Ferre werd geboren en toen was het oorverdovend stil…

| | ,

Ik kijk naar het overzichtsbord als ik de verloskundigenpost binnen stap. Er is niemand aan het bevallen. ‘Niks te bevallen?’, vraag ik aan mijn collega Vera. ‘Ja, één iemand. Ik hoopte dat ze bevallen zou zijn voordat jij kwam, maar helaas’, antwoordt ze. ‘Oh, maar geen CTG?’, wijs ik naar het overzichtsscherm. ‘Nee, het kindje is overleden. Een IUVD,’ zegt Vera. Een IUVD is een intra uteriene vruchtdood. Dit betekent dat het kindje in de baarmoeder (intra uterien) is overleden. ‘O, jakkes, wat afschuwelijk,’ antwoord ik en pak een stoel om het verhaal van Vera te horen. Het hoort bij mijn vak, IUVD’s. Ik vind het zelfs mooi om te begeleiden, maar voor de ouders is het verschrikkelijk. Als het kindje pas aan het einde van de zwangerschap overlijdt, dat vind ik het zelf het meest heftig. Een volgroeid kindje met een mooi gewicht, maar zonder teken van leven. Bij deze baby kwamen ze erachter dat het niet meer leefde bij een zwangerschapsduur van 39 weken. Slechts één week voor de uitgerekende datum. Ik hoor het verhaal van Vera aan. Het gaat om Marloes en Fernando, beiden begin dertig. Het is hun eerste kindje en de zwangerschap verliep vlekkeloos. Normale echo’s en normale controles, totdat ze afgelopen woensdag de verloskundige belden, omdat Marloes de baby niet meer voelde bewegen. De verloskundige kwam bij het stel thuis langs, maar kon geen harttonen vinden. Ze heeft Marloes direct naar het ziekenhuis verwezen waar de gynaecoloog met de echo heeft bevestigd wat hun vermoeden was: het hartje klopte niet meer. De wereld van Marloes en Fernando stortte in. Sinds die woensdag zijn ze in een rollercoaster gestapt die maar door blijft gaan. Na het slechte nieuws wilden ze naar huis. Ze hebben vrienden en familie ingelicht en zelfs al gesproken met een begrafenisondernemer. Er was afgesproken om de volgende dag terug te komen voor een gesprek met de gynaecoloog over hoe verder. Dat was gister. Tijdens dat gesprek waren Marloes en Fernando heel duidelijk. Ze willen alles onderzoeken wat maar mogelijk is. Ze willen de doodsoorzaak van hun kindje weten. Ook hoopten ze dat de bevalling zo snel mogelijk zou beginnen. Het idee dat er een dood kindje in haar buik zat, kon Marloes niet verdragen. Ze zijn in het ziekenhuis gebleven om de bevalling op te wekken. Het duurde niet lang voordat er wat gebeurde en vrij vlot daarna braken de vliezen van Marloes. Het nam in alle hevigheid toe en ze wilde pijnstilling. De ruggenprik die ze heeft gekregen werkte direct. Na de ruggenprik is de ontsluiting vlot gegaan. Marloes heeft al enkele uren volledige ontsluiting (10 centimeter). Mede door de goed werkende ruggenprik voelt ze nog niet dat ze moet persen. Ze kan zelfs een beetje slapen tussendoor, want dat is de afgelopen nachten niet gelukt.

