Y. (13 jr) wordt gepest, maar tijdens de lunch verandert het naar mishandeling en besluit hij aangifte te doen

| | ,

Ik start ons verhaal met te vertellen dat ik zelf vroeger erg gepest ben. Als mijn zoon Y. thuis kwam met verhalen dat ze hem weer gepest hadden, deed het mij als moeder altijd erg veel pijn, omdat ik weet hoe het voelt. Y. heeft een klas overgeslagen. Hij is slim, maar sociaal emotioneel kon hij het niet goed bijhouden. Op dat moment was hij 13 jaar en zat hij in de derde klas van het middelbaar. In de klas schelden kinderen soms twee jaar met hem, dat maakte het extra lastig, want die kinderen waren in alles al veel “ouder” dan Y. Vaak was zijn zus zijn redder in nood. Zij redde hem dan weer uit de handen van de kinderen die hem aan het pesten waren. Het pesten bestond uit hem op de kast te krijgen, zodat hij boos werd en ze hem uit konden lachen, insluiten en hem heen en weer konden duwen. Ook sloten ze hem vaak buiten. Kinderen hebben openlijk toegegeven in de klas dat hij het pispaaltje was, een makkelijk doelwit.

Even verder terug de tijd in. We hadden goede hoop dat alles na de basisschool, op het middelbaar beter zou gaan. Maar ze hadden hem er het eerste jaar weer uitgepikt als pispaaltje van de klas. Gelukkig had hij een hele lieve mentor die hem het jaar door gesleept heeft. Toch zagen kinderen ondanks een verbod op school voor het maken van foto’s de kans hem dat jaar na gym op de foto te zetten, gelukkig kwamen we er snel achter en bleef de schade beperkt. Hier is meermaals hard tegen opgetreden door school.

Het tweede jaar had hij voor een deel een nieuwe klas. Gelukkig kan hij het met een paar meiden goed vinden, maar deze zaten beide sinds het derde schooljaar in een andere klas. Tijdens de pauzes zoeken ze elkaar op en hebben ze het gezellig, tot die ene pauze. De lunchpauze op dinsdag 3 september 2019. Alles verandert ineens door één onbekende schoolgenoot…

Dinsdag 3 september

Als ze tijdens de pauze gezellig samen zijn, komt er een jongen op onze zoon aflopen. Hij schopt het waterflesje, wat Y. in zijn handen heeft, uit zijn handen. Wanneer mijn zoon vraagt waarom hij dit doet, gaat de jongen agressief voor hem staan en zegt tegen Y. dat hij hem moet slaan. Y. vind dat hij normaal moet doen en duwt hem zacht aan de kant. Voor hij het weet, krijgt hij van de jongen een harde duw terug gevolgd door één of twee vuistslagen in zijn gezicht. Y. gaat neer met een hevig bloedende neus. Een getuige zegt me later dat hij heel hard heeft gehuild en daarna knock-out gaat. Wanneer hij op de grond ligt, stormen alle kinderen naar buiten en filmen het hele gebeuren. De leerkrachten zien het gebeuren en springen, bijna zonder treden van de trap, naar beneden. Als ze bij hem komen, is hij weer bij bewustzijn en huilt hij.

Rond de klok van 12 ben ik na een boodschap bijna thuis als mijn telefoon gaat. Meteen voelt het niet goed en zet ik de auto aan de kant. Ik krijg een leerkracht aan de telefoon die mijn vertelt dat ik beter even naar school kan komen omdat Y. een bloedneus heeft. Ze vertelt me dat hij een klap op zijn neus gehad heeft. Gelukkig is de school amper 5 kilometer bij ons vandaan en ben ik al op de helft. Als ik op school aankom rijden, zie ik hem al zitten midden op het grote voetbalveld. Om hem heen staan drie of vier leerkrachten. Ik gooi de auto aan de kant en ga snel naar hem toe. Onderweg komt de leerkracht die mij gebeld heeft, me al tegemoet en vertelt me wat er gebeurd is. Dan pas hoor ik dat hij slachtoffer is geworden van zinloos geweld. Zomaar geslagen op de plek waar je je eigenlijk veilig moet voelen.

Zodra ik bij hem kom, begint hij weer erg te huilen. Dan volgen de woorden: “Mama ik denk dat hij mijn neus gebroken heeft”. Ik wimpel dit nog weg met de woorden: “Dat zal wel meevallen”. Zijn neus begint ondertussen wat te spetteren en we besluiten hem naar binnen te brengen. Hij geeft aan dat hij zich helemaal niet lekker voelt, dus we ondersteunen hem en lopen voorzichtig met hem naar binnen. Binnen wordt er overleg gepleegd: bellen we een ambulance of gaan we zelf naar de dokter? Ik besluit hem in de auto te zetten en zelf naar de huisarts te rijden. De school is afgelegen en het is rondom officieel éénrichting verkeer. Omdat Y. zich helemaal niet lekker voelt, besluit ik de regels te laten voor wat ze zijn en toch tegen het verkeer in te gaan. Het is midden op de dag, dus kom ik geen auto tegen, en door dit te doen kunnen we sneller bij de dokter zijn.

