Ik had met 33 weken een ongerust gevoel en wilde een extra CTG

| |

Ellen schrijft een vaste reeks voor Kids en Kurken. Lees hieronder haar vorige delen.

Deel 1: “Ik zie iets wat er niet hoort te zitten”, zegt de verloskundige terwijl ze een echo maakt

Deel 2: De uitslag van de vruchtwaterpunctie

Mijn vliezen stonden op breken

Vandaag 30 januari dag hadden wij weer een afspraak bij de gynaecoloog-perinatoloog voor een echo. We keken hoe het met onze kleine ging. Hij “zwom” nog lekker rond in mijn buik en had het verder prima. Tijdens de echo werd alles weer grondig gecheckt en wederom werd er niks anders afwijkend gevonden, behalve het vocht in de borstholte. Het was amper toegenomen, dus dat was positief op dat moment. De gynaecoloog gaf wederom aan dat ik erg veel vruchtwater had en de vliezen echt elk moment zouden kunnen breken. Ondertussen hadden we ook uitslag gekregen van de tweede test van de vruchtwaterpunctie en ook daar werd niets in gevonden! Na de echo hebben we een datum geprikt voor de gepande keizersnee rond de 36 weken, gezien ik het fysiek niet zou trekken om te moeten wachten tot 38 weken zwangerschap. Dinsdag 18 februari werd de dag dat Sylvan gehaald zou worden…. Mylan zou de nacht van donderdag op vrijdag bij mijn ouders slapen om mij te ontlasten.

De daadwerkelijke donderdagnacht ….

Alsof het zo moest zijn, omdat Mylan toevallig die nacht bij opa en oma sliep, braken die nacht mijn vliezen rond 4.00 uur. Ik werd wakker, omdat ik een ‘plopje’ voelde toen ik mij omdraaide en daarna het vruchtwater voelde stromen. Ik maakte Mark wakker en zei dat mijn vliezen waren gebroken. Mark schrok wakker. Ik heb hem nog nooit zo snel uit bed zien gaan! ‘Ohnee! echt waar? Zijn ze gebroken?’, stamelde Mark. Ik antwoordde dat ik direct ging bellen naar spoed verloskunde, zoals afgesproken. Ondertussen pakte Mark de laatste spullen in die we nodig hadden. De vluchtkoffer had ik al klaarstaan vanaf week 30, dus het waren nog even wat laatste dingetjes die erin moesten.

De ambulance was onderweg

De ambulance was er al vrij snel. Ik moest alleen nog wel de trap aflopen om naar de brancard te gaan. ‘Kan dat wel?’, vroeg ik tegen de ambulanceverpleegkundige, ‘straks loop ik leeg?’, maar volgens haar kon het prima. Ik moest maar op haar vertrouwen. En inderdaad, ik liep de trap af en er gebeurde helemaal niets. Snel lag ik in de ambulance en reden we met een rotvaart met blauwe zwaailampen de weg over. Mark reed erachteraan met de auto. Gelukkig was het midden in de nacht en lag bijna iedereen te slapen. De weg was rustig.

Vlug aan de weeënremmers!

Aangekomen bij het ziekenhuis, werd ik zo snel mogelijk naar de afdeling verloskunde gebracht. Er stond drie man sterk in de kamer om mij en alles daar om heen te “installeren”. Ik werd direct aan de CTG gelegd om te kijken hoe de kleine het deed. Gelukkig had hij het goed bij mij. Er waren geen zorgen wat betreft onze kleine man. Nadat ik aan alle toeters en bellen lag, kreeg ik het eerste longrijpingsprikje. Ik was toen nog maar 33 weken en 4 dagen zwanger, dus de artsen wilden zoveel mogelijk zijn longen laten rijpen. Gelukkig had ik nog geen ontsluiting en ook geen weeën. Om de bevalling zo lang mogelijk uit te stellen, werd ik direct aan de weeënremmers gelegd. Toen ik de prik kreeg, dacht ik dat het wel mee viel. Ik zei: ‘Oh is dat alles? Ik voelde het niet eens!’, maar de verpleegkundige antwoordde dat het vervelende nog ging komen bij het inspuiten. Op het moment dat ze dat deed, werd het mij even teveel. Het zweet brak mij uit. Ik werd niet lekker en alles begon te draaien. ‘Haar bloeddruk daalt snel!’, gaf een verpleegkundige aan en ze waarschuwde mij: ‘Je kunt elk moment flauw vallen!’. Ze handelden enorm snel en werd er een extra infuus geprikt om mij zo snel mogelijk vocht toe te dienen en werden er nog wat andere handelingen gedaan om mijn bloeddruk weer te laten stijgen. Ik viel uiteindelijk niet flauw. Mijn bloeddruk steeg redelijk snel, maar ik had wel tijd even nodig om hiervan bij te komen.

