Mijn dochter is verdronken in onze vijver

16 september 2012

De dag begon zoals alle andere zondagen, je ontwaakt uit je slaap. Kinderen kruipen even bij je in bed. En je gaat vervolgens met je kinderen naar beneden. En begint de zondag chill. Het zonnetje kwam al op, het beloofde een mooie dag te worden. Een dag om lekker even de boel op te ruimen om ’s middags een mooie wandeling te maken door het bos. Omdat ik twee dagen overtijd liep met mijn zwangerschap, werd het ook nu ook wel eens tijd om de spullen uit de “blijedoos” uit te gaan pakken. Het kon zomaar zijn dat ik vandaag zou gaan bevallen. We aten een broodje, dronken een bakje koffie, de kinderen gingen ondertussen heerlijk hun eigen gang.

upload.jpg

En dan, dan is het bijna twee uur, het moment dat je alles onder je voeten vandaan voelt glijden. We zijn Eleonora kwijt. Hoe kan dat nu? Ik heb haar net nog geen twee tellen geleden zien smullen van de aardbeien. Faisca was met de waterfles aan het spelen. Terwijl Michel nog even een wasje doordraait. Hoor ik hem zeggen Eleonora is weg. “Weg?”, vraag ik mezelf nogmaals, dat is onmogelijk. "Ze is misschien wel met Faisca naar binnen gelopen", zeg ik nog tegen Michel. Maar zeker weten doe ik het ook niet. Zit ze niet gewoon weer boven aan de trap? Zoals ze altijd doet. Met haar speentjes in haar hand te wachten tot papa of mama haar weer komen halen. Michel is ondertussen de straat op gerend eerst links toen rechts. Ik kon er niet bij met me hoofd dat ze daar zou zijn. Ze zou nooit zomaar de straat op gaan. Ik was inmiddels in de benen gekomen met mijn dikke buik. En had Faisca gevraagd om even boven te gaan kijken of Eleonora daar was. Michel kwam de achtertuin weer in en hij liep regelrecht naar de opgemetselde vijver. Jahoor, daar dreef ze! Hij trok haar er uit, hield haar op de kop. Klopte op de rug en ging met haar op de grond zitten. De paniek was voelbaar. Hij stond op van de grond na nog een paar keet op de rug geklopt te hebben en ging met haar in zijn armen naar de bijkeuken. Op dat moment kwam net Faisca naar buiten gelopen. “Mama, Elolora dood”. Kwam er uit haar mond. Ik stuurde Faisca naar de woonkamer. Vroeg ondertussen of Michel hulp nodig had. Hij was alvast begonnen met reanimatie. Ik moest 112 bellen en zou ondertussen de buren roepen voor extra hulp. Zo gezegd zo gedaan. Ik rende met mijn dikke buik naar de buren, al bellend. Wat gek de telefoon gaat niet over, shit in alle haast had ik niet 112 ingedrukt maar 111. Poging twee  nu goed kijken wat ik indruk. Ja, dit keer was het juist, een vriendelijke vrouwenstem aan de andere kant van de lijn. "Goedemiddag, wat wilt u hebben politie, ambulance of brandweer." Ik riep: "spoed ambulance!" De naam van de straat en het huisnummer galmde door de telefoon. Ik zei: "kind en vijver" en ondertussen had de buurvrouw de deur ook open gedaan. Ik wees haar dat ze naar ons huis moest gaan. Dat Eleonora in de vijver was gevallen en ze Michel moest helpen met reanimeren.

