Mijn uitstrijkje was niet goed

| |

Het is half november en ik krijg een brief thuisgestuurd met daarin een oproep voor het landelijk onderzoek voor baarmoederhalskanker. “Jeetje, is dat alweer 5 jaar geleden?”, denk ik. De tijd gaat zo snel. Ik plan een afspraak in bij de dokter. Sinds mijn moeder op 53-jarige leeftijd is overleden aan kanker, is mijn grootste angst dat ik op jonge leeftijd ook kanker krijg. 

22 oktober

Vandaag staat mijn uitstrijkje gepland. Het is en blijft toch altijd een beetje vervelend, in de stoel met die eendenbek en alles. De doktersassistente vertelt me tijdens het nemen van het uitstrijkje dat een groot gedeelte van de vrouwen helemaal geen gehoor geeft aan deze oproep. Dat had ik niet verwacht, jij? Ik kan over twee weken bellen voor de uitslag. Ik ga met een gerust hart weer naar huis. Dat zit er weer op.

2 december

Ik ben op mijn werk en de dokter belt. Ik ben een beetje verbaasd. “We zouden toch pas einde van deze week met elkaar bellen?”. Ik neem op. De dokter leidt het gesprek in. “Je bent hier anderhalve week geleden geweest voor je uitstrijkje. Ben je op je werk? Kun je praten?” Ik zeg dat ik even het kantoor uitloop en hij geeft aan dat ik even een rustig plekje moet op zoeken en misschien even moet gaan zitten. Het koude zweet breekt me uit. “Wat is er aan de hand?”, denk ik. En dan dropt hij de bom. “Er zijn onrustige cellen aangetroffen bij je uitstrijkje en het is raadzaam om dat verder te laten onderzoeken in het ziekenhuis. Ik ga je een verwijzing geven voor de gynaecoloog. Gaat het met je?” Ik stotter dat het nieuws nogal onverwacht is, maar dat ik het fijn vind dat ik het heb laten checken. Ik hang op en bel huilend naar J. “Het is niet goed”, stamel ik. En hij probeert me gerust te stellen. “Geen paniek, het komt wel goed”. De komende weken hoor ik van meerdere mensen dat ze wel eens een vergelijkbare uitslag hebben gehad en dat het eigenlijk nooit tot iets vervelends leidt. Daar hou ik me dan maar aan vast.

24 november

Vandaag staat de afspraak met de gynaecoloog. Ik zit een beetje nerveus in de wachtkamer. Ik ben hier wel eens eerder geweest, want tijdens mijn zwangerschap van mijn dochter ben ik onder controle van het ziekenhuis geweest. De dokter die mij te woord staat ken ik. Doker D. is een serieuze dokter. Hij neemt de tijd om me door de afspraak heen te praten en vertelt ook welke scenario’s er aan de hand kunnen zijn en wat de daarbij behorende vervolgtrajecten zijn. Hij gebaart me om plaats te nemen in de stoel. Hij brengt een camera in en laat me op een scherm zien wat hij ziet. Er zit een poliep om mijn baarmoedermond en er zijn op twee plekken onrustige cellen zichtbaar. Hij neemt een biopt van de onrustige plekken en hij verwijdert de poliep direct. Gelukkig voel je daar niet zoveel van. Nadat we weer zitten vertelt hij dat hij verwacht dat we een CIN3-uitslag terugkrijgen en dat zou betekenen dat de onrustige cellen weggehaald moeten worden voor verder onderzoek. Een beetje verdwaasd loop ik het ziekenhuis uit. Dit nieuws had ik eerlijk gezegd niet verwacht. “Wat gebeurt er allemaal?” Ik merk dat ik best van slag ben. Ook J. krijgt het niet uit zijn hoofd en we praten er veel over.

10 december

Uiteindelijk is het dan zover, de uitslag komt vandaag. Het duurt lang. Maar aan het einde van de middag word ik gebeld door een dokter, niet de serieuze Dokter D. De uitslag is op de valreep binnengekomen. Inderdaad, een CIN3-uitslag en ze willen een zogenoemde lisexcisie inplannen om de onrustige cellen weg te branden. De poliep is gelukkig goedaardig. “Ben ik opgelucht of niet?”, vraag ik me af. Ik weet het niet. Mijn lichaam maakt dus onrustige cellen die kunnen leiden naar kanker en van die gedachte word ik echt een beetje misselijk. De dokter zegt dat ik niet in paniek hoef te schieten, dus daar houd ik me aan vast.

16 december

Eind van de middag meld ik me in het ziekenhuis. Ik krijg een polsbandje om en moet plaatsnemen in de wachtkamer. Na een tijdje komt een verpleegkundige me halen. Ze neemt me mee naar een operatiekamer. Ik kleed me uit en neem plaats op de stoel. Na de verdoving, gaan ze beginnen met de ingreep. En dat is helemaal geen pretje. Het doet best pijn, ondanks de verdoving en er vormt zich een onaangename geur van verschroeid vlees in de ruimte. Ik probeer rustig te ademen en me af te sluiten voor wat er allemaal gebeurt. Het lijkt alsof ze klaar is, maar dan moeten de plekken nog dicht gebrand worden om het bloeden te stoppen. Dus nog even tanden op elkaar. 

Na de behandeling mag ik meteen naar huis en daar valt de napijn reuze mee. Ik voel dat ik rustig aan moet doen, door een soort zeurderig gevoel van binnen. Precies zoals de arts al had voorspeld. Nu is het wachten op de uitslag om zeker te weten dat alles nu klaar is.

22 december

De afgelopen dagen gaan goed. Ik heb weinig pijn en weinig bloedverlies. Het herstel valt me mee. Misschien komt het omdat ik me op veel erger had voorbereid. En dan belt de dokter een dag eerder dan afgesproken. “Niet schrikken”, zegt ze, “de uitslag is al binnen. Het was inderdaad een CIN3-uitslag en er zijn verder geen andere cellen aangetroffen. Dat betekent dat er geen verdere acties nodig zijn. We zien je over zes maanden voor een controle. Geniet van je Kerst!” 

Ik hang op en barst in huilen uit. Er valt een last van me af waarvan ik niet eens wist dat ie er was. Yes! Laten we het leven vieren!

X Natasja (klik hier voor haar insta)

3 gedachten over “Mijn uitstrijkje was niet goed”

  1. Een heftig verhaal. Precies het verhaal zoals ik zelf ook mee gemaakt heb helaas.. alleen ik was pas 27jaar. Ik kreeg op mijn 19de net 2min naar de bevalling van mijn zoontje te horen dat ik een risico vactor was dus me naar 10weken moest laten controleren. Toen gelukkig niks maar op me 27ste precies zoals u!!

    Beantwoorden

Plaats een reactie