
Emily (29): "Ik heb liever een uitkering, dan een rotbaan"
“Ik heb gewoon geen zin om mezelf elke dag kapot te werken voor iets waar ik ongelukkig van word”
Ik zat op de bank, midden op de dag, koffie in mijn hand, en dacht: waarom zou ik mezelf dwingen om ergens te werken waar ik doodongelukkig van word? Iedereen doet altijd alsof werken heilig is, alsof je per se elke baan moet aanpakken die je krijgt. Maar ik voel dat gewoon niet zo. Ik heb het geprobeerd. Echt. Maar elke keer liep ik weer leeg. En ergens dacht ik: waarom moet ik mezelf dit aandoen? Waarom is dit normaal? Ik keek om me heen en zag hoe iedereen maar doorgaat. Alsof er geen andere optie is. Maar ik voelde aan alles dat dit niet mijn manier is. Dat ik mezelf kwijt raak als ik daarin mee ga. We zijn allemaal werkmieren.
Ik word gewoon snel moe van werk
Laat ik eerlijk zijn: ik word gewoon snel moe. Niet een beetje moe, maar echt leeg. Vooral van banen waar je de hele dag moet rennen, luisteren, schakelen en presteren. Ik heb in de horeca gewerkt, in een winkel gestaan, op kantoor gezeten. Het maakt eigenlijk niet eens uit wat ik doe, na een paar weken voel ik het alweer. Dan begint het. Moe wakker worden, geen zin hebben, mezelf ernaartoe slepen. En dan denk ik: is dit het nou? Ik zie collega’s die het allemaal wel volhouden. Die doorgaan zonder te klagen. En dan vraag ik me af: wat doe ik anders? Waarom trek ik dit zo slecht? Ik probeer het wel, maar mijn lichaam werkt gewoon niet mee. En dat frustreert me soms ook. Want ik wil niet lui zijn, maar zo voelt het wel.
“Zo is werk nou eenmaal”…. ja, maar waarom dan?
Mensen zeggen altijd: “Zo is werk nou eenmaal, iedereen heeft daar last van.” Maar ik vraag me dus serieus af: waarom accepteren we dat dan met z’n allen? Waarom is het normaal dat je elke dag iets doet waar je eigenlijk geen zin in hebt? Dat je uitgeput thuiskomt en alleen nog maar op de bank kunt liggen? Ik snap dat gewoon niet. Of misschien wil ik het gewoon niet snappen. Want als dit het is, dan pas ik ervoor. Ik merk dat mensen dat lastig vinden. Dat je daar vragen bij stelt. Alsof je iets zegt wat niet gezegd mag worden. Maar voor mij voelt het gewoon eerlijk. Ik wil niet doen alsof dit normaal is als het voor mij niet zo voelt. En dat zorgt soms voor discussies. Maar dat neem ik voor lief.
Ik kies niet zomaar elke baan
Ik solliciteer wel. Echt wel. Maar ik reageer alleen op banen waarvan ik denk: hier word ik niet ongelukkig van. Iets wat bij me past, waar de sfeer goed is, waar ik niet compleet leeggezogen word. Alleen ja… dat zijn er niet zoveel… En als die er niet zijn, dan ga ik niet uit pure wanhoop iets aannemen waar ik binnen drie weken alweer klaar mee ben. Dat heb ik gedaan, en dat werkt voor mij gewoon niet. Dan zit ik weer in dezelfde cirkel. En daar heb ik geen zin meer in. Ik wil niet meer opnieuw beginnen om weer opnieuw vast te lopen. Dat voelt als tijdverspilling. Dan wacht ik liever op iets wat echt goed voelt. Ook al duurt dat langer.
Ja, ik heb een uitkering
Dus ja, ik heb een uitkering. En nee, daar ben ik niet trots op, maar ik schaam me er ook niet meer voor. Het is hoe het nu is. Het geeft me rust. Geen constante druk, geen verplichtingen waar ik tegenop zie. Ik kan mijn dagen indelen zoals het voor mij werkt. En dat is misschien niet hoe het ‘hoort’, maar het werkt wel. Voor mij in ieder geval. Ik merk dat ik daardoor mentaal rustiger ben. Dat ik weer een beetje mezelf ben. En dat is iets wat ik lang kwijt was. Dat gevoel wil ik niet zomaar weer opgeven. Niet voor zomaar een baan.