Ik neem Vera’s plaats in achter de computer en log in. Ik duik in het dossier van Marloes en Fernando. Ik wil goed beslagen ten ijs komen als ik hun kamer binnen stap. Ik ben vandaag samen met Erna, zij is verpleegkundige en zorgt ook voor dit stel. Samen kletsen we even en lopen naar kamer 42. Voordat ik de verloskamer binnen stap, neem ik een diepe ademteug. Om wat moed te verzamelen en om mijn professionele pet even op te zetten bij dit intens verdrietige verhaal. Als ik teveel mee ga in de situatie, huil ik mee. Daar hebben Marloes en Fernando niets aan. Ik doe de deur open. Radio 538 staat op. Marloes eet een bakje yoghurt en Fernando ligt languit naast haar op een tweede bed die tegen Marloes haar bed is aangeschoven. Ze zijn een stel als ieder ander. Alleen staat er geen groot CTG-apparaat naast het bed dat een vrolijk kloppend hartje laat horen. ‘Goedemorgen,’ begin ik. ‘Mijn naam is Lisa, verloskundige van vandaag. Ik heb het overgenomen van Vera. Wat ontzettend verdrietig wat jullie mee moeten maken,’ ik uit mijn medeleven terwijl ik een stap opzij doe om Erna zich te laten voorstellen. We krijgen een glimlach terug. Ik pak een stoel en schuif die aan het bed van Marloes. Erna doet hetzelfde. We praten een tijd. Er komen veel tranen. Marloes vertelt over het wiegje die zo mooi thuis naast hun bed staat. Het hemeltje die Fernando’s moeder met liefde heeft gemaakt en alle spulletjes die de lang verwachte baby al in zijn bezit heeft nog voor hij geboren is. “Het is een jongetje”, vertelt Fernando met trots. Achter zijn vochtige ogen zie ik een glimlach als hij het over hun zoontje heeft. ‘Hij heet Ferre’, gaat Marloes verder. ‘Iedereen kan maar zo kort van zijn naam genieten dat we hebben besloten om zijn naam alvast bekend te maken.’ Ik complimenteer ze en geef aan dat ik het een prachtige gedachte vind. Ondertussen knipper ik wild met mijn ogen om mijn tranen niet te laten vallen. Erna vraagt naar de wensen van de ouders. Of ze al hebben nagedacht over wat ze straks willen. Of ze Ferre gelijk op Marloes haar borst willen hebben en andere praktische vragen. Ook vragen we wat ze willen met foto’s, aankleden en bezoek. Het is zo knap dat ze er al zo goed over na hebben gedacht. Ze geven aan zoveel mogelijk foto’s te willen van álles en dat als Ferre geboren is ze hem in het water op willen baren. In het water opbaren is een prachtige manier om het kindje mooi en intact te houden tot het afscheid plaatsvindt. Soms zijn kindjes al even overleden in de buik en kan het zijn dat de huid wat loslaat. In het water ziet dit er mooier uit dan als het kindje in een doek wordt gelegd.

