Toen ik bijna niet meer in wonderen geloofde, was daar eindelijk ons wonder

| | ,

Wij besloten dat we graag een gezinnetje wilden stichten. We hebben niet lang op een zwangerschap hoeven wachten. Deze zwangerschap verliep voorspoedig en na 38 weken, op 2 september 2016, is onze eerste dochter Elena geboren. Mijn man en ik waren het er altijd al over eens dat wij een, voor huidige begrippen, wat groter gezin wensten. Elena was dan ook net één jaar toen wij besloten: “Laten we voor een broertje of zusje gaan! Hoe leuk is het, twee van die kleintjes redelijk kort achter elkaar.” Vol vertrouwen en goede moed gingen de maanden voorbij. Maar de maanden werden jaren. We begrepen het niet. We waren beide gezond en jong. wat was het probleem?! Voordat ik moeder mocht worden, had ik altijd een naar gevoel bij het zwanger worden. Ik had vroeger een flink ongeluk gehad met een paard, waarbij de nodige schade was ontstaan aan ruggenwervels en organen. Ik was altijd bang dat ik geen kinderen kon krijgen. Maar het bewijs liep toch echt rond! Heel krom, maar deze angst kwam weer opzetten toen het niet lukte. Want hoe rustig we eronder probeerden te blijven of hoe hard we ons best ook deden, het lukte gewoon niet meer.

Ik bleek endometriose te hebben

We besloten naar de huisarts te gaan en deze verwees ons al snel door naar de gynaecoloog. Daar hebben we de nodige onderzoeken gehad en daar kwam uit dat ik een flinke vorm van endometriose had ontwikkeld, wat de zwangerschapskansen zou verkleinen. Dat verklaarde een hoop. Ik liep al jaren rond met pijnklachten die werden weggewuifd met: “Daar ben je vrouw voor, dat hoort er nu eenmaal bij”. Er zaten veel verklevingen en cysten rondom de baarmoeder en eierstokken. Al snel werd ons voorgesteld om de natuur een handje te helpen, maar zonder garanties. Er was een kleine kans dat de zwangerschap lukte. Ik kon er ook voor kiezen om pijnvrij verder door het leven te gaan, maar dit betekende dat ik geen kinderen meer kon krijgen. De kleine kans op een kindje grepen we met beide handen aan. “Slopen doe je maar als wij daaraan toe zijn”, dacht ik. Dat waren we op dat moment nog niet. 

“Wees eens blij met wat jullie al hebben”

Er kwamen hormonen om de hoek kijken. Mijn tien IUI-behandelingen leken nutteloos en waren allemaal zonder resultaat. De moed zakte mij in mijn schoenen. Ik voelde mij geen vrouw meer. Ik faalde en raakte mezelf kwijt, om maar niet te spreken over alle romantiek die verdwijnt tijdens dit soort trajecten. Maarja, ik verlegde elke keer mijn grenzen. “Dat grote gezin, zal er niet meer komen”, dacht ik. Dit legde een flinke druk op onze relatie. Vanuit onze omgeving werd er wisselend op gereageerd. “Er zijn zoveel mensen die geen enkel kind krijgen en jullie hebben toch Elena? Zet het opzij en wees eens dankbaar voor wat jullie hebben”. Natuurlijk zijn wij ontzettend dankbaar en blij met onze stoere lieve meid, maar het gevoel wat we hadden was er en bleef er. Er was een extra plekje in ons hart wat nog zoveel liefde kon geven aan nog een kindje. Het voelde alsof we niet mochten voelen wat wij voelden en alsof het een schande was wat we voelden. Hierdoor begon ik mijzelf erg te schamen. Gelukkig waren er ook heel veel mensen die ons steunden, kaarsjes brandden en met ons mee hoopten. Dit gaf ons zoveel steun en liefde.

