Ik was bevallen, maar wilde het liefste de baby teruggeven…

| | ,

Het begon met een kinderwens. Ik begin bij het begin. Aanvankelijk wilden Ward en ik nog even wachten om aan kinderen te beginnen. Maar na onze trouwdag op 14 juli 2018 was dat plan snel van de baan. Liever nu dan later. Na een paar maanden was ik zwanger. Ward en ik waren heel enthousiast en konden niet wachten met het aan iedereen te vertellen, dus dat deden we dan ook. Wachten tot 12 weken? Nee hoor, niet voor ons. Al waren we allebei wel bang dat het nog mis zou lopen, wilden we toch iedereen laten weten dat er een kindje op komst was. Begin 2019 waren we dan ook echt in de zevende hemel.

Mijn zwangerschap

Ik zou mijn zwangerschap niet als zwaar bestempelen, maar gemakkelijk was het ook niet. De eerste 18 weken had ik nogal last van ochtendmisselijk. Ochtendmisselijk is misschien een understatement, want het was de hele dag door. Na de 18de week ging het een paar weken beter. De ochtendmisselijkheid was weg en ik had een mooi rond buikje.

Ik werd somber

Helaas werd het vanaf mei – juni een stuk lastiger, ik was veel aangekomen en zo werd ik ook een stuk minder mobiel. Niet alleen op fysiek vlak was het moeilijker, maar ook op psychisch vlak ging het bergafwaarts met mij. Ik was somberder, negatiever en wilde zo graag dat de bevalling eraan kwam, zodat ik niet meer zwanger zou zijn. Al bij al ging het in mei en juni wel nog oké, want toen werkte ik en had ik iets om handen. Maar toen de vakantie er was, waren er geen extra verplichtingen meer en ik had ook nergens meer zin in. Normaal zou ik wel wat aandacht geven aan de voorbereidingen voor het volgend schooljaar, want ik gaf les in die periode, maar aangezien er geen plaats meer was voor mij, kon ik niet starten in september. Met als gevolg geen nieuwe job en dus ook een vrij lege zomervakantie.

Niets was meer leuk

Begin juli kon ik me nog wat bezighouden met de doopsuikers, kinderkamer, schilderijen maken en wat eigen creatieve projecten. Maar die taakjes waren al snel af, en ik had gewoon geen zin om nieuwe dingen te verzinnen. Ik vulde mijn dagen met TV-kijken en bezig zijn op mijn laptop en telefoon. Die zomer voelde als een langgerekte luie dag, terwijl ik normaal een bezige bij ben. Ik had geen zin om dingen te doen en het lukte ook echt niet meer. Zo probeerde ik eind augustus een nieuw schilderij te maken, maar ik kwam niet verder dan een grote bruine vlek. Dat was zo demotiverend, dat ik het gewoon niet meer opnieuw heb geprobeerd. Voeg daar maar nog een paar hittegolven aan toe.

Elke dag hoopte ik te bevallen. En natuurlijk werd ons kindje niet geboren met 40 weken. Vanaf dat moment kreeg ik iedere twee dagen een CTG. Het was goed dat ik uit huis moest. Ik was het zwanger zijn echt zat. Uiteindelijk heb ik de gynaecoloog gebeld om te vragen – bijna te smeken – of ik ingeleid kon worden. Gelukkig werd het na een controle duidelijk dat dat de volgende dag al kon.

Eindelijk een inleiding

Ik was zo blij dat ik niet meer zwanger ging zijn. De bevalling verliep prima. Ik was vooral blij dat ik bevallen was. Toen mijn kindje in mijn armen werd gelegd, voelde ik geen connectie. Ze konden evengoed een willekeurige baby in mijn armen hebben gelegd. Het liefste wilde ik hem teruggeven. Maar ik besefte ook dat dat gevoel zou kunnen groeien. De eerste nacht na de bevalling was best wel heftig. Ons kindje, Florian en mijn man Ward hebben heel goed geslapen. Ik niet. Ik was zo alert, dat ik aandacht gaf aan elk geluidje en vaak controleerde of hij nog ademde. Een reden hiervoor was ook wel dat hij tijdens de eerste avond even stopte met ademen, blauw begon te worden en ik panikeerde. Natuurlijk was ik bang dat dit opnieuw ging gebeuren. Slapen lukte dus niet, ook al wilde ik het heel graag.

