Ik had een gevaarlijke placenta: vol bloedingen en gesprongen aderen

| | ,

Ik heb zoveel bloed en stolsels verloren, dat iedereen denkt dat ik een miskraam heb. Lees mijn blog deel 1 eerst, voordat je hieronder verder leest.

Groei echo’s

7 april 2020

We hebben de laatste groeiecho gehad, hieruit blijkt dat het kindje opeens minder snel groeit. Geen reden voor echte paniek, maar als de gynaecoloog daarna mijn bloeddruk meet, blijkt deze erg hoog te zijn. Mijn bloeddruk is de hele zwangerschap erg netjes geweest, dus reden voor nader onderzoek. Er wordt bloed afgenomen en ik moet urine inleveren. De waardes zijn goed. Voor de zekerheid wordt er ook nog een CTG gemaakt. Geen weeënactiviteit en een goed kloppend hartje. Ik ben stabiel en het kindje beweegt volgens het apparaat, maar in mijn buik lijkt hij minder actief dan eerst. Enigszins gerustgesteld lopen we toch het ziekenhuis uit.

9 april 2020

Ik verlies veel slijm en wat bloed, toch maar voor een extra controle naar het ziekenhuis. De gynaecoloog maakt zich geen zorgen om het slijm en het bloedverlies. Het hoort er bij. Mijn bloeddruk blijkt wat laag. Het CTG wat daaropvolgend gemaakt wordt is ook weer goed. Voor de zekerheid 11 en 12 april ook naar het ziekenhuis voor een CTG, omdat ik het kindje aanzienlijk minder blijf voelen. Ondanks dat blijven de CTG’s goed en kan ik me ertoe zetten om 12 april (zaterdag) te gaan BBQ’en bij vrienden. We zijn er al in de middag en ik besluit voordat we gaan eten toch nog even een uurtje thuis op bed te gaan liggen. Dit is iets wat ik eigenlijk nooit doe, dus best vreemd. Ik merk dat ik afwezig ben. Gelukkig krijg ik morgen nog een CTG. Daarop blijkt dat alles goed is. Het billetje ligt onder mijn borst. Misschien verklaard dat ook meteen het tintelende en slapende gevoel wat ik daar ervaar. Niks wijst gelukkig op een zwangerschapsvergiftiging, want mijn bloeddruk is weer mooi onder controle.

13 april 2020

Het is Tweede Paasdag. Gelukkig hoeven we vandaag niet naar het ziekenhuis. Ondanks mijn zorgen en het niet ophoudende tintelende en slapende gevoel onder mijn borsten aan de bovenkant van mijn baarmoeder, en het minder actieve kindje in mijn buik, voel ik me rustiger. Maar ook vaag. Ik besluit deze avond vroeg naar bed te gaan. De onrust komt, maar gelukkig val ik rond 00.00 uur in slaap. Om half twee word ik wakker van vocht, op dit moment helder. Ik maak mijn man wakker en hij zegt tegen mij dat er vast niks aan de hand is. Ik plas en ga weer liggen. Alsof ik het van tevoren weet, doe ik een handdoek tussen mijn benen. Vervolgens weer vocht! En een heleboel. Met lichte paniek knip ik het licht aan. Tot mijn schrik zie ik heel veel bloed. Het spuit er letterlijk uit. In paniek sta ik op en bel staand het ziekenhuis. De verpleegkundige aan de telefoon zegt me rustig te blijven, te gaan liggen en te zorgen dat mijn tas ingepakt wordt. Ze belt zelf de ambulance waarop ik zeg: “We wonen op één hoog, is dat een probleem?”. De ambulance is er binnen een paar minuten. Ondertussen ben ik aangekleed en heb ik al een kraamverband in. De ambulanceverpleegster vraagt of ik naar beneden kan lopen, gelukkig kan ik dat nog. Om drie uur lig ik in een kamer op de spoedeisende hulp. Binnen no-time lig ik aan een infuus en hebben ze gelukkig het hartje te pakken van ons kindje. Ik weet nog goed hoe gerustgesteld ik toen was. Wederom kreeg ik weer het gevoel dat die kleine het gaat redden en dat hij gezond op de wereld komt. We worden naar de verloskamer gereden, want er is geen reden voor een spoedkeizersnede. We proberen wat te slapen, gelukkig lukt dat ook.

