
Trauma- en gedragstherapeut Francis: "Waarom een kind geen perfecte ouder nodig heeft"
De eerste keer dat een kind ontdekt dat ouders niet alles kunnen oplossen
Claudia is 15 jaar en haar zusje Zoë 13 jaar wanneer hun ouders een emigratie overwegen. Het leek een normale vakantie. Ze hadden een huis gehuurd met zwembad, ze hadden vliegtickets kocht en een huurauto geregeld. Claudia en Zoë wilden vooral naar het strand, maar haar ouders hadden aangegeven ook verschillende dorpjes te willen zien, om te kijken hoe de sfeer in een dorp is.
De meiden vond de vakantie helemaal niet fijn. Ze voelden dat er iets speelde. Hun ouders reden zelfs langs een school in een dorp, zogenaamd waren ze verdwaald en op zoek naar een restaurant. Ze gingen vaker even in huis zitten, terwijl de meiden bij het zwembad lagen. Claudia en Zoë bespraken dit ook met elkaar en liepen dan bewust naar binnen. Als ze binnenkwamen zagen ze de blikken en hoe hun ouders het onderwerp veranderde. Claudia en Zoë schokken het meest van de onzekerheid van hun ouders.
Eenmaal thuisgekomen na de vakantie merkten de ouders van Claudia en Zoë een verandering. Claudia werd steeds vaker boos en Zoë bracht veel meer tijd door in haar kamer dan voorheen. Als ouders vroegen of er iets was, glimlachten de meiden en zeiden: “doe even normaal, er is helemaal niets.” en dat luchtte toch op. Achteraf gezien zagen ze de signalen wel.
"Maak je geen zorgen mama, het komt wel goed.", zei Sam.
Zijn moeder vertelde mij later dat die zin haar toen geruststelde, maar ze begreep ook pas later wat er werkelijk gebeurde. Sam probeerde zijn moeder gerust te stellen.
Sam was 9 jaar toen zijn moeder en haar nieuwe partner wildengaan samenwonen. Er moesten veel keuzes gemaakt worden, zoals welk huis ze in zouden gaan wonen. Bij elke keuze moesten er veel dingen geregeld worden, zoals welke school er dan passend zou zijn. Er waren gesprekken aan tafel als de kinderen lagen te slapen en er waren zorgen die volwassenen probeerden weg te houden bij de kinderen.
Kinderen horen meer, zien meer en voelen vaak nog meer dan volwassenen denken. Sam zijn moeder dacht dat hij niets had meegekregen, maar Sam wist allang dat er iets speelde. Hij hoorde gesprekken die stilvielen zodra hij binnenkwam. Hij zag blikken die zijn moeder niet voor hem bedoeld had, hij voelde spanning zonder precies te begrijpen waar die vandaan komen.
Tot dat moment geloofde Sam, dat zijn moeder alles kon oplossen. Als Sam bang was in het donker, kwam zijn moeder hem troosten. Als hij een keer buiten de groep viel op school, loste zijn moeder het op en zelfs dat hij geopereerd moest worden, had zijn moeder troostende woorden en sliep naast zijn zijde. Zijn moeder maakte zijn wereld weer veilig.
Voor een kind is dat vanzelfsprekend, tot de eerste keer dat zij ontdekken dat hun ouders het ook niet weten. Dat moment ziet er vaak anders uit dan ouders verwachten. Ouders denken dat kinderen vooral schrikken van de grote verandering, maar Sam schrok van iets anders.
Hier zit ook het verschil voor kinderen van alle leeftijden.
Een kind kijkt niet naar de hypotheek, het verhuiscontract, de bankrekening. Een kind kijkt naar zijn ouders, naar de mensen die normaal gesproken weten wat er moet gebeuren. Er verandert iets wanneer een kind voor het eerst twijfels ziet bij volwassenen. Kinderen trekken dan conclusies en die conclusie wordt zelden uitgesproken, maar die conclusie bepaalt vaak wel het gedrag. Sommige kinderen besluiten dat ze sterk moeten zijn, geen extra zorgen mogen geven, of dat ze hun gevoelens beter voor zichzelf kunnen houden.
Claudia en Zoë vertelden mij later dat ze expres vrolijk deden tijdens en vlak na de emigratie. De ouders waren trots op hoe goed ze ermee omgingen. Ze zagen veerkrachtige kinderen, totdat de rek eruit was en ze hulp zochten. Beide meiden vertelde hetzelfde: "Jullie waren al zo druk. Ik wilde niet ook nog een probleem zijn." Geen van beide ouders had dat ooit van hen gevraagd en geen van beide ouders wist dat hun dochters deze verantwoordelijkheid droegen.
Sam vertelde mij later, dat hij alleen maar huilde als hij in zijn kamer was. Als zijn moeder onverwachts binnenkwam, vertelde hij dat hij zó blij was met zijn nieuwe kamer en dat hij er nu een broer en zus bij had. “Mama moest veel huilen toen ze met papa samen was. Mama is nu zo blij en ik wil niet dat ze zich zorgen om mij maakt”
Dit zie ik terug bij kinderen. Kinderen proberen hun ouders te beschermen en worden daardoor onzichtbaar voor hun eigen verdriet. Tot dit niet meer lukt, het aanpassen, het op je tenen lopen, dit houdt een kind niet eeuwig vol. Je ziet dit nooit terug tijdens de grote verandering, veel signalen worden pas na maanden of zelfs pas na een jaar of langer zichtbaar voor ouders. Achteraf zeggen ouders alle signalen wel gezien te hebben: kinderen die sneller boos worden, zich juist terugtrekken, buikpijn krijgen of zelfvertrouwen verliest. Ze dachten alleen dat het hoorde bij het wennen aan de verandering.
Het begint niet bij de verandering zelf
Ouders denken dat dit het moment waarop het misgaat, als een kind vastloopt, maar het begint niet bij de verandering zelf, het begint op het moment dat een kind denkt: "Ik moet dit alleen dragen.", terwijl de ouder dat helemaal niet zo bedoelde.
Kinderen hebben ook geen perfecte ouders nodig en ook geen ouders die overal antwoord op hebben. Kinderen hebben ouders nodig die laten zien dat moeilijke veranderingen samengedragen mogen worden. Een ouder mag zeggen: "Ik vind dit spannend.", of “Ik weet het niet precies.", of "wij gaan dit samen uitzoeken.". Veel ouders weten dit niet.
Dit geeft een kind iets wat veel belangrijker is dan zekerheid, dat geeft een kind toestemming om zelf ook mens te zijn. Dat vormt misschien wel de grootste misvatting rondom grote veranderingen. Ouders denken dat hun kind veiligheid nodig heeft, omdat zij alle antwoorden hebben. Kinderen voelen zich juist veilig wanneer zij merken, dat zij de antwoorden niet hoeven te dragen. Zo hoeft een kind geen probleem op te lossen, een ouder gerust te stellen of een volwassen te worden voordat het daar klaar voor is.
Kinderen schrikken meestal niet van een verhuizing, een scheiding, een samengesteld gezin of een emigratie. Kinderen schrikken van het moment waarop zij ontdekken dat hun ouders het ook niet zeker weten.
Veiligheid ontstaat niet doordat ouders alle antwoorden hebben. Veiligheid ontstaat wanneer een kind voelt dat het moeilijke dingen niet alleen hoeft te dragen.
Francis | De Heldenreis
Francis | Expert in de impact van grote verandering op kinderen
Ontwikkelaar van De Heldenreis methode
Trauma- & gedragstherapeut
https://www.facebook.com/Francis.DeHeldenreis

