Mama Yvonne heeft borstkanker en twee kleine kindjes: de finaleklap

| , ,

Ik neem jullie mee terug naar eind augustus en begin september. Ik moest de uitslag afwachten van een biopt dat ze hadden genomen. Mijn borst deed pijn en veranderde. De spanning was er, want die heeft een kankerpatiënt continue. Maar ik was redelijk gerustgesteld door de arts in de week ervoor. Ik zat nog aan de chemo en dat kanker op deze wijze terugkomt, gebeurde eigenlijk nooit bij een triple negatieve tumor. Hopelijk toch gewoon een infectie of late bestralingsschade. Ik wist ook niet hoe dat voelde.

We vierden 31 augustus een heel fijne tweede verjaardag van mijn jongste. En op deze maandag werd ik gebeld met de uitslag. Het waren weer heftige dagen. Het moest goed nieuws zijn. Met mijn blocknote was ik aan het opschrijven wat ik wilde, wat niet en lekker aan het nadenken over een mooie toekomst. Niet wetende wat er binnen drie weken allemaal met mij zou gaan gebeuren. Toen ging de telefoon, mijn hart sloeg over en ik nam op. Slecht nieuws, bam….. Het was kanker. En het was dezelfde kanker. Het was terug. Nu als mastitis carcinomatosa, kanker die leek op een ontsteking. Ook in de huid bij de borst was het verspreid. Ik bleef me verbazen hoe een bericht van seconden, heel je leven opnieuw te gronde kon richten en alle plannen opnieuw totaal op losse schroeven kon zetten. Ik verbaasde me ook over de wendbaarheid die je hebt als mens, of die ik had. Meteen hoopte ik dat het lokaal was, dat het behandeld kon worden. Het kostte extra tijd, extra kracht, maar natuurlijk ging ik dat aan. Mijn oudste, van 3 jaar, voelde mijn verdriet en hield de weg naar huis constant mijn hand vast. Ik hoorde de stem van mijn man breken. Alles en iedereen stond weer op zijn kop.

Ik kwam een dag later terug. We maakten een scan. Ik kreeg ook de uitslag van de CT. Mijn man en ik gingen weer met vreselijke spanning naar mijn arts. De scan liet kanker zien in de borst, in twee klieren in mijn oksel (die er blijkbaar toch nog kunnen zitten na een okseltoilet). Dit was nog lokaal. Het was niet zichtbaar in andere organen en dit kon te genezen zijn. Al wist ik ook dat de kans klein was dat ik hiermee oud ging worden. Er was in ieder geval een kans dat ik meer tijd zou krijgen dan ik vooraf had verwacht. De uitslag van de PetCT moest nog komen. Maar voor nu waren we opgelucht.

En dan de uitslag van de PetCT. Er zat kanker bij het borstbeen. Dat was het hoekje om. Dat was niet te genezen. Dat was vreselijk nieuws, maar ik hoopte op veel, goede tijd. Ik had pijn aan mijn borst. Niet gek als je de scan zag, want eigenlijk werd de borst weggevreten door de kanker. Eén ding was zeker, de borst moest eraf. Het plan was nu dat eerst mijn borst verwijderd werd. De wond werd open gelaten, omdat ze het weefsel moesten onderzoeken. De snijranden moesten schoon zijn, al het nodige weefsel moest eruit, voordat ze me dicht konden maken. Als de wond dicht was, dachten ze in het ziekenhuis aan Hyperthermisch bestralen van het borstbeen. Maar ik werd eerst nog doorverwezen naar het Antoni van Leeuwenhoek voor meer advies.

Zo gezegd, zo gedaan. Op 8 oktober werd mijn borst verwijderd. En het deed me eigenlijk vrij weinig. Als het om overleven ging, was uiterlijk niet belangrijk. De operatie was klaar. Er was best wat huid weggehaald. De wond was vrij groot en complex. De pijn eraan viel me mee. Ik werd verrast door de vele bloemen, kaarten, cadeautjes en een spandoek op het dak van de Albert Heijn die was geplaatst door mijn collega’s! Mijn kamer rook veruit het lekkerst van de hele afdeling en die steun deed goed. Het was zo vreselijk om niet thuis te zijn.

