Tijdens mijn zwangerschap had ik een angststoornis

Lang heb ik getwijfeld of ik dit kwetsbare stukje van mezelf wel of niet op papier zou zetten en zou delen met de wereld. Ik vond redenen om het niet te doen, waarvan schaamte de belangrijkste was. Maar de redenen om mijn verhaal wel te delen wogen toch zwaarder: dit platform wordt door veel (wens-) mama’s gelezen en ik kan me voorstellen dat er medelotgenoten onder de lezeressen zijn die wel een stukje herkenning en bemoediging kunnen gebruiken. Ik weet dat ik dat erg prettig vond tijdens mijn zwangerschap.

Goed, daar komt ‘ie: Tijdens mijn zwangerschap had ik een angststoornis. Ik was altijd al een typje dat zich snel zorgen maakte. Ik wilde alles perfect doen en dus vooral geen (fatale) fouten maken. Spanningen zo nu en dan waren voor mij dan ook ‘normaal’. 

 

 

Op een prachtige dag in februari ontdekten mijn man en ik dat we een kindje verwachtten. We waren verrukt en blij, want na 10 of 11 rondes proberen begon de moed mij al een beetje in de schoenen te zakken. Het mooie, overduidelijke streepje op de zwangerschapstest was meer dan welkom! De eerste weken verstreken en behalve dat ik wat vermoeidheidsklachten had, zat ik goed in mijn vel. Ergens in week 6 of 7 van de zwangerschap moest ik naar de tandarts. "Gewoon een simpele controle", dacht ik. Ik had mijn sportoutfit al aan, om na mijn tandartsbezoekje naar de sportschool te gaan. Terwijl ik zat te wachten op de tandarts, riep een assistente mij om wat foto’s te maken van mijn gebit. ‘O ja, dat is inderdaad al weer even geleden,’ grapte ik nog tegen haar. Ik nam plaats op de stoel in een aparte ruimte en voor ik het wist waren de foto’s gemaakt. Maar terwijl ik op de stoel zat voor de gebitsfoto’s zag ik een deur die leidde naar een apart hokje in de kamer en op die deur zat een sticker. Een gele driehoek moet een zwart uitroepteken met daaronder een soort waarschuwingsboodschap dat zwangere vrouwen geen röntgenfoto’s mochten laten maken. Je raadt het al: paniek. Waarom hadden ze die rotsticker niet op de deur naar de fotoruimte geplakt, zodat je de sticker al vanuit de wachtkamer kon zien?! Ik vroeg de assistente of het kwaad kon voor mijn baby. Ze keek twijfelachtig en lichtelijk geschrokken. Ze zei dat ze het niet precies wist. Even later stelde ik aan de tandarts dezelfde vraag. Hij keek ook geschrokken en zei dat ik het voortaan aan alle zorginstanties moet vermelden dat ik zwanger ben. Ik moest zelf nog wennen aan het feit dat ik zwanger was, laat staan dat ik me realiseerde dat ik dat nieuws met zorgverleners moest delen. Thuis barstte ik in huilen uit. Mijn man vertelde dat ik de verloskundige – die ik dus nog nooit had ontmoet, omdat ik nog niet eens mijn eerste afspraak had gehad – maar moest bellen. De verloskundige probeerde me gerust te stellen en zei dat het kleine frummeltje nog achter mijn bot verscholen zat dus niets van straling had meegekregen. Toch bleef ik maar malen ‘wat als…?!!’. Ik lag in bed, huilde en voelde me verschrikkelijk schuldig naar mijn zooo gewenste kindje. Relativeren lukte niet.