Ik was nog steeds verbonden met de alarmcentrale, de mevrouw aan de telefoon vroeg of we hulp nodig hadden voor de juiste manier van reanimeren. Zo gezegd zo gedaan, ze had ondertussen een AED-alert uitgestuurd en de traumahelikopter en ambulance waren ook onderweg. Op het AED-smsje kwam heel snel reactie, de buurman die aan het einde van de straat woonde kwam er op af. Hij nam de reanimatie over. Het contact met de alarmcentrale was op de één of andere manier verbroken. De straat liep vol met mensen, ik nam even wat afstand van het hele gebeuren en ging kijken bij Faisca en Caithlin. Ze waren niets vermoedend aan het spelen. De politie was inmiddels ook gearriveerd, de ambulance was er. En Michel besloot even met Faisca en caithlin naar boven te gaan. We hoorden de helikopter over ons huis gaan. Hij landde op het veldje iets verderop. Daar kwam ook het traumapersoneel aangesneld. Ik keek van een afstandje toe hoe een man of vier met mijn kleine meisje bezig waren. De wijkagent stelde de gebruikelijke vragen om een beeld te krijgen van wat er nou precies gebeurd was. Hij vond me verschrikkelijk kalm en was bang dat ik spontaan zou gaan bevallen. Ik zei hem dat dat wel mee zou vallen. Ik gaf hem de antwoorden die hij wilde weten, Eleonora was ondertussen stabiel genoeg om mee te gaan de helikopter in. Ze had een kleine hartviberatie. Ze ging vanuit de ambulance in de helikopter. Ik had ondertussen mijn moeder gebeld om te vertellen wat er gebeurd was. En of ze zo snel mogelijk naar Ootmarsum wilde komen om de andere kinderen op te vangen, zodat Michel met zijn eigen auto naar het ziekenhuis zou kunnen komen. Ik zou met de ambulancebroeder meerijden naar het ziekenhuis. De rit naar het ziekenhuis vergeet ik nooit meer. De sirene stond aan. En ik zag hoe de mensen er op reageerden. De één schrikt zich een hoedje, zodra ze een sirene horen en de anderen doen precies dat wat ze moeten. Netjes de ruimte geven aan de ambulance. Ik vertelde de ambulancebroeder dat ik het knap vond dat hij zo kon rijden. Zo onvoorspelbaar als dat de weggebruikers zijn zodra er een sirene achter ze rijdt. Aangekomen in Enschede zag ik de ADAC nog op het dak staan van het MST. Eleonora zou net binnen zijn gebracht op de Intensive Care. Ik mocht even naar haar toe. Daar lag ze op een veel te groot bed. Mijn kleine meisje, ik sprak de woorden tegen haar: ”Kom op meisje! Mama houdt van je! Je kunt dit!” ik voelde aan alles dat ik mezelf tegen sprak. Ik zei mezelf hoop te houden. Ze werd naar een kamertje gebracht waar de artsen met haar bezig aan de slag gingen. En ik werd in een aparte kamer gezet waar ik moest wachten tot Michel er was. Nog geen vijf minuten later kwam Michel binnen. Ik vertelde hem dat ze met Eleonora bezig waren. Dat ik er een slecht gevoel over had. Ondertussen lijken de minuten wel uren te duren. We zaten daar maar te wachten in spanning op nieuws. Ondertussen stroomden de sterkte wensen binnen op de telefoon en zagen we een bericht dat het al online stond op RTV Oost. "Geen aandacht aan besteden, dat zien we later wel", dacht ik nog. Daar kwam een arts, hij vertelde dat Eleonora met 28 graden was binnen gebracht. Onderkoeling, hoe kon het ook anders. Ze vertelden dat ze haar eerst op temperatuur moesten brengen met een machine. Ze hadden al van alles en nog wat gedaan. De helft ging langs me heen 

Ze werd naar de Thorax ICA gebracht en wij zouden een verdieping hoger gebracht worden, zodat we dicht bij Eleonora zouden zijn. Dan komt er ondertussen familie binnen wandelen om je te steunen. Je deelt het verhaal en iedereen wacht in spanning af. Uren gingen voorbij. Het was inmiddels al acht uur geweest. Daar kwam weer een arts. Ze zeiden dat ze haar met een kwartier zouden afkoppelen van de machine, haar lichaam was op temperatuur gekomen. Nu zouden ze moeten kijken of haar hart sterk genoeg was. En dan, dan komt de arts weer bij je en vertelt je dat ze ons wilden ophalen, maar dat het te laat was. De machine was uitgezet. Dan krijg je het verschrikkelijke bericht dat ze overleden is. Ons kleine meisje van nog maar 23 maanden had samen met de doctoren gevochten voor haar leven. Het mocht niet zo zijn! Haar hartje kon het niet aan en haar hersens gaven geen reactie op de prikkels. De grond viel onder onze voeten weg. We mochten naar haar toe. Daar lag ons meisje, het leek alsof ze sliep en elk moment wakker kon worden. Haar lichaam voelde kouder dan normaal. Ik aaide door haar haar, ik gaf haar nog een kusje en bekeek haar aandachtig. We namen afscheid. De volgende dag zou ze thuis gebracht worden.