Ik voelde steeds meer harde buiken

Toen ik aan alle kanten was gecheckt, werd ik van de verloskundige afdeling naar de obstetrische high care verplaatst. Daar hielden ze me goed in de gaten. Ik mocht niet veel bewegen, alleen van bed om naar de wc te gaan en verder niets. Alles om er maar voor te zorgen dat er geen weeën zouden ontstaan. Vrijdagavond wilde ik rond 22.00 uur gaan slapen. Plotseling stroomde het vruchtwater weer naar buiten. Echt heel vreemd, want ik had het gevoel alsof ik incontinent was. Ik kon het gewoon echt niet tegen houden! Dit ging door tot 2.30 uur in de nacht, na tig keer naar de wc te zijn geweest. De verpleegkundigen hadden mijn bed een aantal keer verschoond en ook een stuk kamer gedweild.

De CTG bleef goed

In die tussentijd was ik een aantal CTG’s verder. Ik voelde harde buiken. Ze werden pijnlijker en kwamen steeds korter op elkaar. Naast het infuus met weeënremmers, kreeg ik ook nog 2 keer een extrasnelwerkende orale weeënremmer. Later maakte de arts een echo om te kijken hoe de kleine lag en of hij al meer was ingedaald. Tevens checkte hij inwendig of ik misschien al ontsluiting had. Gelukkig was dit niet zo. Eindelijk kon ik dan rond een uur of 3 gaan slapen om uiteindelijk rond 5 uur al weer gewekt te worden voor het tweede longrijpingsprikje. Ik werd wakker in een drijfnat bed van het vruchtwater. Ik was zo kapot dat ik er niet eens eerder wakker van was geworden. De CTG zag er echter goed uit. Die dag verliep rustig. Ik verloor hierna amper vruchtwater. Door het verliezen van zoveel vruchtwater was mijn buik enorm geslonken, wat mij eindelijk na al die tijd weer wat adem gaf. De pijn aan mijn ribben en rug was stukken minder.

Een ongerust gevoel

Aan het einde van de dag was ik ongerust en seinde ik de verpleegkundige. Ik wilde graag nog een extra CTG, omdat ik de kleine man de hele dag nog niet had gevoeld. Rond 20.00 uur kreeg ik de CTG en was zijn hartslag ineens stukken vlakker dan die van de ochtend. Volgens de gynaecoloog, die door de verpleegkundige was opgeroepen om het toch even extra te checken, kwam dat door de longrijpingsprikjes waar ze schijnbaar heel rustig van kunnen worden. Zijn hartslag was nog niet dusdanig rustig dat ze hem per direct wilden halen. Ik moest mij dus niet al teveel zorgen maken. Ik kon door deze woorden met een gerust hart gaan slapen. Althans ik dacht dat ik rustig kon gaan slapen, maar de verpleegkundige van de nachtdienst wilde nog even mijn suiker prikken. En ja hoor, deze was veel te hoog. Dit was een gevolg van de longrijpingsprikjes, waar ik dus geen invloed op had. Hierdoor wilde de arts toch een extra CTG. De kleine man kon er namelijk last van hebben. Na die CTG kon ik eindelijk met een gerust hart slapen. Ik geloofde heilig dat mijn zoon er geen last van had.

WORDT VERVOLGD…

ELLEN

Plaats een reactie