waar niemand je mee kan helpen. Wij kwamen er ook niet uit. We waren nog niet klaar om een keuze te maken. Toch de arts gebeld of we nog een keer mochten praten met haar. Ja, dat mocht. We hebben medisch alles weer helder op het netvlies gezet. Wat als je opereert, wat als je kiest voor chemotherapie, wat zijn de overlevingskansen en wat de risico’s? Het hoofd tolt weer opnieuw en een keuze blijft nog steeds uit. De arts geeft zelf aan dat ze nog een specialist op dit gebied (kanker tijdens zwangerschap) wil benaderen en mijn dossier wil bespreken. Ja graag, natuurlijk! Toevallig had ik deze professor zelf als second opinion bedacht. Martijn en ik besluiten samen dat als deze Belgische professor ook zegt dat opereren de beste optie is, we daarin meegaan.

Na een paar dagen volgt een telefonisch gesprek met mijn arts. We zaten in de auto en er werd anoniem gebeld, het ziekenhuis dus. De zenuwen bekruipen ons direct. We nemen op en horen dat ook de Belgische professor direct opereren adviseert. De grond verdwijnt weer onder mijn voeten. We hadden afgesproken dan toch voor de operatie te gaan. Ik kijk Martijn aan en zeg met dikke tranen: ‘Plan de operatie maar’. Hij rond het gesprek met de arts af en twee weken later staat de operatie al. Ik voel me verscheurd, verdrietig, boos, machteloos. Ik heb het gevoel dat dit niet de juiste keuze is. Elke vezel in mijn lijf, ook die met kanker, zeggen mij dat ik moet vechten voor dit kindje, ook met de eventuele gevolgen voor mij.

SANNE

Plaats een reactie