Hartverscheurend: Ik ben vreselijk ziek, maar ik wil zo graag mijn baby zien opgroeien!

Al sinds ik een jaar of 14 was, droomde ik van een groot gezin. Toen dacht ik na over een huis vol met wel TIEN kinderen. Gezelligheid, drukte maar vooral ook heel veel liefde. Kan makkelijk, toch? Lekker naïef. Met de jaren dat ik het volwassen leven ging ontdekken en er achter kwam hoe belachelijk duur het volwassen leven is, halveerde ik mijn aantal droomkinderen al gauw naar vijf. Vijf mooie, kleine draakjes. Ja, dat wilde ik graag met mijn man waarmaken.

 

Mijn gezondheid is helaas niet vanzelfsprekend, alhoewel ik mij heel goed realiseer dat het natuurlijk voor niemand vanzelfsprekend is, is het voor mij definitief bevestigd. Ik heb een goedaardige hersentumor die zich kwaadaardig gedraagt. Zo leg ik mijn situatie altijd maar uit. Het weefsel zelf is vriendelijk, groeit in een mooi afgebakend bolletje en doet geen vlieg kwaad. De locatie, dat is het probleem: midden tussen alles wat mij, mij maakt, “gelukkig” vooral lichamelijk. Toen ik 18 was werd ik ermee geconfronteerd. “Ach, dat overleef ik wel, een operatie en huppakee, we leven weer vrolijk verder”, dacht mijn tienerhoofd naïef. De eerste operatie was een feit. Het was artstikke goed gegaan. “Zie je wel! Ik kan de WERELD aan", dacht ik. Vijf fantastische jaren vlogen voorbij. Als de tumor na die vijf jaar nog steeds gestopt was met groeien, kon ik met de resttumor wel 100 jaar oud worden. Dezelfde kansen als ieder ander persoon had ik dan. Helaas, mijn tumor besloot het vijfde jaar te gaan groeien.

 

OEF… daar had ik totaal geen rekening mee gehouden. Ik was immers al bezig met het “plannen” van mijn droomkinderen, dat jaar (2017) wilde ik en mijn man in december er echt voor gaan. De maanden die ik zó ingebeeld had als: vol passie, seks en liefde EN natuurlijk een positieve zwangerschapstest, werden gevuld met iedere dag een bezoekje aan het bestralingsapparaat. Ik ging ervoor, ik MOEST en ZOU die ^%$#@ tumor verslaan.

 

 

November 2018 was de maand dat ik de uitslag zou krijgen, en ook de maand dat ik mocht beginnen aan kindjes maken! Oh, daar keek ik zó naar uit! In mei 2018 werd ik gebeld. Uit recent onderzoek was gebleken dat ik, in plaats van 12 maanden, maar zes maanden hoefde te wachten met kindjes maken (na bestraling). Op het moment van het telefoontje, was ik heerlijk met mijn man en hond Charley aan het wandelen. Ik stond te dansen en stralen van geluk. Wij mochten proberen om onze droomkinderen te gaan maken!

upload.jpg

Ik hoopte op het één-keer-schieten-en-het-is-raak verhaal. Maar het duurde uiteindelijk (voor de meeste slechts, maar voor mij lange) zes maanden. 15 Oktober 2018 stond ik met een positieve test in mijn handen om 5.00 uur ’s ochtends, helemaal alleen. Mijn man had die avond nachtdienst, dus zou pas om 7.00 uur thuis komen. Joe!!! Wij krijgen een kindje! Ik kon mijn geluk niet op. Eén woord ging er door mij heen: WAUW. Ik kon het maar niet geloven. Word ik ECHT mama!? Er volgde die week nog twee andere testen. Ja, het is toch echt zo! Ik word MAMA!

 

Inmiddels ben ik, terwijl ik dit schrijf, 30 weken zwanger van onze prachtige dochter. Nooit gedacht dat er zoveel liefde, onzekerheid en angst door mijn lijf kon gaan, althans niet allemaal tegelijk. Wat is ons meisje mooi! Tja, dat zegt natuurlijk iedere moeder van haar kindje. Nu de reden van het schrijven van deze blog. In februari 2019, twee maanden geleden, moest ik alsnog door de MRI-scan heen. Het onderzoek van november 2018 was uitgesteld in verband met de zwangerschap. In februari was het veilig (genoeg) om wél door de MRI te gaan. Doodeng vond ik dit. Wat als het weer niet goed is? Dan heb ik een meisje in mijn buik, overleeft zij de bijkomende stress dan wel? “Nee, nu krijgen we goed nieuws te horen, dat moet wel”, zei mijn man, om mij gerust te stellen. Helaas klopte mijn voorgevoel… “De tumor is, ondanks de hoge dosis straling, gegroeid”, waren de eerste woorden die er uit de arts zijn mond kwamen. Ik heb een tumor ter grootte van een mandarijn in mijn hoofd. Ik had inmiddels verlamd moeten zijn, niet meer kunnen slikken of ademen en ik had al helemaal niet meer fatsoenlijk kunnen lopen. Dat heeft deze tumor met deze grootte, normaal gesproken namelijk als symptomen. Het enige waar ik last van heb is een doof oor aan de kant van de tumor en af en toe extreme hoofdpijn. “Lucky you”, zul je denken. Na de zwangerschap staat mij een operatie te wachten die bovengenoemde symptomen als risico met zich mee brengt. Zelfs de dood. En laat ik daar nu net doodsbang voor zijn.

 

 

Nu ben ik 24 jaar jong, niet meer zo naïef als toen ik 18 was, één operatie en 30 bestralingen verder… En mijn tumor groeit. Ik droomde over vijf kinderen. Nu is mijn droom dat ik dit allermooiste meisje van 30 weken straks naar school zie gaan.


 

KIMBERLEY