Geboorteverhaal: “Liv zat vast in het geboortekanaal”

| | ,

Het begon allemaal te rommelen op dinsdag 16 oktober. Ik kreeg menstruatiepijn en dacht: “Oh, zou het begonnen zijn?”. Het pijnlijke gevoel bleef, maar werd niet heftiger. Mijn man en ik zijn de hele nacht wakker geweest. De hele week hield ik dat gevoel en dacht ik: “Zullen het dan oefenweeën zijn?” Ik had dit natuurlijk op internet opgezocht, want je weet niet wat je moet verwachten met een eerste kindje.

Dinsdag 23 oktober

Ik ging rond 8.30 uur naar de wc en daar verloor ik mijn slijmprop. Ik had ‘s morgens met mijn moeder en mijn zusje afgesproken om even gezellig naar de markt in te gaan. Ik appte mama dit nieuws en ze belde me gelijk op. “Ooooooh, ik had dat ook en vijf uur later was jij er”. “Oh, echt?!”, dacht ik maar op internet las ik aan de andere kant dat het dan ook nog twee weken duren, dus ik wilde wel mee gaan naar de markt. Met een vuilniszak onder mijn billen in de auto gingen we op weg.

In de middag had ik nog een controle. Alles was goed.

Woensdag 25 oktober 2.00 uur

De voorweeën waren begonnen. Ik moest die nacht echt veel plassen en ik had een beetje krampen. Het voelde anders dan die week ervoor. “Dit moet het zijn”, dacht ik. Ik durfde Jour nog niet wakker te maken en ik probeerde te slapen. Rond half 4 heb ik hem toch wakker gemaakt en gezegd dat ik dacht dat het echt begonnen was. Samen sliepen we weer verder. Ik viel in een lichte slaap en plotseling schrok ik wakker om 5.45 uur. Ik dacht dat ik in bed aan het plassen was. Ik schreeuwde: “Ja, het is begonnen. Ik verlies vocht! Ik verlies vocht!” Jour schrok zich rot en stond naast zijn bed. Ik waggelde naar de badkamer en ging onder de douche staan. Samen keken we naar het vruchtwater op de grond. Joury zei: “Oooh, moeten we nu de verloskundige bellen? Wat moeten we nu ook alweer doen?” Ik keek nog een keer goed naar de grond en antwoordde: “Nee, het is niet groen of bruin, dus dan is het goed en moeten we gewoon even wachten”.

Rond 7.00 uur belden we de verloskundige en zij zou om 8.45 uur even langs komen om te kijken. Toen ze er eenmaal was, heeft ze gekeken hoeveel ontsluiting ik had: 3 centimeter. “Oooh yes”, dacht ik, “nog 7 centimeter te gaan!” Ze zou om 12.00 uur terugkomen om dan nog eens te checken en af te spreken hoe laat we naar het ziekenhuis zouden gaan. Toen ze er iets over twaalven was, waren mijn weeën heftiger geworden en zat ik op 4,5 centimeter ontsluiting. We spraken af om half 3 naar het ziekenhuis te gaan. Tegen12.45 uur had ik een beetje paniek. Ik dacht ineens: “Ooh nee, ik moet straks natuurlijk met weeën de auto in. Hoe ga ik dat dan doen?” Ik zei tegen Joury: “Bel de verloskundige maar en vraag of we eerder kunnen komen, want ik ben bang dat de weeën straks nóg heftiger worden en ik niet meer de auto in durf te gaan”. Wij mochten direct onze spullen pakken en naar het ziekenhuis toe! Het was ongeveer een kwartiertje rijden. Ik kon de weeën in de auto goed opvangen en ik werd in een rolstoel onze kamer ingereden. Daar wist ik gelukkig nog niet wat me allemaal te wachten stond…

Rond 14.30 uur keek de verloskundige en zat ik op 5 centimeter ontsluiting. Het schoot niet erg op. Ik baalde, maar het kon ook ineens snel gaan natuurlijk. We overlegden even en het kwam erop neer dat de verloskundige rond 17.00 uur mijn vliezen zou breken. Ik verloor al vocht, maar het bleek dat ik een klein scheurtje in mijn vliezen had. Toen ze mijn vliezen volledig hadden gebroken, hebben ze me aan de weeënopwekkers gezet. Mijn weeën werden toen intens en ze kwamen heel snel achter elkaar. Mijn vriend heeft vaak gezegd hoe sterk hij mij vond en hoe goed ik het deed. Om half 7 kwam er een verpleegkundige bij mij kijken en zij zei: “Oooh, als ik jou zo zie, heb je helemaal geen ruggenprik nodig en kan je dit zelfstandig”. Ik snapte niet echt waarom ze over die prik begon. Maargoed, ik zat in een bubbel, dus ik liet het los. Ondertussen zat ik op 6,5 a 7 centimeter ontsluiting tot er even later weer een andere verpleegkundige de kamer in kwam om een ruggenprik te verzorgen. Ik hoorde het vast verkeerd, want ik had er niet om gevraagd. Mijn vriend zei: “Nee, ze wil helemaal geen ruggenprik”. “Oooh, wat stom. Ik ben op de verkeerde kamer”. Het was erg druk in het ziekenhuis. Er waren veel bevallingen bezig en ze hadden te weinig personeel.

De weeën begonnen steeds heftiger te worden en ik had het gevoel dat ik bijna kon gaan persen. Ik zat op 8 centimeter ontsluiting. Toen het 22.00 uur was, had ik 10 centimeter ontsluiting en kon ik gaan persen! Pfff, wat een persweeen, maar ook deze kon ik redelijk goed aan. Ik hield me sterk. Om 23.00 uur was er nog steeds geen baby. Er kwam een gynaecoloog op de kamer en hij keek even mee. Hij zei: “Dit gaat niet lukken. We gaan de vacuümpomp erbij pakken, goed?”

Ik vond alles prima, want ik was zo ontzettend moe en ik wilde onze baby graag in mijn armen. Na vier keer proberen, schudde de man zijn hoofd en zei: “Sorry, dit werkt niet. Je krijgt toch een keizersnede”. De verloskundige haalde mij van de weeënopwekkers en met verbazing zagen we de weeën zakken. Mijn lichaam had het ook al opgegeven en zich er bij neergelegd.

Ik kreeg uiteindelijk toch die ruggenprik en op 26 oktober 2018 om 00.06 uur is ons mooie meisje Liv geboren. We waren zo ontzettend gelukkig en dankbaar! De volgende dag kregen we te horen wat de oorzaak was van alles en waarom het niet natuurlijk lukte. Liv zat vast in het geboortekanaal waardoor ze net dat ene knikje niet kon maken om eruit te komen. Heel vervelend, maar het is gelukkig allemaal goed gekomen! Ik zou het zo weer doen, want het is het allermooiste wat er is!

MELISSA

Plaats een reactie