Geboorteverhaal: “Mijn helse autorit naar het ziekenhuis was voor niets, ik had gewoon thuis kunnen bevallen”

| | ,

Ik ben 40 weken zwanger en er helemaal klaar mee. Deze zwangerschap valt me zwaar vanwege de Hyperemesis Gravidarum. Daarom heb ik mijn verloskundige gevraagd of ze mij wil strippen mocht de baby er bij 40 weken nog niet zijn. Over de uitgerekende datum gaan, trek ik echt niet en aangezien ik wel graag thuis wil bevallen, is strippen de beste optie.

Om 12.30 uur komt mijn verloskundige binnen. Na het horen van het hartje, wil ze even voelen of er al ontsluiting is. Die is er, al twee centimeter! Het strippen zelf voelt niet fijn, maar wanneer de verloskundige zegt dat ze het hoofdje al kan voelen en de baarmoedermond al wat verstreken is, neem ik het voor lief. Nu is het afwachten of er weeën gaan komen. Rond 14.00 uur begin ik wat krampjes te krijgen. Maar echt weeën kan je het niet noemen. Olov denkt dat de bevalling gaat doorzetten en besluit de kinderen alvast naar zijn moeder te brengen. Dus tasjes worden ingepakt. Ik krijg een kus en het huis is ineens leeg. Ik heb zin in eten en dan speciaal in een frikandel speciaal en patatjes. Olov gaat even langs de snackbar en we zitten lekker in de tuin, in het zonnetje te genieten. Tijdens een hap, het is inmiddels 17.00 uur, voel ik een wee. Maar pijnlijk kan je hem niet echt noemen. Ik moet hem even wegzuchten en ga daarna vrolijk door met eten.

We besluiten na het eten op bed te gaan, want het zal waarschijnlijk nachtwerk worden. Na het eten gaan we naar boven en pompen nog wat lucht in het bevalbad. Dat ding staan al drie weken klaar, dus deze kan wel wat lucht gebruiken. In de tussentijd merk ik dat de weeën pijnlijker beginnen te worden. Ik zeg tegen Olov dat hij maar moet gaan slapen, want voor mij zit slaap er niet meer in. Ik ga naar beneden en installeer me op de bank. Het is 20.00 uur wanneer de Jongens tegen de Meisjes begint en ik puf tijdens het programma een paar weeën weg. Ze komen nu om de 10 minuten maar houden nog geen 20 seconden aan. Ik besluit om 20.30 uur toch even de verloskundige te bellen. Elise neemt al snel op. Wanneer de weeën echt een uur lang een minuut aanhouden, mag ik weer bellen. Ik hang op en op dat moment krijg ik zo’n wee waar je u tegen zegt. Zo’n één waarvan je echt weet: “Dit is het”. Ik spreek met mezelf af dat als deze weeën er om 21.00 uur nog zijn, ik naar boven ga en Olov moet wakker maken. Ik probeer nog wat mee te krijgen van het tv-programma, maar het kost me veel moeite. De weeën komen om de vijf minuten en ze duren zeker een dikke minuut. Man! Wat doen die krengen pijn! Goddank begint de reclame. Het is 20.45 uur en ik trek het niet meer. Ik heb manlief nodig om over mijn rug te wrijven, want net zo als bij de vorige twee bevallingen heb ik enorme rugweeën. Ik strompel de trap op en geef mijn man een duwtje. Hij zit gelijk rechtop in bed en één blik op mij is genoeg. “Ik ga de verloskundige bellen en zet het bad aan”, zegt hij. Goddank doet hij al het regelwerk.