upload.jpg

Na een paar dagen verdween de spanning naar de achtergrond doordat het dagelijks leven gewoon doorging. Werken, het huishouden en afspraken met gezellige mensen maakten dat ik me weer beter voelde. De eerste echo was fantastisch en we waren verrukt bij het zien van het kloppende hartje van ons kindje. Toch waren er af en aan spanningen. Mijn man moest bijvoorbeeld naar de neuroloog, omdat hij gigantische migraineaanvallen had en er moest op een zeker moment een MRI van zijn hoofd gemaakt worden om uit te sluiten of er niet iets geks in zijn brein zat. Ik zag mezelf in gedachten al naast zijn kist staan met een newborn in mijn handen. Wederom gingen mijn gedachten veeeel te ver en was relativeren zo lastig. De uitslag van de MRI gaf rust: er was niets geks te zien. Dus deze spanning kon ik weer loslaten. Maar binnen de kortste keren was er wel weer iets anders wat de plek van de spanning innam. Het échte kantelpunt was het moment dat mijn man en ik lekker op vakantie waren in Italië. Ik was 19 weken zwanger en moest om de klipklap naar het toilet en vroeg me af of dat normaal was. Op een appgroep met andere moeders vroeg ik naar hun idee en ze gaven aan dat de grote plasdrang kon komen doordat de baby op mijn blaas drukte, maar dat het ook wel eens een blaasontsteking kon zijn. Gewapend met mijn potje plas gingen Fer en ik die avond naar de campingarts in de hoop dat hij uitsluitsel kon geven door even een staafje te dopen in mijn urine. Helaas kon hij er niets mee. Hij luisterde even naar mijn klachten en schreef antibiotica voor die in zijn beleving samen kon met de zwangerschap. Voor de zekerheid belde ik mijn verloskundige in Nederland even en zij zei dat ik beter om een ander medicijn kon vragen. Ik gaf aan dat ik eigenlijk ook niet zeker wist of het wel blaasontsteking was. Ze adviseerde me om de dag erop even een lokaal ziekenhuis te bezoeken en daar te vragen om een gedegen onderzoekje en een bepaald, veiliger type antibiotica. Opnieuw pieste ik in een lege, schoongemaakte jampot en vertrokken we richting het ziekenhuis in het stadje. Bij iedere drempel gilde ik het uit van de pijn door de druk op mijn blaas. Bij het ziekenhuis aangekomen heb ik eerst ergens in de bosjes geplast, want ik kon het echt niet langer ophouden. Toen we eindelijk de ingang van de spoedeisende hulp hadden gevonden, moesten we daar lang wachten voordat we eindelijk iemand konden uitleggen waarvoor we waren gekomen. De verpleegkundige in kwestie sprak geen Engels, dus moesten we alles in het Italiaans vertalen. Op een gegeven moment vroeg ze of ik ook bloed had verloren. Ik vertelde dat ik op mijn wc-papiertje wel een spoortje lichtbruin bloed had gezien, maar dat kon ook wat anders zijn, if you catch my drift. Alle alarmbellen gingen rinkelen bij het personeel en ik moest naar de gynaecoloog toe. Behalve de drukte op de SEH was het ziekenhuis uitgestorven, want blijkbaar was het een lokale feestdag. Dat gaf een extra nare sfeer bovenop mijn gespannen gevoel. Ik verwachtte dat de gynaecoloog, op wie we super lang hadden moeten wachten, een staafje in mijn urine zou doen om te controleren of ik blaasontsteking had. Maar in plaats daarvan moest ik plaatsnemen in de bekende stoel met beugels en voor ik het wist werd er een inwendige echo gemaakt. Allemaal leuk en aardig en natuurlijk een feest om de kleine man weer te zien bewegen. Maar dat was uiteraard niet waarvoor ik kwam! Ik wilde weten of ik blaasontsteking had! Terwijl ze aan het rondroeren was met de echo-stok legde ik nogmaals uit waarvoor we waren gekomen. Ze bewoog de stok in een bepaalde hoek en vroeg of dat pijn deed. ‘Uhh, ja, het voelt niet echt aangenaam…’, zei ik. ‘Dan heb je blaasontsteking’, zei ze en ze schreef antibiotica voor. Geen gedegen onderzoek, geen controle van urine, maar ik mocht wel met antibiotica aan de slag. Dit keer gelukkig wel het soort dat mijn verloskundige had goedgekeurd. De medicatie moesten we ophalen bij een apotheek naar keuze in de stad. Maar ja, door de feestdag was bijna elke apotheek dicht. ‘Lekker dan… Wat is het slecht geregeld hier!’, dacht ik wanhopig. Uiteindelijk vonden we een apotheek die nog open was (althans “open”… via een schuifdeurtje in de achterdeur kregen we het doosje toegestopt. We hoefden nog net niet het geheime wachtwoord te vertellen…). En toen begon het volgende: ik moest kiezen of ik wel of niet aan de antibiotica wilde beginnen. Ik had angstgedachten en piekerde en piekerde. Want wat als ik nu geen blaasontsteking had?! Dan stelde ik mijn kind zonder reden bloot aan de medicatie. Uiteindelijk vertelde de verloskundige dat mijn klachten wel erg leken op blaasontsteking en besloot mijn man dat ik aan de pillen moest beginnen.