Mijn carrière nam een vlucht

Ondertussen was Covid-19 geland en werden alle niet noodzakelijke behandelingen stop gezet. De werkzaamheden in de zorg waar ik werkte, namen tegelijkertijd toe en ik focuste mij op mijn carrière. Get liefste wilde ik alle ballen tegelijk hoog houden. Zwanger raken lukte niet, dus waarom stond ik nog in die ‘on hold’ status? Ik kreeg kansen op werkgebied, die ik niet kon aannemen wanneer ik zwanger zou zijn of op korte termijn zou worden, zoals een opleiding op de spoedambulance. Het voelde alsof ik moest kiezen tussen deze twee: Een carrière of werken aan een kinderwens met weinig kans op resultaat. En toch durfde ik die kinderwens niet volledig vaarwel te zeggen. Om ons heen leek er wel een babyboom te zijn! Dit was confronterend, maar ook heel mooi. Tuurlijk had ik verdriet. Tuurlijk was ik jaloers. Maar ik was trots op mijn lieve zus, vriendinnen en op mijzelf dat er ruimte was voor blijdschap, verdriet en hoop.

We hakten de knoop door wat betreft onze kinderwens

Het gemis bleef. Vele gesprekken tussen mijn man en mij volgden. Er zijn veel tranen gevallen, maar we besloten ervoor te gaan. We hadden niet voor niets twee verhuizingen, enorme verbouwingen, volle vakanties, ikeakast handleiding en de nodige shit samen doorstaan. Dit konden we ook. We raapten onze moed bij elkaar en gingen door. De eerste IV- ronde begon. “Jezus, wat deed de punctie pijn. Spuit mij maar plat de volgende keer. Nee, geen volgende keer. Marleen, houdt moed, die volgende keer komt er niet”, sprak ik mezelf toe. Maar IVF-poging 2 kwam er wel. “Wil ik dit nog wel? Hoe kan ik in hemelsnaam dit IVF-traject blijven combineren met een gezin en een baan vol onregelmatigheid. Hoe kan ik de pijn van de endometriose blijven verdragen en rechtop blijven staan? Snijd mij maar open en haal alles er maar uit. Maar dit is voor het goede doel, dit is onze wens, ik kan dit. Zet nog even door. Marleen, je hebt verdomme een baby op de wereld gezet! Zo’n IVF-punctie kan jij dus gewoon nog een keer en de pijn van de endometriose is er dus ook niets bij! Niet aanstellen en gaan!”, dacht ik. 

Ook wij kregen een wonder

De baby’s om ons heen werden peuters en ook onze eigen dochter werd steeds groter en wijzer, zonder broertje of zusje. Haar vriendjes en vriendinnetjes werden grote broer of zus, en zij niet. Wij zagen het verdriet bij haar en dit brak mijn hart. Ik faalde niet alleen als vrouw, maar ook als moeder. Ik heb mezelf gek gemaakt met allemaal gedachten dat ik het niet meer waard was. “Helemaal stoppen? Wanneer stop ik met deze medische mallemolen? Hoe ver wil ik gaan?”, vroeg ik me hardop af. Toch bleef ik mij verschuilen achter een vrolijk masker en de strippen paracetamol. Maar dan ineens, vier jaar na die ene beslissing, 48 zwangerschapstesten verder, voor mijn gevoel wel 110 injectiespuiten en 10 dozen “poezenbollen” (die smerige progesteron capsules) en 2 hele dagen overtijd na een verse terugplaatsing van IVF2, had ik ineens een positieve test in handen. Inmiddels ben ik 16 weken zwanger van Elena haar broertje en ons lang verwachte tweede kind. Toen ik bijna niet meer in wonderen geloofde, was daar dan ook voor ons dit kleine grote wonder. 

Ik wil met mijn verhaal laten weten, dat je niet alleen bent en dat het OK is om verdriet te hebben om een kindje wat je niet hebt, ook al ben je al gezegend met één kindje. Het is OK dat je niet meer weet wat je mag denken, voelen en schreeuwen. Het is OK om jezelf erna weer te herpakken en je tranen weg te vegen. Maar vergeet niet, houdt hoop en geef jezelf rust. Vooral dat laatste doet soms wonderen. 


MARLEEN

1 gedachte over “Toen ik bijna niet meer in wonderen geloofde, was daar eindelijk ons wonder”

Plaats een reactie