Mijn thuisbevalling op handen en knieën

| | ,

Oké, nooit gedacht dat ík dit zou zeggen, maar ik heb een droom thuisbevalling gehad! Mijn eerste bevalling wilde ik perse in het ziekenhuis doen, achteraf maar goed ook! Geen haar op mijn hoofd die er na deze bevalling aan dacht om thuis te bevallen. Maar toen ik eenmaal weer zwanger was, begon ik toch te twijfelen. “Hoe groot is de kans dat ik weer een medische indicatie heb en dus in het ziekenhuis moet bevallen? Plus, de eerste keer ging al súper snel, hoe snel zou het deze keer dan wel niet gaan? En als andere vrouwen het thuis kunnen, moet ik het ook wel kunnen, toch?”, waren mijn gedachten. Ik had uiteindelijk besloten: ik wil thuis bevallen. Mijn man dacht daar anders over, want wat als er wat zou gaan? Misschien ben ik wel een beetje ‘zweverig’ geworden, maar ik vertrouw op mijn lichaam en moeder natuur.

Mijn vliezen braken bij blauwe maan

De eerste keer beviel ik toen ik 38 weken en 2 dagen zwanger was. Ik heb het stomste ooit gedaan: ik ging ervan uit dat ik deze keer ook rond deze periode zou bevallen. Mooi niet dus. Dan duren de laatste weken lang, héél lang. Onze oudste dochter ging vaak uit logeren de laatste weken, mocht de bevalling gaan starten, dan zou zij niks meekrijgen. Afgelopen zomer had ik bloed aan mijn been en ze heeft het hier nog steeds over, dus een bevalling zien leek me geen goed plan. Uiteindelijk braken mijn vliezen toen ik 40 weken en 1 dag zwanger was om 02.30 uur ’s nachts (voor de ‘zweverige’ types onder ons: in de nacht van de blauwe maan). Ik sprong uit bed en dacht dat de bevalling gelijk zou gaan beginnen, net zoals de eerste keer.

Lichte krampjes

Helaas… Na een douche kroop ik toch maar weer mijn bed in. Twee uur later schrok ik wakker, omdat ik weer wat warms tussen mijn benen voelde glijden. Schijnbaar was er pas één ‘glaasje’ vruchtwater uitgekomen toen mijn vliezen braken. Dit keer leken het wel vier emmers die eruit kwamen. Meteen was ik weer enthousiast, omdat het nu écht weleens kon gaan beginnen! Ik kreeg een aantal uur later hele lichte krampjes, maar om het nou weeën te noemen.

“Pas” 6 centimeter ontsluiting

Het was inmiddels de volgende ochtend en we besloten dat onze oudste dochter wel weer naar huis kon komen van het logeren. Het zou tenslotte nog wel even kunnen duren voordat het doorzette. Om 12.00 uur ’s middags ging zij naar bed voor haar middagslaapje en toen ineens begonnen de weeën heftig te worden. Ze kwamen al om de 2 minuten! Ik ging kapót! Ik herkende de weeën niet van mijn eerste bevalling. Ik vond ze nóg heftiger dan toen. Gelukkig kwam de verloskundige ook gelijk op dat moment binnen, omdat ze zou komen kijken hoe het ging. Ik stond ik de woonkamer, nog steeds de weeën te timen met een app. ‘Die mag je nu wel wegdoen hoor’, zei ze lachend. We gingen naar boven, zodat ze kon voelen hoeveel ontsluiting ik had. ‘Wat, pas 6 centimeter? De vorige keer zat ik gelijk al op 8!’, zei ik teleurgesteld. De verloskundige zei dat dit niet ‘pas’ 6 centimeter is, maar ‘al’ 6 centimeter. Ik besloot onder de douche te gaan en mijn man belde mijn moeder dat ze onze oudste dochter moest komen halen. Uiteindelijk was het 14.15 uur toen ze haar op kwam halen. Ik stond nog onder de douche de weeën op te vangen. Daarna gingen mijn man, de verloskundige en ikzelf naar de zolder, waar onze slaapkamer is.

Een muziekje met een rustgevende stem

De weeën werden heftiger en heftiger en ik wist niet meer hoe ik ze op moest vangen. Ik stond half hangend aan de verwarming te puffen en een wiegbeweging te maken die ik zelf had verzonnen. Ondertussen kwam de kraamverzorgende binnen mét een stagiair. Ik had eerder wel aangegeven dat ik dit oké vond, iedereen moet het leren toch? Veel van hun binnenkomst of aanwezigheid weet ik niet meer. Ik zat helemaal in mijn eigen wereld. Op een gegeven moment ben ik op mijn knieën op de grond gaan zitten, met mijn bovenlijf steunend op het bed. De verloskundige vroeg of ze een muziekje op mocht zetten met een rustgevende stem. “Prima”, dacht ik. Er klonk een rustige stem die zei: ‘Je bent een bloem. Je gaat nu open. Je kunt dit. Geef je over.’ Wat hebben we hier later om gelachen zeg, want dit ‘zweverige’ ging me echt even te ver. Maar goed, ik kon m’n gedachten wel ergens anders aan kwijt. Maar die intense pijn, die herkende ik écht niet van mijn eerste bevalling. Misschien maar goed ook, anders was het waarschijnlijk bij één kind gebleven.

“Ik haal het laatste randje weg”

De verloskundige toucheerde me nog een keer om te kijken of de ontsluiting volledig was. ‘Ik haal het laatste randje even weg’, zei ze. Au! Maar toen was daar wel ineens de persdrang. Ik zat nog steeds op mijn knieën en mijn man mocht achter mij gaan zitten. De verloskundige vroeg of hij de baby aan wilde pakken en dat wilde hij wel. Omdat ik de vorige keer bijna 3 uur had geperst, gaf ik nu ál mijn kracht. Ik had geen zin om weer zo lang te persen. Na een paar minuutjes persen werd om 15.15 uur onze dochter geboren, met alles erop en eraan! Mijn man ving haar op en gaf haar aan mij. Wat een moment van ontlading zeg!

Een flink uitgescheurde vagina

Helaas kwam de placenta er niet uit en plaatste de verloskundige nog ‘even’ een katheter. Weer au! Toen het nog steeds niet loskwam, kreeg ik nog een prik in mijn been. Uiteindelijk na veel pogingen kwam de placenta er toch uit. Halleluja! De verloskundige kon zich op het volgende project richten: mijn flink uitgescheurde vagina. Ik heb denk nog een uur met mijn benen wijd gelegen om de boel weer in orde te maken. Op het moment zelf vond ik de bevalling héél heftig, maar als ik er achteraf op terugkijk, had het eigenlijk niet beter kunnen gaan. Een uurtje nadat de oudste werd opgehaald, is de jongste geboren. Al mijn bevallingswensen kwamen uit: ik ben op handen en knieën thuis bevallen in amper 3,5 uur van een gezonde dochter. Ik wilde graag ‘met de zwaartekracht mee’ bevallen, omdat dit veel natuurlijker aanvoelt dan wanneer je op je rug in bed ligt. Mijn eerste bevalling duurde amper 5.5 uur en de tweede amper 3.5. Mócht er nog een bevalling komen, dan ga ik voor de 1.5 uur, haha!

ILSE

Plaats een reactie