Bevallingsverhaal: “Ik krijg misoprostolpillen zodat de baby mogelijk indaalt”

| | ,

Het is dinsdag 19 mei 2020, ik ben vandaag precies 37 weken zwanger. Vanavond plaatsen ze de ballon en de inleiding begint morgenochtend met het breken van de vliezen. Het is niet mijn eerste inleiding, 2 jaar geleden op 23 mei ben ik ingeleid vanwege zwangerschapsvergiftiging. Ik weet dus wat mij te wachten staat en heb er zin in. Ons zoontje hebben we voor het eten op laten halen door mijn ouders.

Om 19.00u melden we ons in het ziekenhuis. Ik ben blij dat mijn man mee mag, want ik zie wel wat op tegen het plaatsen van de ballon. Het plaatsen is niet heel prettig, maar snel gedaan. Eenmaal thuis vertrek ik snel naar boven, mijn bed in. Even checken of de wekker goed staat, je zal je maar verslapen. Ik slaap heerlijk en om 5.30u word ik uit mezelf uitgeslapen wakker. Mijn man en ik ontbijten, en pakken de laatste dingen in en gaan op weg naar het ziekenhuis.

Wat een teleurstelling

Om 7.00u komen we aan in het ziekenhuis. Laat maar komen die bevalling. Zo moe als ik aan mijn vorige bevalling begon, zoveel zin heb ik er nu in. Wat kan er nu nog misgaan? Met een gevoel alsof ik de hele wereld aankan loop ik achter de verpleegkundige aan die ons naar onze verloskamer brengt. Ik ga zitten op het bed, word aan het CTG gelegd en moet me het komende half uur vermaken. De verpleegkundige vraagt of ik nog wat wil drinken en zegt dat de verloskundige over een half uur komt om de vliezen te breken. Ik krijg toch gezonde spanning en praat met mijn man over het feit dat dit de dag is dat we ouders worden van 2 kinderen. Een half uur later komt de verloskundige binnen, een gezellige vrouw, opgewekt en aardig. Samen met de verpleegkundige legt ze alles klaar om de vliezen te breken. Er heerst een gezellige sfeer. De verloskundige toucheert en ik heb 3 centimeter ontsluiting, “maar”, zegt ze erachteraan, “de baby ligt nog veel te los in jouw bekken”. Ze kan het hoofdje zo omhoog duwen. Voor nu durft ze het niet aan om de vliezen te breken, want als eerst de navelstreng of een armpje uitzakt, heb ik een groot probleem. Ik merk dat ik in de war raak. “Huh? Hoe kan dit?” Ik wist helemaal niet dat dit ook nog een optie was? De verloskundige ziet dat ik teleurgesteld ben en zegt dat er nu twee opties zijn: ik krijg een nieuw ballonnetje geplaatst en we hopen dat dat wat op gang brengt, of ik krijg misoprostol pilletjes die hopelijk gaan zorgen voor het indalen. Ik twijfel even, maar denk dan dat het ballonnetje waarschijnlijk minder helpt voor het indalen dan de pilletjes.

Er worden misoprostolpillen ingezet

Ik kies voor de pilletjes en word overgebracht naar de kraamafdeling. Elke 4 uur krijg ik nu een pilletje en ik moet ieder half uur aan het CTG. Ik voel nog niks. Op het CTG zijn wat harde buiken te zien, maar verder niets. Ik vermaak me prima met wat spelletjes met mijn man en probeer het nieuws van zojuist nog te verwerken. Waarschijnlijk nog geen baby vandaag. Na een half uur komt een arts-assistent de kamer binnen, doet netjes het gordijntje om mijn bed dicht en toucheert. ‘Nog steeds 3 centimeter en het hoofd duw ik nog veel te makkelijk uit uw bekken mevrouw’. Ik krijg de volgende gift en hij wenst mij succes. Op naar de volgende 4 uur. Ik ga er eigenlijk niet meer vanuit dat er vandaag nog veel gaat gebeuren en leg me er maar bij neer. Nog twee keer toucheren ze mij en twee keer precies hetzelfde verhaal. Om 23.30u is het tijd voor mijn man om naar huis te gaan.

Hemelvaartsdag, vandaag gaat het dan hopelijk gebeuren. Het is heerlijk rustig in het ziekenhuis. De poliklinieken zijn gesloten en het ziet er buiten vredig uit. Het zonnetje schijnt en ik voel goede moed dat vandaag de dag zal zijn. Ik heb wel wat honger en hoop dat ze snel komen met het ontbijt. Ik spring onder de douche. Aangekleed en opgefrist zit ik op bed te wachten op het ontbijt en daar komt ook mijn man binnenlopen. Om 8.00u komt de verpleegkundige binnen met rolstoel en ik ga zitten, op naar de verloskamers, met een knorrende maag, dat dan wel. Ik zeg tegen de verpleegkundige dat ik nog niks gegeten heb en na aankomst bij de verloskamers gaat ze, heel lief, gelijk op pad om eten te halen. De verpleegkundige legt mij vast aan het CTG terwijl ik mijn eten op eet. Ze zegt dat ze even een ronde doet langs andere patiënten en over een half uur met de arts-assistent terugkomt.