De stilgeboorte van Ferre

‘Je hebt nu al enige tijd tien centimeter, maar voel je ook druk?’, vraag ik Marloes. ‘Nee, alleen een beetje een gek gevoel van onder,’ zegt Marloes. ‘Zal ik anders kijken hoe het ervoor staat? Misschien kunnen we proberen te starten met persen.’ ‘Het zal toch eens moeten,’ stemt Marloes in. Nadat ik mijn handschoenen heb aangetrokken neem ik plaats naast Marloes op het bed. Ik schuif het deken af en zie dat Marloes naar Fernando kijkt. Hij pakt haar hand en plant er een kus op. ‘Komt goed schatje,’ fluistert hij. Ik glimlach en doe wat glijmiddel aan mijn handschoen. Op het moment dat ik mijn vingers naar binnen breng stuit ik gelijk op heel zacht weefsel. Ik probeer voorzichtig te voelen. Ik ben verbaasd over de zachtheid van wat ik verwacht had dat het schedeltje zal zijn. ‘Ik wil even goed voelen hoor,’ geef ik aan. Op dat moment voel ik dat er een wee is en komt er een enorme druk op mijn vingers. ‘Voel je dit?’, vraag ik. ‘Mwah, niet echt,’ zegt Marloes. ‘Probeer toch maar eens mee te persen.’ Ze doet wat ik vraag. Erna legt haar uit wat ze moet doen. Ik houd mijn vingers op zijn plek om te kunnen voelen wat er gebeurt bij de volgende wee. ‘Ik ga mijn best doen,’ zegt ze. De volgende wee komt op en Marloes perst op volle kracht mee. Ik voel gelijk progressie en stop met het inwendig onderzoek. ‘Ik voel dat het hoofdje al erg diep in je bekken zit, bijna bij de uitgang’, geef ik aan. ‘Wel voel ik dat het hoofdje vrij zacht is geworden. Dat komt vaak omdat het vocht in het lijfje met de zwaartekracht mee naar beneden zakt op het moment dat het kindje niet meer leeft. Ik verwacht dus dat er veel vocht rondom het hoofdje zit.’ Fernando knikt en ook Marloes lijkt het te begrijpen. Ze kijken nogmaals naar elkaar en ik zie dat de spanning voor het onbekende toeneemt. Ook Erna ziet dit en benoemt het. ‘Ferre komt er aan. Dit gaat je lukken. Je bent bewonderenswaardig sterk,’ zegt Erna tegen Marloes. Marloes knikt zichtbaar verdrietig. Als de tranen van de toenemende spanning eruit zijn, spreken we af ervoor te gaan. Omdat Marloes nog steeds weinig voelt, gaat ze puur op gevoel persen elke keer als ze ook maar de minste druk voelt. Ze begint gelijk en neemt een diepe ademteug. Ze probeert zo goed als het lukt te persen. We nemen de tijd en als Marloes even pauze wil, nemen we die. Na een half uurtje persen zie ik het zachte hoofdje van Ferre iets aan de buitenkant van Marloes haar schaamlippen verschijnen. Het ziet er net zo zacht uit als dat het voelde. De tijd verstrijkt. Marloes doet het super goed. Fernando is helemaal in zijn rol en perst mee. Hij draagt washandjes aan en geeft zijn vriendin geregeld slokjes water. Als Marloes een uur aan het persen is, zie ik al een groot deel van de bovenkant van het hoofdje en verschijnt er wat haar. ‘Ferre heeft meer haar dan jij’, glimlach ik naar Fernando die zijn hand over zijn kale hoofd heen haalt. Fernando begint te stralen en ik zie hoe zijn ogen vochtig worden van de tranen. Ik slik mijn eigen tranen in. Ik kijk naar Erna die lief naar me glimlacht en me een knipoog geeft. Ik beantwoord haar glimlach en we focussen ons weer op Marloes. ‘Ik voel de druk nu ook,’ zegt Marloes. ‘Is dat het hoofdje?’ ‘Zeker’, zeg ik. ‘Het hoofdje is bijna geboren.’ De volgende wee perst Marloes uit volle kracht wel vier of vijf keer. Bij de vijfde keer zie ik hoe het hoofdje verder komt en nagenoeg wordt geboren. Marloes geeft nog één keertje alles wat ze heeft waarna het hoofdje van Ferre tot aan zijn kin wordt geboren. Hij ligt als een sterrenkijker met zijn ogen naar boven. ‘Hij had jullie graag als eerste gezien,’ zeg ik tegen Marloes en Fernando. ‘Hij heeft zijn oogjes naar boven. Een nieuwsgierig mannetje.’ Fernando draait zijn hoofd weg. ‘Ik durf nog niet te kijken,’ zegt hij. ‘Neem je tijd, alles is goed,’ Erna legt haar hand op zijn schouder en pakt de camera. Als een kindje niet meer leeft (spil)draait het niet netjes in het bekken zoals een levend kindje dat doet. Nadat het hoofdje dus geboren is, en de kracht van Marloes voorbij is, glijdt het hoofdje zachtjes naar beneden in plaats van dat het kindje zelf probeert te draaien. Nadat Marloes nog een aantal keren heeft geperst zonder dat de schouders komen, probeer ik het kindje te pakken. Het hoofdje is poreus als ik het aanraak. Het voelt zacht in mijn handen door al het vocht. Ik probeer hem heel licht heen en weer te bewegen, maar zijn lijfje wordt nog niet geboren. ‘Marloes’, zeg ik. ‘Het hoofdje is helemaal geboren, maar de rest van het lijfje komt nog niet. We gaan het proberen samen te doen. Ik ga heel zachtjes aan zijn lijfje trekken, als jij probeert uit volle kracht te persen. Lukt je dat denk je?’ ‘Ik doe mijn best’, Marloes klinkt vastberaden. Ze neemt een diepe ademteug en trekt haar benen ver naar haar toe. Ze perst op volle kracht terwijl ik Ferres hoofdje tussen mijn handen heb en lichte tractie geef. Bij de derde keer persen voel ik beweging en wordt daar het kleine mannetje geboren. Ik leg het slappe, levenloze jongetje op de buik van Marloes en ik merk dat ik mijn adem inhoud. Het blijft stil. En het zal stil blijven. Dit kleine perfecte mannetje leeft niet meer. Zijn kleine voetjes blijven net onder Marloes haar navel liggen en vallen prachtig over elkaar heen. Zijn bos met donkere haren maken van hem een prachtige baby.. Zijn oogjes blijven dicht. Heel voorzichtig dept Erna het bloed en vruchtwater van Ferre af. Ze doet een mutsje op en legt een doek over zijn lijf. Precies hoe Marloes en Fernando het graag wilden. De intense stilte wordt doorbroken als Marloes en Fernando elkaar aankijken. ‘Wat is hij prachtig’, zegt Fernando en hij breekt. Hij laat zijn hoofd vallen op het hoofd van Marloes en streelt met zijn hand het kleine lijfje van Ferre. Alsof door de liefde van Fernando de emoties van Marloes een startsein krijgen,, begint ze te huilen. Heel intens en hartverscheurend. Ze schudt haar hoofd en geeft kusjes op het mutsje van Ferre. ‘Waarom toch kleintje, waarom nou jij?’, zegt ze, ‘je bent zo welkom bij ons. Ik ben zo trots op jou’, fluistert ze in het oortje van Ferre. Mijn ogen vullen zich met tranen en ik doe een stap naar achter. Samen met Erna gaan we op het tafeltje aan de andere kant van het bed zitten. Tranen rollen over mijn wangen en ik zie dat ook bij Erna de tranen vallen. We blijven zitten zonder wat te zeggen. Dit is zo’n intiem moment dat we mee mogen maken. Ik krijg kippenvel over mijn hele lijf. Marloes kijkt naar ons op en ziet ons verdriet. ‘Dankjewel’, fluistert ze. Het lijkt uren te duren dat we daar zo zitten en het is helemaal goed. Op een gegeven moment merken we dat het goed is. Onze tranen zijn gestopt en we stappen terug in de professionaliteit.