Bij de dokter wordt hij meteen naar een kamer gebracht. De assistente kijkt en roept al snel de dokter erbij. De dokter vraagt nadat ze naar hem gekeken heeft, wat ik vind van zijn neus. Als ik naar hem kijk, krijg ik een vreemd gevoel door mijn lijf. Ik besef dat hij gelijk heeft gehad toen hij zei: “Mama ik denk dat hij mijn neus gebroken heeft”. Er wordt gebeld met de SEH. Hier geven ze aan dat een gebroken neus gezwollen is en dat we het vijf dagen moeten aankijken. De huisarts zegt me dat we altijd nog kunnen bepalen of we met hem naar de KNO-arts willen. De huisarts maakt de verwijzing in orde en dan is het afwachten. Op naar huis en de politie bellen voor aangifte van mishandeling. Helaas moeten we hiervoor ruim een week wachten. Heel even gaat alles in slow motion, tot we dezelfde middag al gebeld worden door de assistente van de KNO-arts. Deze heeft de verwijzing gelezen en wil Y. de volgende dag al zien.

Woensdag 4 september

We moeten in de middag in het ziekenhuis zijn. Als we bij de KNO-arts binnen komen, is het oordeel er snel. “Die neus is gebroken”, zegt hij. Waar de huisarts zei dat ze het waarschijnlijk makkelijk en snel zouden rechtzetten, zegt deze arts dat ze het operatief goed gaan zetten. Ergens valt er een last van mijn schouders. Je wilt helemaal niet dat je kind onder narcose gaat, maar je wilt ook dat het goed gaat en geen pijn doet.

Als we thuis zijn, word ik gebeld: het is de politie. Zij willen die avond nog langs komen voor de aangifte, aangezien dit om een zware mishandeling gaat. Om 19:00 uur komt er een politiebus voor rijden. Zodra de agenten plaats nemen aan de tafel, breek ik. Het is allemaal zo onwerkelijk. Na het gesprek, worden er foto’s gemaakt voor in het dossier. Als de agenten weer weg zijn, maken we ons klaar voor bed, want we moeten voor 7 uur ‘s ochtends weg om op tijd in het ziekenhuis te zijn.

Donderdag 5 September

In het ziekenhuis worden we naar de kamer gebracht waar hij klaar gemaakt. Als het infuus zit, moeten we nog heel even wachten, maar wat is hij toch stoer! Rond half 9 mag hij naar de OK. Het wachten duurt maar even zeggen ze. Helaas klopt dit niet. Ik zit al even te wachten als er een zuster komt en zegt dat hij een beetje lastig wakker wordt en dat ik nog wat langer moet wachten. Oké, het is niet anders en heb geen keus. De tijd tikt langzaam voorbij als er na opnieuw een half uur een zuster komt. Ze vertelt me dat hij nog altijd niet wakker is. Het komt omdat hij tijdens de reconstructie van zijn neus reageert met zijn hartslag. Dit betekent dat hij (ook al weet hij daar niets van) pijn heeft, hierdoor geven ze hem een extra dosis pijnstillers en daardoor duurt het langer voor hij bij komt. Het is 10 uur geweest als ik eindelijk gehaald word en weer bij hem mag. Gretig pakt hij blindelings zijn favoriete knuffels bij hem die ik stevig heb vast gehouden toen ik zat te wachten. We mogen snel naar de afdeling. Y. slaapt af en toe tot de KNO arts rond 14.00 uur verslag komt uitbrengen: zijn neus was echt flink gebroken. Rond 14:30 uur lopen we het ziekenhuis uit, op naar huis, uitrusten van de afgelopen dagen.

Eenmaal thuis komen er berichtjes binnen van kinderen dat ze spijt hebben. Ze hebben spijt van het pesten en van wat ze het eerste jaar gedaan hebben. Ze hebben eigenlijk geen idee waarom ze het gedaan hebben, maar waarschijnlijk omdat ze er bij hebben willen horen en erop hoopten zelf niet gepest te worden. Het is vreselijk dat er een mishandeling voor nodig was om kinderen dit te laten in zien. De jongen die hem geslagen heeft, is gestraft. Zowel op school als door de officier van justitie. Dit alles door getuigen, aangezien Y. niets meer weet. Het is ook dankzij hun, dat we weten wat er gebeurd is.

Helaas is de jongen die in de eerste klas van de foto’s nu weer flink aan het pesten. Hij heeft Y. onlangs met een stok tegen zijn schenen willen slaan slaan. Vandaag heeft hij Y. geschopt met een blauwe plek tot gevolg. Weglopen heeft geen zin, want hij laat hem niet met rust. We hopen nu dat school in gaat grijpen. Verder kan ik zeggen dat het goed gaat met onze zoon. Hij heeft hele goede hulp om de mishandeling een plek te geven en om te leren hoe hij om moet gaan met pesters.

ANN

Plaats een reactie