“Je profiteert van het systeem”
Die krijg ik ook vaak. Dat mensen zeggen dat ik profiteer. Dat ik een klaploper ben. Dat ik gewoon geen zin heb om te werken. En weet je? Misschien zit daar een kern van waarheid in. Ik heb inderdaad geen zin om werk te doen waar ik ongelukkig van word. Maar is dat zo raar? Moet je per se iets doen waar je kapot aan gaat, alleen omdat het hoort? Ik vind van niet. Mensen oordelen snel. Zonder te weten hoe het echt voelt. Dat maakt het soms lastig om erover te praten. Maar ik heb geleerd dat ik niet iedereen hoef te overtuigen. Dit is mijn keuze. En daar sta ik achter.
Ik wil wel werken, maar niet zo
Het is niet zo dat ik nooit meer wil werken. Helemaal niet. Maar ik wil iets doen waar ik niet elke dag tegenop zie. Iets waar ik energie van krijg, of in ieder geval niet compleet leeg van raak. En tot die tijd? Kies ik voor rust. Voor mezelf. Want ik weet hoe het voelt om mezelf te dwingen. En dat wil ik niet meer. Ik heb die grens nu wel gevoeld. En ik ga daar niet meer overheen.
Mijn dagen zien er anders uit dan die van anderen
Mijn dagen zijn rustig. Ik doe mijn dingen, spreek af, regel wat er moet gebeuren. Ik ben niet constant moe of overprikkeld. En dat verschil voel ik. Als ik terugdenk aan hoe ik me voelde toen ik werkte, dan is dit echt een wereld van verschil. Minder stress. Minder druk. Meer ruimte in mijn hoofd. En dat is me ook wat waard. Ik heb meer energie voor de kleine dingen. Dingen die eerst vanzelfsprekend waren. Dat geeft me een ander soort voldoening. Misschien niet zoals werk dat doet. Maar wel op mijn manier. En dat is genoeg, voor nu.
Mensen vinden er wat van, altijd
Of je nou werkt of niet, mensen hebben altijd een mening. Maar vooral hierover. Want dit ligt gevoelig. Iedereen heeft het druk, iedereen werkt hard, dus als jij dat niet doet, val je op. Dat snap ik ook wel. Maar uiteindelijk ben ik degene die met mezelf moet leven. Niet zij. En dat probeer ik steeds meer los te laten. Ik merk dat ik minder behoefte heb om mezelf uit te leggen, omdat ik heb gemerkt dat het vaak toch niets verandert aan hoe mensen ernaar kijken. Mensen hebben hun oordeel vaak al klaar voordat je überhaupt iets hebt gezegd. “Je bent jong, ga gewoon werken,” of: “Iedereen moet dingen doen waar hij geen zin in heeft.” Dat soort opmerkingen hoor ik regelmatig, en vroeger deed me dat echt iets. Dan ging ik twijfelen aan mezelf. Dan dacht ik: misschien hebben ze wel gelijk. Maar hoe vaker ik erover nadenk, hoe meer ik besef dat niemand mijn situatie echt voelt zoals ik die voel. Niemand ligt ’s ochtends in mijn bed met die tegenzin. Niemand voelt mijn vermoeidheid na een werkdag. En juist dat maakt dat ik die meningen steeds minder zwaar laat wegen. Ik hoef mezelf niet continu te verdedigen. Ik hoef mijn keuzes niet constant uit te leggen. Het is mijn leven. En als anderen dat niet begrijpen, dan is dat misschien gewoon zo. Dat betekent niet dat ik het verkeerd doe.
Misschien verandert het nog
Misschien komt er een baan voorbij waarvan ik denk: ja, dit is het. En dan ga ik er weer voor. Maar tot die tijd ga ik mezelf niet in iets duwen waar ik ongelukkig van word. Dat heb ik vaak genoeg gedaan. Ik heb daarvan geleerd dat het voor mij gewoon niet werkt. Ik weet nu beter waar mijn grens ligt. En die grens neem ik serieus, ook al vinden anderen dat lastig of onbegrijpelijk. Want uiteindelijk ben ik degene die de gevolgen voelt als ik daar weer overheen ga. Misschien verandert mijn situatie over een tijdje weer. Misschien krijg ik weer energie voor iets nieuws, iets wat echt bij me past en waar ik wel gemotiveerd voor ben. Maar dat moet wel van binnenuit komen. Niet omdat het moet van anderen. Niet omdat de maatschappij dat van me verwacht. Want dat is precies waar het eerder misging. Ik liet me leiden door wat ‘hoorde’, in plaats van wat goed voelde voor mij. En daar ben ik mezelf een beetje in kwijtgeraakt. Dat wil ik niet nog een keer. Dus ja, misschien verandert het. Maar tot die tijd kies ik bewust voor hoe het nu is. En dat voelt, hoe gek dat misschien ook klinkt voor anderen, op dit moment als de beste keuze die ik kan maken.
EMILY