14 april 2020

Omdat ik regelmatig aan het CTG lig, kunnen de artsen zien dat er geen weeënactiviteit is, daarom word ik overgebracht naar de kraamafdeling. Ik mag een echo. Het kindje doet het goed, maar aan de bovenkant van mijn baarmoeder (waar ik de tintelingen voel) is een hematoom (soort blauwe plek) te zien. Dat kan de reden van de bloeding zijn. Ik blijf me de hele dag wat onrustig voelen. Maar ik kan nog kletsen en zelfs lachen. In de avond wordt de onrust erger. Weer word ik aan het CTG gelegd, weer krijg ik een goede uitslag en is er geen sprake van weeënactiviteit. Toch maken ze voor de zekerheid een inwendige echo om te kijken hoe het met mijn baarmoederhals is. De baarmoederhals is nog altijd 3 centimeter, dus lang genoeg. Wel zien we dat het kindje met zijn hoofdje tegen mijn baarmoedermond aan het drukken is. Volgens de verloskundige gek, maar toch doet hij het. Mijn man besluit naar huis te gaan, hij mag niet blijven slapen, en dan kan hij thuis nog een paar uurtjes slaap pakken. Om 23.20 voel ik duidelijk een wee en deze blijven ook regelmatig aanhouden. Ik pak de weeën timer erbij en houd ze bij. Weer mag ik aan de CTG en het blijkt dat ik inderdaad weeën heb. Ik word weer naar de verloskamer gereden. Waar ik de hele nacht aan het CTG lig.

De bevalling

15 april 2020

Ik bel mijn man om 07.00 uur op. Hij komt er direct aan. Om 09.00 uur komt de gynaecoloog aan. Ze voelt dat ik 2 centimeter ontsluiting heb. Er wordt voor de zekerheid een coronatest afgenomen mocht ik met spoed toch een keizersnede moeten ondergaan. Het is nu afwachten of de weeën doorzetten. Dat doen ze overdag niet. Om 20.00 heb ik nog steeds 2 centimeter ontsluiting. Ze ondernemen geen actie (denk aan wee opwekkers) omdat ik 34 weken en 5 dagen zwanger ben. “Hoe langer de baby in mijn buik zit, hoe beter”, vertellen ze mij. Het enige wat ik dan denk en voel is dat het kindje eruit moet! Ik besluit onder de douche te gaan, daar raak ik in een trance en laat de weeën nu hun gang gaan. Als ik dit aangeef aan de verpleegkundige, vertelt ze mij dat ze zojuist besloten hebben mij een shot morfine met een sedatiemiddel te geven, zodat ik kan slapen. Ik wil dit absoluut niet. Ik wil namelijk bevallen. Mijn gevoel zegt dat mijn kindje geboren moet worden. Ik mag erover nadenken, maar als mijn man zegt dat het misschien toch beter is het wel te doen, besluit ik toch akkoord te gaan. Bovendien vertelt de verpleegkundige mij dat als het kindje wil komen, hij dat ook door de morfine heen doet. Dat stelt me gerust. Om 23.00 uur krijg ik de spuit. En snel daarna val ik in een diepe slaap.

16 april 2020

Het is 02.00 uur als ik wakker word van hevige pijnen. Dit zijn overduidelijk hele krachtige weeën! De verloskundige toucheert mij en ik heb 3 centimeter ontsluiting. Dit gaat de goede kant op! De weeën zijn heftig, maar te doen. Ik kan ze wegpuffen. Mijn man geeft mij slokjes water, want ik heb ontzettende dorst de hele tijd. Als ik om 05.00 uur vocht voel lopen, blijkt het vruchtwater te zijn. De verloskundige toucheert me weer en ik zit al op 9 centimeter ontsluiting! Snel wordt alles klaargezet en om 05.55 krijg ik persweeën. Ik zit op 10 centimeter en ik mag persen. Het enige wat ik denk en zeg is dat hij eruit moet! Maar vervolgens durf ik niet te persen. Toch zet ik me er uiteindelijk toe en wordt onze zoon Ramses om 06.11 uur geboren. We zijn ontzettend blij en trots en vanaf het eerste moment doet hij het erg goed. Ondanks zijn premature leeftijd van 34 weken en 6 dagen.