Dikke tranen

De placenta moet nog geboren worden en ik richt me tot Marloes, terwijl haar tranen blijven druppelen. ‘Wil je dat ik alvast kijk of de placenta los is?’, vraag ik. ‘Ga je gang’, antwoord Marloes. ‘Hij moet er toch uit’, ze glimlacht. Wat een sterke vrouw. Ik geef medicatie en na hele lichte tractie wordt de placenta geboren. Ik kijk gelijk of er nog gehecht moet worden. Dat is niet nodig. We leggen schone matjes onder de billen van Marloes en dekken haar toe. Erna maakt ondertussen overal foto’s van. ‘Je hebt het gedaan’, zeg ik tegen Marloes. ‘Knap van je.’ ‘Onwijs bedankt. Wat hebben jullie ons fijn begeleid’, zegt Fernando. ‘Goed om te horen’, haakt Erna in. ‘Daar hopen we altijd op.’ Ik steek mijn hand uit naar Marloes. ‘Ik wil je graag een hand geven.’ Ze pakt mijn hand en we kijken elkaar aan. ‘Gefeliciteerd, met de geboorte van jullie prachtige zoon’, zeg ik zacht. Ik zie Marloes haar ogen zich vullen met tranen waarna ze naar Ferre kijkt. ‘Maar ook gecondoleerd’, ga ik verder, ‘Met dit onwijs grote verlies.’ Tranen druppelen op Ferre zijn mutsje. ‘Dankjewel, heel fijn dat jullie erbij waren’, zegt ze nadat ook Erna het stel een hand heeft gegeven. ‘Het deed me goed om jullie tranen te zien. Een teken dat jullie dit werk met heel jullie hart doen.’ ‘Dankjewel’, zeg ik oprecht. ‘Heel graag gedaan.’ Ik knipper mijn opkomende tranen weg. ‘Heel graag gedaan’, zeg ik nog eens. ‘Wij lopen even de kamer af’, zegt Erna. ‘Jullie mogen altijd bellen als er iets is, maar kom even bij samen.’ Marloes en Fernando knikken. Erna loopt richting de deur en ik ga erachteraan. Ik trek de deur achter ons dicht. Met de klink in mijn hand blijf ik staan. Erna draait zich om. We kijken elkaar aan en ik zie dat haar tranen weer over de wangen rollen. Een startsein voor mijn tranen. ‘Dit was heftig hè?’, zegt ze. ‘Dat was het’, zeg ik terwijl ik een arm om haar heen sla. Marloes en Fernando hebben heel fijn afscheid kunnen nemen van hun zoon. Helaas is er geen reden gevonden waarom Ferre is overleden. Zes weken na de bevalling hebben we een nagesprek gehad met zijn vieren. Erna, Fernando, Marloes en ik.

Een goede daad

Het is van belang dat zorgprofessionals zich volledig kunnen richten op de zorg rondom ouders, een ernstig ziek of overleden kind. Daarnaast wil je als zorgprofessional toch graag iets betekenen voor deze ouders. Stichting Make a Memory kan door ouders en via bemiddeling van zorgprofessionals ingeschakeld worden, om ouders en nabestaanden te voorzien van een blijvende herinnering in de vorm van een fotoreportage. Met een netwerk van ruim 130 professionele fotografen kan er geheel kosteloos een reportage gemaakt worden. Deze foto’s onderscheiden zich in positieve zin technisch en inhoudelijk van de foto’s die ziekenhuispersoneel en ouders zelf kunnen maken. Stichting Make a Memory maakt professionele foto’s, een tastbare herinnering, van gezinnen met een ernstig ziek, terminaal of overleden kind. Die tastbare en blijvende herinnering is erg belangrijk in het rouwproces. De foto’s bieden troost en hulp bij de verwerking van het verlies. Wil je iets doen voor de ouders van overleden kinderen? Steun stichting Make a Memory. Doneer nu, klik hier.

Stichting Make a Memory

Ben jij een zorgprofessional? Jij kan op verzoek en in overleg met ouders, Stichting Make a Memory inschakelen. Het ziekenhuis heeft daar een protocol voor. Maar ook de ouders kunnen rechtstreeks bellen om een fotograaf op te roepen. De foto’s kunnen in het ziekenhuis of thuis worden gemaakt.

VERLOSKUNDIGE LISA

Plaats een reactie