Ineens spuug ik alles eruit

Ik eet rustig mijn ontbijt op, maar word erg misselijk. Ik wil naar het toilet lopen, maar zit vast aan het CTG. Dan komt alles eruit. Ik doe mijn best om me los te maken van het CTG, mijn man drukt op de bel en helpt me de schade te beperken. De hoofdpijn wordt alleen maar erger. Ik voel me echt beroerd. Waarom komt de verpleegkundige niet? Ik veeg de vloer schoon samen met mijn man en ga weer op bed liggen. Ik probeer de CTG weer aan te sluiten. De afgelopen dagen heb ik het zo vaak gezien, dat dat lukt. Na 8 minuten komt ze binnen met excuses. Het was druk en er kwam een spoedgeval tussendoor. Ze had gezien dat de CTG weer aangesloten was en het zag er allemaal goed uit met de baby en mijn hartslag, dat ze me even had laten liggen. De arts-assistent is er ook en wil gelijk mijn bloeddruk meten en checken op zwangerschapsvergiftiging. Ik baal, de hele zwangerschap zijn we er mee bezig om de bloeddruk stabiel te houden, het zal nu toch niet zijn dat ik weer zwangerschapsvergiftiging (PE) heb?

Toch zwangerschapsvergiftiging

Mijn bloeddruk is enorm hoog en ik test twee plusjes op eiwit in de urine. Ze brengen urine naar het lab en de arts-assistent gaat mij toucheren want, het beste medicijn tegen PE is bevallen en dat is nu net de bedoeling. Ik ben moe, heb slecht geslapen. Ik wil naar mijn zoontje die nu veel langer dan gepland zonder mij zal zijn. Aan het begin kon ik kiezen voor een stopdag. Ik besluit die in te zetten. Mijn zoontje is maandag jarig. Ik zeg dat ik dinsdag dan wel weer terugkom. Dan ben ik thuis op zijn verjaardag en starten we daarna dit hele circus wel weer. Ik mag niet meer weg, ik heb nu zwangerschapsvergiftiging. De bevalling moet zo snel mogelijk gaan beginnen. Ik mag niet meer naar huis. Ik breek nog meer dan ik daarvoor al deed. Maar ze denken heel lief met mij mee. Vanwege Corona mag er niemand op bezoek komen en ik mag eigenlijk niet naar buiten, want als mijn vliezen breken kan het gevaarlijk zijn voor de baby. Maar ik mag mijn ouders bellen. Zij kunnen op bezoek komen buiten. Mijn ouders wonen op 45 minuten rijden van het ziekenhuis en mijn zoontje moest eigenlijk zo naar bed, maar ze stappen in de auto en komen met hem deze kant op.

Gevangen

Ik voel me gevangen. Ik kan niet bevallen en ik kan niet naar huis. Mijn man moet een pakketje opwachten en gaat naar huis. Ik vind het prima. Tranen lopen over mijn wang terwijl ik naar buiten kijk. Ik laat het maar gebeuren. De verpleegkundige ziet het en knipoogt meelevend. Ze legt me gelijk aan het CTG. Om 14.00u word ik opgehaald om weer naar de verloskamers te gaan, mijn man is er inmiddels ook weer. De verloskundige maakt een echo om te kijken of de navelstreng tussen het hoofd en de baarmoedermond ligt. Ze toucheert en het is hetzelfde verhaal. Dan komt de gynaecoloog binnen, ook hij toucheert en zegt dat hij het wel aandurft om de vliezen onder impressie te breken, maar hij voelt helemaal geen ontsluiting? “Ik word gek”, denk ik bij mezelf. “Hoe kan dit allemaal?” De verloskundige zegt tegen de gynaecoloog dat zij dan wel de vliezen breekt als hij de baby in mijn buik naar beneden duwt. Wat ben ik blij!

De ontsluiting vordert

Er komt een stortvloed aan vruchtwater uit. Dit is waarschijnlijk de reden van het niet indalen: te veel vruchtwater. Er wordt een schedelelektrode geplaatst op het hoofd van de baby en ik moet een uur plat blijven liggen zodat ze indaalt. Nog geen paar minuten nadat de vliezen breken komen de weeën enorm opzetten. Het gaat nu eindelijk gebeuren. Ik verwacht dat het nog een hele poos duurt, want mijn eerste bevalling duurde 31 uur. Om 15.45u wil ik in bad. Ik wil liggen. Precies om 4 uur toucheert de verloskundige: 5 centimeter en volledig ingedaald. Wauw, ik voelde dat het goed ging.

Het gaat te snel

Ik stap in bad, maar het opvangen van de weeën gaat me daar niet zo goed af. Dan naar de douche. Ook daar vind ik het niet prettig. Ik krijg ook geen rust meer, de weeën komen achter elkaar door, er zit geen rust meer tussen. Ik vraag om een ruggenprik. De verpleegkundige zegt dat dat niet meer kan, omdat het zo snel gaat. Ik kan nog kiezen voor de morfinepomp. In mijn bevalplan schreef ik dat ik dat niet wilde. De vorige keer vond ik dat niet prettig, maar het maakt me niks meer uit. Kom maar door met die pomp! Ik ga op mijn zij op bed liggen en het pompje wordt aangesloten. Mijn man geeft tegendruk. Zo gaat het goed. De pomp helpt mij niet met de pijn, maar de 5- 10 seconden tussen de weeën ontspan ik er wel door.

De geboorte

Ik voel langzaam meer druk en de verpleegkundige ziet dit. Ze haalt de verloskundige erbij en… volledige ontsluiting! Het gaat voor mij supersnel. Het is 18.42 en ik mag actief meepersen. Om 18.56u is ze er, Zara Fiene! De uiteindelijke bevalling duurt dus maar 3 uur en 56 minuten. Een lastige mentale aanloop naar de bevalling toe voor mij dan, maar wat een bijzondere en mooie bevalling. Ik kijk er heel erg goed op terug en zou dit zo over doen!

CHRISTIANNE

Plaats een reactie