Op 11 september hoorde ik dat er niet voldoende weefsel was weggehaald, weer een klap. Op 12 september werd ik opnieuw geopereerd. Ik wenste dat iets de kanker stopte. Gelukkig mocht ik in het weekend op verlof en even naar huis. Heerlijk om bij mijn gezin te zijn. Toen ik binnenkwam, bleef mijn jongste me knuffelen. Zeker 15 minuten lang. Ik moest er bij gaan zitten. Het was zo hartverwarmend. We hadden één dag met en één dag zonder bezoek. Helaas moest ik ook weer terug naar het ziekenhuis. De uitslag van de patholoog was nog niet binnen, maar er werd een operatie gepland om mijn wond te sluiten. “Er kan eigenlijk niets verder meer weggehaald worden”, zeiden ze. Er werd een LD reconstructie gedaan. Ze namen spier en huid van mijn rug om mijn wond te dichten. Na de operatie werd me verteld dat de huid het toch moeilijk had. Het was spannend of deze het ging redden of niet. Ik begon te huilen en ik hield niet meer op. Alles ging mis. Elke uitslag was slecht. Er gingen zelfs dingen mis waarvan ik het bestaan niet wist. In de ochtend na operatie 3 werd ik opgehaald door de ambulance en naar een zuurstofkliniek gebracht. Daarmee probeerden ze te zorgen dat mijn huid het toch ging redden. Ik ging, natuurlijk, maar kon niet bevatten wat me allemaal overkwam. Ik werd in een ambulance gezet en binnen weer losgemaakt. Ik zag mensen lopen op straat en dacht alleen: ‘Ik moet toch ook gewoon kunnen lopen’. Ik was altijd gezond, actief en sportief. De zuurstoftank was niet pijnlijk, maar wel erg intensief als je net 3 keer geopereerd bent. Mijn arts kwam daarna mijn kamer op. Er was nog meer aan de hand. Ze gaf aan dat ze het ook niet meer kon verbergen. Ik kreeg weer slecht nieuws. Tijdens de laatste operatie had ze voor de zekerheid nog een reep van mijn borstspier gesneden. Die rand was schoon, maar ik kon deze missen, dus voor de zekerheid had ze het nog opgestuurd. En in die reep was toch weer kanker gevonden. Ik was een kandidaat voor een operatie waarbij ze mijn hele borstspier zouden verwijderen. Ik werd erop gewezen dat het ook legitiem was om dit niet te doen. Ik raakte er namelijk een beetje gehandicapt van en ik moest weer onder het mes. De kanker was ons steeds een stap voor. Maar goed, niet weghalen was in mijn hoofd geen optie. Dan had ik helemaal geen kans. Ik had teveel om voor te leven. Dus ik werd weer geopereerd. Operatie nummer 4. Op 20 september.

De 23e had ik de afspraak in het AvL. Ik ging met mijn man naar Amsterdam en de conclusie was eigenlijk wat we verwacht hadden. Er was geen vertrouwen in chemo, omdat dat te weinig gedaan heeft terwijl ik vier soorten heb gehad. Het advies was inderdaad hyperthermisch bestralen van het borstbeen in Amsterdam. Dat bestralen was intensief, 24 dagen achter elkaar in Amsterdam. Dus ik ging met mijn ouders op zoek naar een vakantiepark om met ons gezin te verblijven, zodat we het draaglijk en een beetje leuk konden maken.

De huid boven mijn wond werd rood en ik maakte me zorgen. Het zag eruit en voelde hetzelfde als de beginnende roodheid van mijn borst. Vanuit de kliniek raadden ze me aan om me te melden op de SEH. Ik kreeg ook koorts. Er volgde antibiotica per infuus. Ik viel van de ene in de andere huilbui en voelde me ellendig. Naast de antibiotica moest mijn wond drie keer per dag gespoeld worden. Een paar dagen later volgde de uitslag van de operatie. Ik dacht eigenlijk dat deze uitslag geen impact meer kon hebben. Toch wel. De hele spier zat vol met kanker. Dat betekende dat de ‘bodem’ van de ziekte nog steeds niet was bereikt. Dat ze dachten dat bestralen geen zin had, omdat de ziekte verder verspreid was. Ik bedacht me dat dit alles gebeurd was in drie weken tijd. Drie weken… Normaliter werd er zo snel niet eens een nieuwe scan gemaakt. Mijn arts kwam binnen op mijn ziekenhuiskamer, waar ik met mijn man op haar wachtte. Ze had ondersteuning bij haar. Ik zag de emotie op haar gezicht. Het was helemaal mis. In drie weken tijd was mijn ziekte al zover uitgebreid dat er nu zelfs kanker zichtbaar was in mijn ruggenwervels, in mijn bekken, in mijn andere oksel, in eigenlijk alle lymfeklieren die ik had. Dit was de laatste klap, dit was de finaleklap. Ik had niet veel tijd meer.

Ik ging geen reis meer maken, ik ging enkele momentjes pakken en moest de meest vreselijke dingen gaan regelen… Dit was het.

Lees HIER het vervolg

YVONNE

Plaats een reactie