Dan kom je na zo’n heftige dag thuis, in een stil huis. Faisca en Caithlin bleven bij mijn zus slapen. Michel en ik huilden, spraken over wat er gebeurd was. En liepen maar te ijsberen door het huis. Michel vertelde dat de recherche ’s middags geweest was. Blijkbaar is dat een standaard procedure. We besloten om in bed te gaan liggen en een poging te doen om wat te slapen. Dat viel niet mee, de hele hectiek van de dag ging door ons hoofd. De beelden speelden als een film af zodra je je ogen sloot. Van slapen kwam niks terecht. We waren net een stelletje zombies de volgende dag.  

Maandag 17 september 2012 de dag waarop je thuis werd gebracht.

Naar mijn idee was het een uur of twee toen de begrafenisondernemer met je aan kwam rijden. Je lag in een kistje en werd naar boven gebracht. Op je bedje werd je neergelegd. Papa deed samen met de begrafenisondernemer je eigen kleding aan. Papa zorgde voor je zoals die anders ook deed. Hij poetste je neusje. Hij was niet bij je weg te slaan. Ik kon het niet, ik kon niet de hele dag bij je zitten. Ik kon je geen kusjes meer geven, niet omdat ik het niet wilde, maar puur en alleen omdat je lichaam koud was. En dat hoorde niet. Je hoorde warm te zijn en niet koud. Die dag liepen er continu mensen in en uit. Familie en vrienden kwamen als steun. Faisca kwam nog even samen met mijn zus, ze had Faisca het verschrikkelijke nieuws verteld. Het nieuws dat Faisca  al voorspelde toen ze jou de vorige dag bij papa op de arm had zien liggen. Haar vriendin, haar zusje, was overleden. Faisca begreep er nog niet zo heel veel van. Ze ging je kietelen en bedacht dat je wel weer je ogen zou openen. Faisca en Caithlin bleven nog wat langer bij Geke zodat papa en mama even die zorg niet hadden. Maandagavond besloot de baby dat ze wel even anders om in de buik wilde gaan liggen. De verloskundige stuurde me naar het ziekenhuis. Dat ziekenhuis waar jij in was overleden. Ik kreeg een echo en er werd besloten dat ik de volgende dag ingeleid zou worden. Ik moest er toch niet aan denken om nu een kind te krijgen?! Ik was jou net kwijt hoe kon ik nu een bevalling doen. Ik besloot dat ik het maar over me heen liet komen. Ik wilde toch ook wel graag bij jouw begrafenis zijn.