Het had veel slechter kunnen aflopen.

Na de bevalling werd Ramses – na een uurtje bij mij te hebben gelegen – naar de afdeling neonatologie gebracht. Daar heeft hij in totaal vier dagen gelegen. Samen met mij want ik mocht “inroomen”. Daardoor was ik 24/7 bij ons kleine mannetje. Hij heeft het vanaf het begin super goed gedaan. Hij had alleen een glucose infuus wat er na twee dagen alweer uit mocht. Het is een vechter en dat werd na het onderzoek van de placenta nog eens extra duidelijk. Dat mijn placenta er anders uitzag dan normaal, werd mij al snel duidelijk gemaakt. De verloskundige en gynaecoloog die mij begeleidden hadden nog nooit zo’n placenta gezien en de rest van het medisch personeel ook niet. Ze konden me op dat moment nog niks vertellen. Het enige wat ze me wel konden vertellen, was dat mijn placenta opgestuurd zou worden naar een patholoog en dat ik daar later de uitslag van zou krijgen. Ik maakte me op dat moment geen zorgen.

Na een maand kreeg ik een telefoontje van de gynaecoloog. Zij vertelde mij dat mijn placenta in zeer slechte staat verkeerde. Aan de kant waar Ramses zat was het redelijk. Zijn navelstreng zat niet in het midden, maar aan de rand van de placenta en had een knoop erin. Direct de verklaring waarom hij op de laatste echo’s niet goed meer groeide. De placenta was aan mijn kant zeer slecht. Er waren overal bloedingen te zien en gesprongen aderen. Aan de aanhechting was er een zeer grote bloeding (retroplacentair hematoom) te zien. Direct de verklaring van alle bloedingen tijdens de zwangerschap en vooral de laatste bloeding waardoor de bevalling op gang is gekomen. Uiteindelijk zou dit hematoom kunnen leiden tot loslating van de placenta, waardoor de situatie levensbedreigend voor mij en Ramses had kunnen worden, maar gelukkig waren we er op tijd bij. Mijn placenta is nooit goed geweest, al vanaf de aanmaak ervan. Dit kon een relatie hebben tot de meerdere miskramen voor Ramses zijn geboorte. Al vonden ze het wel een wonder dat Ramses evengoed nog met vierendertig weken en zes dagen ter wereld is gekomen. Met deze staat van de placenta hadden ze hem al eerder verwacht. En had het wel eens veel ernstiger kunnen aflopen. Zowel ik als Ramses hadden kunnen overlijden. Verder werd ons nadrukkelijk verteld dat mochten we nog een kindje willen, we dat we dat echt onder begeleiding van het ziekenhuis moeten doen. Ik zou dan begeleid worden met medicatie tijdens de zwangerschap al zou het niet garanderen dat die zwangerschap goed zal gaan, de placenta goed zou aanleggen of ik überhaupt de zwangerschap kon voldragen. Verder moeten we dan ook rekening houden met een nog veel vroeger of misschien wel stil geboren kindje. Dit is een best groot risico, en willen we dat onszelf en daarmee ons gezin aan doen?

Eigenlijk wordt voor ons een beetje de beslissing genomen dat het niet slim is om nog een kindje te krijgen. Ze brengen het voorzichtig, omdat het altijd onze eigen keuze zal blijven, maar hoe ze het brengen en met veel nadruk herhalen, wijst erop dat het echt geen slim idee ís. Nu heb ik het door de vele miskramen nooit onder stoelen of banken gestoken dat ik heel erg gelukkig zou zijn met één gezond kindje, en dat ons gezin ook zo wel compleet is. Maar ik vind ik het wel heel moeilijk om het hoofdstuk zwangerschap nu écht af te sluiten. Het maakt me evengoed intens verdrietig dat het verstandiger is nooit een broertje of zusje voor Ramses op de wereld te zetten. Maar aan de andere kant zijn wij ook intens gelukkig dat we überhaupt onze Ramses in onze armen en in ons gezin hebben. Minder gelukkig en compleet zullen we in ieder geval nooit zijn. Nu alle gebeurtenissen nog allemaal rustig verwerken. We hebben de tijd.

MELISSA

Plaats een reactie