Eén van mijn meisjes had geen hartslag bij 27 weken

| | , ,

Vandaag het derde deel van mijn vervolgverhaal over mijn tweelingzwangerschap. Mijn zwangerschap die begon als een droom en eindigde in een nachtmerrie.

Op 31 december 2018 had ik mijn twintig weken echo. Twee weken ervoor onderging ik de laseroperatie in Leiden, vanwege ontstane TTS tussen beide kindjes. Zonder die operatie zouden beide overlijden. Leiden is ruim twee uur rijden vanaf ons huis in Groningen, dus we waren er de hele oudejaarsdag zoet mee. Ik vond het heel spannend, want tijdens de operatie was er een gaatje in het tussenvlies gekomen. Nu zouden we zien hoe het daar mee ging en natuurlijk hoe het met de meisjes ging zo na de operatie.

In de eerste seconde werd direct duidelijk dat het tussenvlies helemaal verdwenen was. Twee meisjes in één vruchtzak dus vanaf nu. De navelstrengen lagen al door elkaar, wat ik geen wonder vond, gezien al het koprollen in mijn buik. Ik vond de echo heel spannend, de uitgebreide controle, kijken of alles “klopt”. Ik maakte me over baby A niet zoveel zorgen, maar baby B had maar een klein deel van de placenta over en had voor de operatie. dagenlang met amper vruchtwater geleefd. Beide meisjes werden helemaal goedgekeurd, maar we werden wel uitgenodigd voor een gesprek. Daar werden de risico’s benadrukt nu ze samen in één vruchtzak zaten. De navelstrengen kunnen door draaiingen verstrengeld raken. Daarom moest ik worden opgenomen vanaf week 26, met een keizersnede bij uiterlijk 32 week.

Van een onbezorgde zwangerschap was vanaf 18 weken al geen sprake. Het is bizar om te weten dat je kindertjes na maximaal 32 weken zwangerschap geboren worden. Dat je sowieso een intensive care periode krijgt. En dat was zelfs de meest gúnstige uitkomst. Ik vulde mijn weken op een bed in de kamer. Ik had na de operatie af en toe vochtverlies, waardoor bedrust werd voorgeschreven. Ik was heel bewust met mezelf en m’n meisjes bezig die weken. Geen schopje ging aan mij voorbij. Het was spannend, eenzaam, heftig, maar ik voelde me ook krachtig. Ik wist waar ik alles voor deed en vooral waar ik alles voor liet. Mijn houvast, tegen de zomer twee gezonde meisjes in de (super toffe tweeling) kinderwagen. Die acht weken weken thuis waren spannend vanwege het het vochtverlies, een mogelijke infectie waardoor ik mezelf dagelijks moest temperaturen en steeds meer harde buiken bij elke stap die ik zette. Het was echt overleven, met tussendoor niet vergeten om te genieten van al het gedraai en geschopt in mijn buik. Van twee meisjes.

Uiteindelijk heb ik het gered. Week 26. De opname in het ziekenhuis. We reden naar Leiden om na weken of maanden later met twee gevulde maxi cosi’s weer terug te komen. Op de opnamedag was het beeld niet heel positief. Ze zagen bij baby B brainsparing. Ze kreeg schijnbaar zo weinig voeding van de placenta dat alle energie naar haar hersenen ging, waardoor haar buikomtrek achterbleef. Ze waren eerlijk, ze wisten niet of ze dit ging redden. Heftig nieuws, we waren zó blij dat we de 26 weken termijn hadden gehaald na 8 weken onzekerheid. Ik kreeg longrijping spuiten en per dag zou de conditie van de meisjes worden bekeken. Elke dag winst was er ééntje. De dagelijkse controles gingen van start. De uitslagen waren wonder boven wonder steeds goed, van beide baby’s. De echo’s werden steeds positiever, de brainsparing verdween zelfs en langzaam kregen we meer hoop. De echo’s werden weer leuk. We kregen een 3D echo waarop vooral baby A zich prachtig liet zien. Inclusief een bos haartjes. Die echo foto’s hingen we trots op de kamer. De dagen tikten voorbij en elke dag was er weer ééntje. Met elke dag erbij hadden ze een betere kans. Zodra een CTG zou laten zien dat één van beide het moeilijker kreeg, zouden ze worden gehaald. We konden elke dag ouders worden.

We bestelden spulletjes vanuit het ziekenhuis en de eerste (prematuur) pakjes lagen klaar. Wat voelde ik me speciaal, met al die CTG’s met twee hartslagen denderend door de kamer. Tot de dag dat mijn grootste droom een nachtmerrie werd. De ochtendroutine begon en na het ontbijt lag ik klaar voor de CTG. Ik wist precies hoe ze lagen en wees als eerst baby B aan, ons zorgenkindje. De hartslag was zo gevonden. Toen baby A, linksonder in mijn buik. Gapende stilte op het apparaat. Er werd een beetje rondgezocht en af en toe hoorden we een hartslag. Het bleek twee keer dezelfde, baby B. Op een gegeven moment wilde de verpleegster een echo apparaat erbij om haar beter te kunnen vinden. Het duurde een half uur voor die kwam. Ik probeerde mezelf gerust te stellen in die tijd, er was namelijk nog geen negatief woord gevallen in de kamer. Er was hoop. Ze lagen vast achter elkaar verstopt. En tóch, dat knagende gevoel in mijn onderbuik. Mijn man André zat op de bank te werken toen de gynaecoloog binnen kwam. “Kom je even bij me zitten?” Koude gel op mijn buik, een geur die ik niet meer kan verdragen. Het beeld verscheen. Baby B met een kloppend hartje. Het beeld ging opzij. Ik zag het in één oogopslag. Mijn meisje lag roerloos stil. Ik schreeuwde in de veel te stille kamer dat ik niet meer kon. Baby A, mijn Faye, ze was mij ontglipt, in de nacht, zonder dat ik heb ingegrepen, voordat haar leven op deze wereld kon beginnen. Het gevoel van dat moment is onbeschrijfelijk. Duizend zweepslagen zouden beter te dragen zijn. Die dag werd ik mama. Na 27 weken en drie dagen zwangerschap. Van Faye en Linde, 1075 en 860 gram. Van twee meisjes, van maar één kloppend hartje.

MARJOLEIN

Plaats een reactie