Borstvoeding geven vond ik vreselijk

Het liep ècht mis bij de borstvoeding. Borstvoeding geven vond ik verschrikkelijk. Aanvankelijk wilde ik heel graag borstvoeding geven, want je hoort overal dat dat het beste is voor je kindje. Maar het deed zoveel pijn dat ik er steeds tegen op zag om Florian eten te geven. Ik begon al te huilen voordat ik hem aanlegde. En dat maakte het nog lastiger. Na een dag had ik al bloedende tepels. Ik had ook het gevoel dat Florian kon blijven drinken en hij nooit genoeg had. Met al die pijn wilde ik dat het sneller ophield. Aangezien de verpleegkundigen me hadden aangeraden om Florian een halfuur per borst te laten drinken, stopte ik ook stipt na dit halfuur. Uiteindelijk waren we allebei aan het huilen. Ik van de pijn en omdat ik echt niet nog eens borstvoeding wilde geven, en Florian van de honger. Uiteindelijk ging ik kolven, want borstvoeding was toch belangrijk. Dat deed ook pijn, maar dat kon ik beter verdragen en duurde ook minder lang.

Geen borstvoeding voelde als falen

In het ziekenhuis moest ik een vragenlijst invullen die negatieve gevoelens in kaart bracht. Ik heb deze heel eerlijk ingevuld. Maar toen een verpleegkundige me hierop aansprak, klapte ik dicht en zei ik dat het gewoon een momentopname was. Er werd hier verder niet op ingegaan. Achteraf heb ik van Kind en Gezin wel gehoord dat het alarmerend was, maar ook dat heb ik weggewuifd. Het was vooral door de manier waarop ze het zeiden tegen mij. Niet echt beschuldigend, maar ook niet uitnodigend om te praten. Huilbaby Florian had veel honger en had moeite met overdag slapen. Ook had hij erge reflux en kon je hem ècht een huilbaby noemen. Ik voelde me ellendig, sliep en at amper. We spartelden samen verder, maar het ging helemaal niet goed. Het kolven zorgde ervoor dat ik me nog somberder voelde. Ik voelde me echt een melkkoe en ik miste die verbinding die ik wel had als ik borstvoeding gaf. Ik wilde met kolven stoppen. Gelukkig kwam er vaak een verloskundige langs. Zij heeft me enorm geholpen met proberen terug te schakelen naar borstvoeding, zonder kolven. Uiteindelijk lukte niet. Er volgden veel veel tranen van Florian en mij. Uiteindelijk hebben we het opgegeven en zijn we overgeschakeld naar flesvoeding.

Het was te laat: ik had dringend hulp nodig

Helaas was het toen al te laat. Ik zat er enorm doorheen, doordat de borstvoeding niet lukte, te weinig slaap en nu ook nog het gevoel van falen. Ik beleefde niets van plezier aan Florian. Ik was wel af en toe met hem bezig, maar vooral omdat het moest (al dan niet van mezelf). Mijn man deed het meeste. Na slechts een paar weken lag ik bijna alleen maar in bed, of in de stoel, huilde ik en had ik paniekaanvallen. Via de huisarts zijn we bij een psychologe terechtgekomen die ons doorverwees naar de Moeder-Baby-afdeling van Bethanië in Zoersel. Ik ben daar samen met Ward en Florian op intakegesprek geweest. Toen werd het wel pijnlijk duidelijk dat ik echt dringend hulp nodig had en dat gesprekken met een psychologe onvoldoende waren. Opname was op dat moment niet mogelijk, alle plaatsen waren bezet en er was zelfs een wachtlijst. Hetzelfde gold voor thuisbegeleiding, waar mijn voorkeur naar uit ging. Uiteindelijk hebben Ward en ik gekozen voor dagbehandeling. Dat was geen handige keuze, want we woonden toen in Mechelen, en dagelijks heen- en weer rijden naar Zoersel was een hele opgave. Zeker omdat ik niet in staat was om te rijden.

WORDT VERVOLGD…

CELINE

Plaats een reactie