Om 21.00 uur komt Elise binnen. Na het begroeten wil ze toch even kijken hoeveel centimeter ontsluiting ik heb. Zelf verwacht ik op 3 hoogstens 4 centimeter te zitten. Ik schrik dan ook enorm wanneer Elise zegt dat ik al op 7 centimeter zit. De kraamhulp wordt gebeld en zowel Elise, Olov als ik verwachten niet dat ze op tijd zal komen. Inmiddels zit er een laagje water in het bevalbad en ik mag er in gaan zitten. De pijn is gelijk wat minder en de weeën komen niet meer zo kort op elkaar, maar wel intenser. Ik zit nog geen half uur in bad en ik heb het gevoel dat ik moet persen. Ik mag mee duwen. Om 22.00 uur komt de kraamhulp binnen lopen. “Toch nog op tijd”, denk ik nog. Ik ben nog steeds aan het meeduwen, maar er gebeurt niets en ook de weeën nemen in intensiteit af. Elise besluit mijn vliezen te breken in de hoop dat dit het zaakje zal versnellen. En jawel hoor, daar zijn die krengen weer. Omdat ik steeds meer persdrang krijg, kijkt Elise hoeveel centimeter ontsluiting ik heb. Nog steeds maar 7 centimeter en ondertussen is het al 23.30 uur. Ik ga uit het bad om te kijken of beweging helpt. Ik waggel naar het bed en ga liggen. Ik merk dat mijn hele lijf op is. Ik val tussen de weeën door bijna in slaap. Negen maanden lang spugen en nauwelijks eten eist zijn tol. Na een half uur wil Elise toch even checken hoe het er voor staat. Nog steeds 7 centimeter. Tijdens het voelen zegt Elise dat de baby in sterrenkijkpositie ligt. Hij ligt niet goed tegen het randje aan waardoor de ontsluiting niet vordert. Ik zak zelfs weer terug in het aantal centimeters. We doen nog een poging onder de warme douche. Ik heb nog steeds persdrang, maar moet de weeën wegzuchten. Geloof mij: weeën wegzuchten met persdrang is hel. Het enige wat mijn lijf wil is duwen en dat mag niet. Na een half uur onder de douche vindt Elise het niet langer verantwoord en wordt er besloten dat we naar het ziekenhuis gaan. Vraag me niet hoe, maar ineens heb ik kleren aan en sta ik buiten bij de auto. De weeën komen nu minder snel, maar de persdrang is er nog steeds. Onderweg naar het ziekenhuis zeg ik tegen mijn man dat het een keizersnede gaat worden. Ik ben fysiek kapot. Ik kan niet meer en de pijn is niet te stoppen. Het enige wat ik nog wil is slapen. Ik voel gerommel in mijn buik en het lijkt alsof de baby draait. Ondertussen zucht ik weer een wee weg. Het niet meepersen lukt me amper.

Het is 01.45 uur wanneer we in de parkeergarage van het ziekenhuis staan. Ik word in een rolstoel geholpen en al rennend word ik naar de verloskundeafdeling geracet. Welke idioot bedacht heeft dat de verloskundeafdeling op de eerste verdieping, achterin het ziekenhuis is, verdient het om gestraft te worden. De persdrang is op dit moment niet te houden. Ik word naar een kamer gereden en Elise loopt naar de balie. Na wat een eeuwigheid lijkt te duren, maar in werkelijkheid nog geen vijf minuten zijn, komt de dienstdoende verloskundige samen met Elise de kamer binnen. Ik moet uit de rolstoel op het bed komen liggen. Want er moet alweer gekeken worden hoe ver de ontsluiting is. Ik weet niet hoe ik uit de rolstoel moet komen. De persdrang is zo heftig dat ik niet kan praten en niet meer kan nadenken. Ik zit in een bubbel en wil dat iedereen oprot en van me af blijft. Ik word op het bed getakeld door Elise en Olov. Mijn broek en onderbroek worden nog net niet van mijn lijf gescheurd. Eenmaal op het bed wordt er weer gekeken naar de ontsluiting. Ik word nu echt pissig van iedereen die de hele tijd met zijn vingers in me zit! De verloskundige van het ziekenhuis kijkt me verontschuldigend aan en ik geloof mijn oren niet wanneer ze zegt dat ik volledige ontsluiting heb. Godverdomme! Dat helse ritje van 20 minuten naar het ziekenhuis is helemaal voor niets geweest! Ik had gewoon thuis kunnen bevallen. Ik mag met de volgende wee gaan meepersen. Nou dat hoeven ze me geen twee keer te zeggen. Met alle laatste kracht die ik in me heb, wordt in twee persweeën Grady geboren.

Uiteindelijk heb ik 4 uur lang op 7 centimeter gezeten. Een kwartier voordat we richting het ziekenhuis gingen, zakte ik terug naar 6 centimeter. Maar door het gehobbel tijdens het rijden is Grady waarschijnlijk gedraaid waardoor de ontsluiting in rap tempo vorderde. Elise denkt zelf dat als ze had gecheckt in de parkeergarage, ik toen waarschijnlijk al op de befaamde 10 centimeter had gezeten.

CHANTAL

Plaats een reactie