De verloskundige zei: “Ik heb goed en slecht nieuws”

| | ,

Tijdens de controles bij de verloskundige vroeg zij wel eens: ‘Waar zie je het meest tegenop wat betreft de bevalling?’ En ik dacht dan ‘Het meest!? Nou, dat er überhaupt een baby uit moet misschien!?’ Ik ben dus het type dat liefst alle scenario’s doorneemt en ziet. Ik heb met mijn zwangere lijf veel bevallingen bekeken en er ook over gelezen. Natuurlijk is Google niet bepaald je beste vriend en worden de ergste verhalen het meeste gedeeld. Ik had echt 0 vertrouwen in mijn lichaam, dus wilde ik hoe dan ook in het ziekenhuis bevallen, voor als er iets zou gebeuren. Na maanden in een zwangerschapsdepressie te zitten, wilde ik het liefst plat gespoten worden en pas wakker worden als hij geboren zou zijn.

Ik had steeds het gevoel dat ik naar de wc moest

Op dinsdag 4 april 2017, zeg ik mijn man Gavin gedag en zegt iets in mijn hoofd dat ik hem eerder ga zien dan voor het avondeten. Ik was 10 april uitgerekend, maar had sinds 2 dagen steeds het gevoel alsof de bevalling zou gaan beginnen. Deze dinsdagochtend was alles anders. Ik zette Netflix aan om te chillen op de bank. Ondertussen had ik steeds het gevoel alsof ik naar de wc moest. Daar liep ik dus steeds heen. Ik appte het mijn zus en zij gaf als tip om even een vuilniszak onder me te leggen op de bank. Voor het geval mijn vliezen zouden breken. “Goed idee”, dacht ik, “doe ik”. Na een ochtend honderd keer naar de wc gelopen te hebben, was ik echt moe en besloot ik om half 1 een middagslaapje te doen. Maar daar werd ik abrupt uit gehaald.

Mijn vliezen waren gebroken

Weer dat gevoel van naar de wc moeten. Ik rolde snel uit bed en toen braken mijn vliezen. Het eerste wat ik dacht was: “Yes, niet in mijn bed”. En daarna: “Oké, en nu?” Ondanks dat het wel rommelde, voelde het niet alsof mijn weeën echt begonnen waren. Ik belde Gavin om het te melden. Hij moest nog ruim een uur naar huis rijden vanaf een klus. Daarna belde ik de verloskundige. Toen ik 33 weken zwanger was, zijn we verhuisd, maar ben ik wel bij mijn verloskundige gebleven. Zij zat in het ziekenhuis op 25 minuten rijden en doordat ik niet zeker wist of mijn vruchtwater helder was, moest ik even langs komen om het te laten checken. Samen met mijn moeder reed ik naar het ziekenhuis. Eenmaal daar zei de verloskundige: ‘Het is helder. Je bevalling is begonnen! Ga maar weer naar huis en bel als je 1,5 uur regelmatige weeën hebt’.

In de auto terug begonnen de weeën echt. Om 15.30u was ik weer thuis en inmiddels Gavin ook. De weeën kwamen al snel elke 3 minuten. Na driekwartier was Gavin er klaar mee. ‘We gaan gewoon naar het ziekenhuis. We moeten ook nog een stuk rijden’. 25 minuten lijkt lang als je kapot gaat, maar ik was zo op mezelf gericht en ik luisterde alleen maar naar Gavin. Hij is beroepsduiker en hoort dus veel ademhalingen op een dag. Hij had direct door of ik goed ademde of niet. Soms begonnen mijn handen te tintelen en dan moest ik weer even terug naar een goede ademhaling.

Het persen lukte niet

Om 16.45u kwamen we in het ziekenhuis aan, maar daar kon Gavin niet direct een rolstoel vinden. “We lopen wel!”, zei ik. Door de parkeergarage, met de lift naar de verloskundige. Daar kregen we een kamer en kwam de verloskundige bij me kijken. ‘Oké, ik heb goed nieuws en ik heb slecht nieuws. Je hebt al 9 centimeter ontsluiting en dat betekent dus dat je geen pijnbestrijding meer mag’. “Wat?!”, dacht ik. Ik wilde geen pijnbestrijding, omdat mijn naaldenangst groot is. Maar toch het idee om het naturelle te doen… Gavin zei al snel: “Kom op, je hebt er al 9 gehad. Die laatste centimeter red je ook!” Motiverend hoor, al dacht ik ook” ‘Makkelijk praten vriend’. Die laatste centimeter liet even op zich wachten. Om 18.30u kreeg ik het teken dat ik mocht gaan persen, maar dat ging op een of andere manier niet lekker. Ik had elke 3 minuten een perswee, maar er gebeurde vrij weinig. Na een half uur persen, zei de verloskundige dat als het niet ging lukken, ze me in zouden knippen. “Hell no! Geen pijnbestrijding, dan ook geen knip”, dacht ik. Dat heb ik laten weten ook.

In mijn bevallingsplan had ik opgeschreven dat ik ook wel op een baarkruk wilde. Tot nu toe had ik alleen nog op mijn linkerzij gelegen om alle weeën op te vangen. Ze haalde de baarkruk en vroeg of ik een spiegeltje wilde om mee te kijken. Gavin zei meteen: “Ja graag!” Geen idee waarom, maar hij vond dat heel interessant. Ik sloeg dat beeld even over en richtte me weer op mezelf. Ze duwde met haar vinger iets mee om de opening mee te rekken. Liever een scheurtje, dan een hele knip. De baarkruk hielp mee en na 20 minuten ben ik weer op bed gaan liggen. Het was 19.29u. Na de zoveelste perswee kon Gavin onze zoon aanpakken. Hij legde hem op mij neer en ik voelde een vlaag puur geluk en opluchting. Hoe gek het misschien ook klinkt, maar al in die eerste 5 minuten was ik zo enorm blij dat mijn zwangerschap er op zat en eindelijk kon gaan genieten. Je weet wel, wat iedereen tegen je zegt als je zwanger bent. Maar voor mij was het een tijd van paniekaanvallen, amper uit huis kunnen en zoveel tranen produceren dat je er emmers mee kan vullen. Nee, het genieten begon nú pas. Elijah was geboren. Ons kleine ventje. Hij deed het zo goed. Ik hield zoveel van dit wezentje dat ik zojuist voor het eerst had ontmoet. Voor zeker 1,5 uur heeft hij huid op huid op me gelegen. Samen bijkomen. Alleen wij drieën.

MANON

Plaats een reactie