Taboe: Mijn moeder en ik gaan niet meer door één deur

| | ,

Ik knipper met m’n ogen als ik de titel intik. “Wat vreselijk.” Helaas is dit mijn realiteit. Mijn moeder – de oma van mijn kinderen – en ik gaan niet meer door één deur. De koek is op. Wat rest zijn verliezers. Het is ongehoord om in onze maatschappij te breken met je moeder. We spreken dan over een taboe. Het is een taboe waar ik dagelijks (de definitieve streep is nog vers) mee moet zien te dealen. Zeker met de feestdagen doet het extra pijn. Auw. Ik heb daarom besloten om mijn verhaal in grote lijnen met jullie te delen. Afgelopen maand stond doorgaans in het teken van familie, liefde en samenhorigheid. Ik wil jou in de stilte laten weten dat je hierin niet alleen bent, als de familieliefde ver te zoeken is.

Desondanks mijn openhartigheid heb ik met de redactie afgestemd dat ik anoniem wil blijven. Het doet zoals je merkt te zeer. Daarnaast blijf je op een bepaalde manier altijd loyaal aan je moedertje. Haar identiteit afschermen is dus part of the deal. Want ook al doet ze mij pijn, trouw zal ik altijd blijven. Inmiddels ben ik ook moeder geworden. Ik heb een dochter van 2,5 jaar en een zoontje van 7 maanden. Precies de volgorde en het aantal kinderen dat mijn moeder ook heeft. Mijn kids ziet ze verdrietig genoeg niet meer. Ze is geen gevaar voor mijn kinderen, maar ze is niet in staat om fysiek en mentaal een betrokken oma te zijn. Mijn moeder is er namelijk slecht aan toe. Ze is zwaar verslaafd aan roken en drinkt te veel. Ze is in extreme mate depressief. Ze heeft een eetstoornis. Ze komt niet graag buiten de deur en vertoont narcistische trekjes die gepaard gaan met waanideeën. Haar verdriet en trauma’s eten haar van binnenuit op. Haar verleden is haar heden. Net voor de scheiding met mijn vader zag ik dat het ieder jaar slechter met mijn moeder ging. Het toppunt was dat ze onlangs twee weken op de oncologieafdeling lag met een opgeblazen buik vol vocht en bloed dat moest worden afgepompt. Daarnaast was ze zwaar vermagerd. Ze kon haar ontlasting niet ophouden en hoestte de longen uit haar lijf. De artsen dachten aan kanker in longen en darmen wegens onrustige plekjes die waren gevonden. Mama ging in de molen en kwam op een zaal te liggen waar haar buurman en buurvrouwen de meest uitzichtloze diagnoses te horen kregen. Ik was doodsbang om haar te verliezen.

Uiteindelijk mag mijn moeder van geluk spreken. Het bleek een dubbele longontsteking te zijn gecombineerd met zwaar ontstoken darmen en buikholte. Ze was zwaar ondervoed, rookte stug drie pakjes per dag, sliep slecht, had stress, dronk geen vocht tenzij het koffie, alcohol of frisdrank was. Gecombineerd met haar “dan ga ik maar dood, niemand zal mij toch missen”-mentaliteit kwam ze uiteindelijk in het ziekenhuis terecht. Ik heb het haar zo vaak gezegd… Je zou hieruit (kort door de bocht, maargoed) kunnen concluderen dat mijn moeder niet in staat is om goed voor zichzelf te zorgen; laat staan dat ze zich ontfermd over mij en mijn kinderen. Ze wil het wel, maar ze kan het al een aardige tijd niet meer opbrengen. Tegenwoordig heeft ze meer down’s dan up’s. Verontrustend. Al een aantal jaar zit ze klem zit in haar eigen mentale gevangenis. Het enige wat ze nu nog kan is slapen en reiken naar haar verdovende middelen om het gevoel en de fysieke pijn te sussen. Mijn lieve moeder heeft keihard hulp nodig die ze tot op de dag van vandaag helaas weigert. Ik had gehoopt dat het ziekenhuis haar wakker zou schudden. Eenmaal ontslagen, maar nog zwaar aan de medicatie voor haar longontsteking, bleek het afwijzen van de peuken en wijn een te grote stap te zijn. Ze ging door met waar ze was gebleven ondanks mijn smeekbedes en die van andere familieleden. Met als gevolg: extreme ruzies. Door deze energievretende, en bovenal kwetsende en uitzichtloze situatie is de band met mijn moeder volledig ontwricht. Er hoeft maar dit te gebeuren *knip met vingers* of we hebben knetterbonje. Mijn gezin leidt eronder, want ik raak erdoor uit balans. Keer op keer, want ondertussen herken ik een herhalend patroon in onze verstandhouding. Het gaat namelijk heel even goed totdat ik haar zorgelijke situatie niet meer aan kan zien en erover begin. Dat betekent automatisch ruzie met als gevolg dat we elkaar weer weken tot maanden niet meer spreken. Hierdoor heeft ze bijvoorbeeld een groot stuk zwangerschap van mijn beide kinderen gemist. Die tijd krijgt we nooit meer terug.

En toch ben je vergevingsgezind als kind. Je wil zowel een goede band met je moeder als een lieve, energieke oma voor je kinderen hebben. Ik gun het haar zo graag. Maar na het ziekenhuisincident en het op de oude hand weer verder gaan, was bij mij de maat vol. Er ontstond tussen ons een afschuwelijke ruzie. De zoveelste. Ik heb uit zelfbescherming een streep getrokken. Wel met potlood moet ik toegeven. Ik bood aan om te investeren in hulp. Een (relatie)therapeut of iets dergelijks die ons kan begeleiden in het bespreekbaar maken van haar en mijn (oude) wonden. Om wérkelijk bepaalde zaken uit te spreken en die te laten rusten en door op zoek te gaan naar een omgangsvorm waarin we beide content zijn. Het was dat of definitief stoppen met deze giftige circulaire puinhoop. Ook al is ze mijn moeder en houd ik onvoorwaardelijk van haar, haar verdriet moet niet mijn verdriet worden. Ik heb nu mijn eigen gezin waar ik de beste versie van mezelf voor moet zijn. Ik hoopte dat mijn aanbod, deze vorm van hulp, zou leiden tot een opstapje naar het durven ontvangen van nog meer hulp. Ik wilde haar stok achter de deur zijn. Deels ook uit liefde. Ik weet dat ik met dit ultimatum de boel voor onze familie; mijn gezin en kinderen ontregel. Ik geef het eerlijk toe: ik ben een tikkeltje jaloers op anderen en ervaar schuldgevoelens naar mijn kinderen. Mijn kinderen groeien op met maar één tastbare oma en één oma op afstand. Als ik andere dochters gearmd met hun moeder met de kleinkids voor zich uit rennend zie lopen, huilt mijn hart. “Waarom kan het bij ons ook niet zo gaan?”. Ik houd me vast aan de gedachte dat haar probleem te groot is om de T-splitsing die ik haar voorlegde te overzien, met als gevolg dat ze het aanbod afwees en koos voor stilte.

Voor nu: ik mis je mama. Word gauw beter. De deur staat wagenwijd open als je hulp en dus ook mij toelaat.

JANE DOE

Plaats een reactie