upload.jpg

Door heel dit fiasco was ik goed van de kaart. Ik voelde me paniekerig, bang en schuldig. Niet lang na deze “fantastische” vakantie werden mijn paniekaanvallen zo hevig dat ik uiteindelijk bij een psycholoog aanklopte en wonder boven wonder binnen no time terecht kon, ondanks de giga wachtlijst. En vrij snel had ik dan ook de diagnose ‘angststoornis’ te pakken. Samen met de psycholoog, mijn man en mijn ouders werkte ik aan mijn herstel. Als anderen vroegen hoe het met me ging, vertelde ik vaak: ‘Ik geniet van zijn trapjes en gedans in mijn buik!’ Daar was niets aan gelogen, maar het was natuurlijk niet de hele waarheid. Tegen sommige mensen, ook vriendinnen, was ik meer open. Helaas reageerde een aantal mensen ook gewoon echt onbegripvol. ‘Je weet dat spanning slecht is voor de baby, hè?’, was een veelgehoord antwoord. Op dat soort momenten wilde ik gewoon weglopen uit het gesprek. Anderen dachten dat ik me aanstelde, terwijl ik voor hun neus een paniekaanval doorstond. Alsof ik het deed voor de aandacht of zoiets. Onbegrijpelijk. 

 

 

 

Je ziet echt goed wie je échte vriendinnen en vrienden zijn: mensen die er voor je zijn, of ze je situatie nu begrijpen of niet. Mensen die zonder oordeel luisteren en troost geven. Na mijn bevalling was ik verliefd op mijn kindje. Mijn allerliefste zoontje Noah. Maar doordat mijn hele leven in één keer op zijn kop stond, ik nauwelijks kon slapen en ik overweldigd was door dit slaapgebrek en hormonen werden de paniekaanvallen soms nog een tikkie erger. Toch ben ik er uiteindelijk uitgekomen met goede hulp van mijn man, ouders, vrienden en psycholoog. Op verjaardagen word ik via via nog wel eens geconfronteerd met mijn pittige zwangerschap en kraamweken. ‘Kan je nu wél echt genieten?’, hoor ik dan van meiden die ik zelden spreek. ‘Uhm… Hoe weet jíj van mijn situatie?’, denk ik dan. Maar ik antwoord maar met: ‘Ja, het is heerlijk. Noah is een fantastisch, lief kereltje!’. Ik kijk terug naar alle mooie herinneringen. En alle nare herinneringen aan mijn zwangerschap en kraamweek wil ik een plekje geven en eventueel gebruiken om andere moeders te helpen. Verder kijk ik vooruit, naar al het moois dat nog gaat komen! Tegen alle zwangere moeders en tegen alle (wens-)moeders met zorgen, angsten en paniek wil ik zeggen: Hey, het is oké. Het is niet jouw schuld. Het overkomt je en je wil het niet. Maak het bespreekbaar bij mensen die je vertrouwt en zoek steun bij professionals. Maar jij hebt NIETS fout gedaan.

 

 

 

  ANNA (klik hier voor haar Instagram)