Dinsdag 18 september 2012

Ik moest me officieel om 9 uur al melden in het ziekenhuis. Vandaag zou je zusje geboren worden. Maar ik wilde niet. Ik was flink tijd aan het rekken thuis. Nog even dit en nog even dat. Papa bleef bij jou thuis. Tante Ansjeela en een vriendin van mama zouden mee gaan om mij door de bevalling te helpen. Papa kon het niet, papa kon jou niet alleen thuis laten. Papa kon niet een nieuw kindje welkom heten terwijl hij net zijn andere dochter was verloren. En ik begreep papa, ik snapte precies wat hij bedoelde. Dit was ook wel een bizarre situatie waarvan niemand hoopt dat het ze overkomt. Ik deed wat ik moest doen. En zo was ik ’s middags om iets over vijf bevallen van jouw zusje. We hadden nog niet eens een naam voor de baby tot dat jij overleed. Toen ineens wist ik hoe de baby moest gaan heten. Ik vroeg papa nog even ’s ochtends voor ik naar het ziekenhuis ging of hij het ermee eens was. En zo kreeg jouw zusje de naam Charlotte-Nora. Niet veel later mocht ik alweer naar huis. Het huis zat vol met mensen. Ik denk wel een stuk of 20 man die er in de woonkamer zaten. Ik liet papa je zusje zien. De kraamverzorgster was er ook al. En dat bleek niet de juiste persoon voor deze situatie. Papa noemde haar een verkeersregelaar. Ik moest maar naar boven gaan met de baby en dan zou ze mij even vertellen hoe en wat. Zo gezegd zo gedaan, en daar bleek nogmaals dat ze niet de juiste persoon was voor deze situatie. Ze maakte een opmerking waar zelfs nu na zes jaar nog mijn haren van overeind gaan staan. Ik besloot er geen woorden aan vuil te maken. Ik gaf Charlotte haar voeding en ging weer naar beneden. De hele week kwamen er mensen om afscheid van jou te nemen en om je zusje welkom te heten. Het besef kwam bij me binnen, leven en dood dat ligt zo dicht bij elkaar. Gek genoeg vond ik zoveel troost in jouw zusje, zij kon er per slot van rekening niks aan doen dat ze in zo’n heftige periode ter wereld kwam. Het gaf me de kracht om door te gaan ook al was ik zo moe, ook al had ik veel verdriet om jou. Een baby geeft zo veel rust. Ik vond het zo heerlijk wanneer het huis vol zat met mensen dat ik me even kon afzonderen van iedereen. Ik moest immers gewoon een baby voeden. De kraamverzorgster werd woensdags door één van mijn zussen op de hoogte gebracht dat het kraamkantoor een andere zou sturen. Er moest iemand komen die wel met deze situatie om kon gaan. En daar was Christa een ontzettende lieve vrouw die er was voor mij en de baby en het ook niet erg vond om jouw kamertje op te gaan. Het hoorde er nou eenmaal bij. Dankzij Christa werd de kraamtijd niet zo zwaar. Ze verzorgde de baby ze liet mij mijn ding doen. En als ze zag dat ik mezelf voorbij liep werd ik mijn bed in gestuurd. Al kwam van slapen niks. Ik had wel even een momentje voor mezelf. Ook leek het haar verstandig om ’s middags gewoon de bel er af te doen. De mensen kwamen continu maar binnen lopen. Logisch ergens ook, maar ik was net bevallen en ik was net een kind verloren. Ik en michel hadden ook momenten van rust nodig. Ook moesten we de begrafenis van Eleonora regelen. We moesten besluiten hoe we het wilden hebben, welk kistje, waar ze begraven zou worden. En alles wat er nog meer bij kwam kijken. Gelukkig zou mijn broer dit voor ons regelen. Ik kon niet helder denken, wat wil je ook met veel te weinig slaap. Het kistje hebben Michel en ik samen uitgekozen, daar waren we het snel over eens. Het zou een wit klein kistje worden. Alle andere dingen liet ik over aan Michel en mijn broer. Het was goed zo.  

upload.jpg

 25 september 2012 

De begrafenis is vandaag. Vandaag moeten we definitief afscheid van je nemen. De kraamverzorgster blijft thuis bij de baby en Caithlin. Faisca is nog bij mijn zus en gaat met haar mee. Papa en de begrafenis ondernemer maken je klaar en leggen je onder toe ziend oog van mama en andere familie in je kistje. Papa draait je kistje dicht en tilt je samen met de meneer de trap af naar beneden, de auto in. Vanuit Ootmarsum naar Vriezenveen is het ongeveer een half uurtje rijden. Ik observeer de mensen die we voorbij rijden. En zie hoe iedereen reageert op een rouwstoet. De één met respect de ander bijzonder asociaal. We komen aan in Vriezenveen waar de kerk vol zit met mensen. Papa tilt jou samen met opa, oma en Rutger de kerk in. Mama loopt er samen met oma en Marian achteraan. Wat zijn er veel mensen. Ik denk wel een stuk of 150 personen. Er worden foto’s van je getoond op de beamer. Er wordt door opa en papa over je gesproken. De teksten op de bloemen worden voorgelezen en we draaien twee liedjes. Ook wordt er nog een stukje op de viool gespeeld. Waarna de begrafenisondernemer besluit dat het tijd is om jou naar je laatste rustplaats te brengen. Mama en papa sluiten samen jouw kistje. Papa geeft je zonder moeite een laatste kus. Ik dacht dat ik het niet kon. Maar het voelde als of er een sterke bovennatuurlijke kracht me naar je toe duwde om jou nog een laatste kus te geven op je hoofdje. We sloten de kist en je werd de kerk uitgedragen. Mama en papa reden in de auto mee. Op de begraafplaats worden er ballonnen de lucht ingelaten. En komt de zon nog even tevoorschijn. Papa zet je in je grafje samen met oma. We nemen definitief afscheid van ons meisje. Papa had besloten om zelf je grafje te bedekken met zand. Mama ging alvast terug naar de koffietafel en sprak met verschillende mrnsen over jou en over hoe ze de dag hadden ervaren. En ik ben moe, ik wil naar huis naar mijn baby toe. Er besluiten nog wat broers en anderen mee te gaan naar huis. Daar drinken we nog wat en eten we nog een zoute haring. Het huis is daarna leeg. Je kamertje is leeg, wat er is zijn herinneringen. Herinneringen aan een meisje zo klein, die veel te kort op deze aarde mocht zijn.  

