Geboorteverhaal: “Een knip en de vacuümpomp kwamen te pas aan mij bevalling”

| | ,

Ik was 38 weken en 2 dagen zwanger, toen ik beviel van mijn eerste kindje. Al dagen rommelde het: buikpijn, rugpijn en veel harde buiken. Met 35 weken was ik mijn slijmprop – wat ik vergeleek met een olifantensnottebel – verloren en ik had al het gevoel dat ik de 40 weken niet zou halen. Al een aantal nachten sliep ik met mascara op, want elke nacht kon ‘die ene’ zijn. En hé, je weet maar nooit wie je tegenkomt in het ziekenhuis. Ik vroeg of mijn moeder voetreflex op mij toe wilde passen, omdat ik het onderhand wel zat was. Ik spreek uit ervaring: vergeet het strippen, die flinke vrijpartij of het eten van het hart van een ananas. Voetreflex helpt écht!

Op 9 augustus 2018 om 00.30 uur voelde ik iets knappen down under en stroomde er een warme vloeistof uit mijn lichaam. Mijn vliezen waren gebroken. ‘Het gaat beginnen hoor. Binnen 24 uur ben je vader!’, zei ik vrolijk tegen Mike (mijn man). We belden de verloskundige en zij zei dat we weer moesten bellen als ik om de 5 minuten weeën zou hebben. Een poosje later ging ik door de grond… ‘Wat is dit?! Bel nu de verloskundige!’, riep ik naar Mike. Ik voelde pijn, ontiegelijke pijn en raakte in paniek. Alles wat ik had geleerd over rustig blijven kon ik niet toepassen. Welke houding moest ik aannemen? Hoe kon ik de weeën opvangen? Deze pijn kwam niet om de 5 minuten, maar ging aan één stuk door. Gelukkig was de verloskundige er snel en ze voelde hoeveel ontsluiting ik had. Ze wist dat ik graag ik het ziekenhuis wilde bevallen en zei dat we nú naar het ziekenhuis moesten gaan. “Je hebt 5 centimeter ontsluiting”, zei ze. Achteraf bleken dit er 8 te zijn, maar thank god heeft ze dat pas achteraf tegen mij gezegd. Ze wist dat ik snel in paniek raakte en probeerde me op deze manier rustig te houden.

Een aantal minuten later zaten we in de auto, op weg naar het ziekenhuis. We belden mijn moeder die ook gelijk in de auto sprong. Onderweg wist ik geen goede houding te vinden en als klap op de vuurpijl kreeg ik onderweg persdrang. Het gevoel van persdrang tegen houden, is niet te omschrijven. Even dacht ik langs de weg te bevallen en als cadeau het hectometerpaaltje te krijgen. Uiteindelijk kwamen we in de ziekenhuiskamer en trok ik meteen mijn kleding uit. Snel voelde de verloskundige hoeveel ontsluiting ik had en zei: ‘Je hebt volledige ontsluiting. Je mag beginnen met persen!’ Wat een ontlading! Halleluja! Het voelde alsof je diarree hebt en eindelijk een wc hebt gevonden. Ik perste liggend, ik perste staand, ik perste op de baarkruk, maar er kwam geen baby. Dit duurde láng, erg lang! De verloskundige liep veel heen en weer om te overleggen met de verloskundige in het ziekenhuis. Ik kreeg een katheter en mijn blaas werd geleegd. Hielp dat? Helaas niet… De verloskundige mocht mij niet meer helpen en de kinderarts, gynaecoloog en veel mensen met witte jassen stonden in de kamer. Er werd een echo gemaakt en het halve ziekenhuis kwam even in me wroeten. Dat is geen fijn gevoel kan ik je vertellen. Uiteindelijk bleek de baby met haar gezicht de verkeerde kant op te liggen, oftewel: een sterrenkijker. De witte jassen vertelden me dat ze de baby wilden halen met een vacuümpomp en een knip. Hier was die dus, de K N I P. Hetgeen waar ik al maanden bang voor was. En weet je, op dat moment maakte het me niks meer uit. Ze moest eruit, ze móést eruit! Alles ging als een soort waas aan me voorbij. Ik zag ergens een naald ter grootte van een breinaald mijn flamoes in gaan. Een soort wc-ontstopper ging er achteraan. Gelukkig heb ik van de knip (op dat moment) weinig meegekregen. Ik perste zo hard als ik kon en voordat ik het wist lag er een warm, klef en plakkerig lichaampje op mijn buik. Daar was ze dan: Maila. Een klein baby’tje van 3148 gram en een flinke bos met haar. Eindelijk! Wat was ik blij zeg, maar meer om het feit dat het erop zat én dat ik nog leefde. Inmiddels was het 05.20 uur. We kwamen om 02.30 uur in het ziekenhuis aan, wat dus betekent dat ik bijna drie uur heb geperst! Nadat de placenta was geboren, naaide de gynaecoloog de net gezette knip weer dicht alsof er niks was gebeurd. In vijf uurtjes ben ik bevallen, een snelle maar voor mij heftige bevalling.

Alle clichés zijn waar en inderdaad: je schaamte is verdwenen. Ik was altijd zó bang om te poepen tijdens de bevalling, maar daar denk je op dat moment geen eens aan. Ik vond het erger voor degene die het op moest ruimen! De bevalling was iets waar ik heel erg tegenop zag. En wat denk je… Oktober 2020 mag ik weer!

ILSE

Plaats een reactie