upload.jpg

 De kraamverzorgster komt morgen voor het laatst, dan zit mijn kraamweek er ook weer op. En moet ik het allemaal weer zelf doen. We geven haar een dikke bos bloemen en een doos Merci. Ze was een ware steun voor ons. Het valt me zwaar. Alles weer alleen te moeten doen. Je hoofd zei dat je niet meer wilde en je hart zei je dat je moest. En dat klopt ik moest. Dat was ook mijn kracht. Ik bleef liever hele dagen in bed liggen me ellendig voelen. Maar ik kon toch niet de kinderen aan hun lot overlaten? Zij hebben toch ook niet gevraagd om hun zusje te verliezen. Ik moest er voor ze zijn of dat nu ’s nachts was of ’s ochtends vroeg. Ik moest er weer staan. Voor hun ging het leven gewoon weer door. En natuurlijk was er verdriet en gemis. Faisca die ineens geen zusje had om mee te spelen. Caithlin die te klein was om mee te spelen. 

Het is best gek om na zoiets heftigs weer onder de mensen te komen. Buitenstaanders die het allemaal mee gekregen hebben. Je doet je verhaal even kort bij de leidsters en hoopt dat Faisca een leuke ochtend heeft. Rond half 12 haalde ik haar weer op en hoorde ik van de leidsters dat ze heel nuchter even verteld had wat er gebeurd was om vervolgens weer vrolijk verder te gaan met haar spel. Gelukkig maar dat een kind zo met de dood omgaat. Dat geeft je als ouder zijnde ook de kracht om het niet te zwaar te maken. Verdriet mag er zijn. Dagen dat je je ellendig voelt mogen er zijn. En dagen dat je denkt de hele wereld aan te kunnen mogen er ook zijn. Rouw is zo iets geks, het ene moment kun je huilen van verdriet en het andere moment huil je van dankbaarheid. Dankbaar dat zo’n klein lief meisje jouw kindje is. Dat zo’n klein engeltje, want dat is wat ze was, een engeltje op aarde, je vanuit de hemel de kracht geeft om elke dag weer door te gaan. Rouw maakt je een ander mens. Rouw is raar. Rouwen laat je beseffen wat de waarde is van het leven. Maar rouw geeft je ook ontzettend veel schuldgevoelens. Bij rouwen hoort de vraag wat als? Ja, wat als ik dit of dat... Die vragen maken je gek. Het was een ongeluk. We konden hier niks aan doen. Voor hetzelfde geld was ze wel de straat op gerend, omdat er nog geen schuttingpoort was en was ze geschept door een auto. Voor hetzelfde geld waren we die middag wel met zijn allen gaan wandelen en was er toen iets gebeurd. De wat-als-vragen horen nou eenmaal bij rouw. Je moet naar mijn weten heel sterk zijn om die vragen je hoofd niet te baas te laten worden.  

Credit: Studio Joe Amsterdam

Credit: Studio Joe Amsterdam

Het boek Ennu?

Ik mocht mijn verhaal delen in het boek Ennu? Een boek vol met verhalen over het plotselinge overlijden van een kind. Een boek dat tot steun mag zijn voor mensen die hetzelfde meemaken. Een boek dat laat zien dat iedereen op een eigen manier rouwt. De rauwe kant van rouw. Dit boek is gekoppeld aan stichtingparkerenindezon.nl, een stichting die zich wil inzetten voor gezinnen van plotseling overleden kinderen. De steun kan zijn van huishoudelijke hulp na een heftig verlies tot aan een dagje weg om even te parkeren in de zon.

upload.jpg

 

ANNEKE