Mijn kind is vermoedelijk hoogbegaafd en dat maakt de opvoeding moeilijk

| | ,

We wisten al vrij vroeg dat Coco “anders” was. Op jonge leeftijd liep ze al spontaan op vreemden af en sprak dan keurig: ‘Hoi, ik ben Coco. Wie ben jij?’ Met 18 maanden ging een eenvoudige wandeling naar de speeltuin hand in hand met alle automerken benoemen. Bij elk object stonden we stil: ‘Wat is dat?’ Leuk in het begin, maar gek werd ik er van naarmate de vragen steeds complexer werden. Van hoe kan het dat auto’s rijden tot wat betekent dat verkeersbord.

Ik vergeet nooit meer dat ze met 20 maanden zei: “Lekker gekookt mam!” We moesten allemaal zo hard lachen. Wat zegt zij nu?! Onze wereld was bijzonder omdat we een dreumes hadden die een extreme interesse had in voertuigen, specifiek in landbouwvoertuigen. We leerden over de maaidorser en een vierkante balenpers en reden over eindeloze landweggetjes om de machines in actie te zien. Nadat er niet zoveel meer te leren viel over dit onderwerp gingen we zo’n 233.23 miljoen jaar terug in de tijd, ook wel bekend als het Trias in de geologische tijdschaal. Ik zou je nu kunnen lastig vallen met de vele dinosauriërs waar ik over heb geleerd, maar je begrijpt mijn punt. Alle onderwerpen die onze meid interesseerde waren ver van ons vertrouwde bedje, dus we leerden met haar mee. Wat ze ook wilde weten, wij zochten het op.

Rond haar tweede verjaardag begon ik me zorgen te maken. Ze was duidelijk veel leeftijdsgenoten voor en met andere kinderen ging het vaak fout. Kinderen van ongeveer dezelfde leeftijd begrepen haar niet, ze sprak te snel en speelde te complex. Oudere kinderen wilden niets van haar weten, want ze was ‘te klein’. Ze kon dan in tranen of in boosheid uitbarsten, omdat anderen zo tegen haar deden. Rond dit moment begon ook onze zoektocht naar de vraag waarom zij nu zo leergierig was. We kwamen al snel uit op een ontwikkelingsvoorsprong en vermoedelijke hoogbegaafdheid. Na gesprekken bij de huisarts en het consultatiebureau en observaties zagen we al snel dat ze vele standaard lijstjes en regels oversteeg. Helaas kregen we daar alleen geen oplossing voor aangeboden. Zo zijn bijvoorbeeld meerdere dagen op de peuterspeelzaal enkel voor kinderen met een achterstand en is een vervroegde instroom op de basisschool lastig door de regelgeving in Nederland. We kregen veel adviezen van mensen om ons heen, maar ook van zorgverleners. Van gewoon mee gaan in wat zij wilde tot niet stimuleren en zeker geen klassen overslaan! We hebben het allemaal gehoord. Uiteraard gingen wij gewoon verder op onze eigen koers, lekker leren in haar eigen tempo.

Dit ging goed tot ze ruim 2,5 jaar was. Ik was zwanger en moe. En bovenal klaar. Echt klaar met al die vragen en antwoorden. Een kort antwoord was nooit goed. Niet de maan geeft licht. Nee, de maan weerkaatst licht en als we hem niet zien, kijken we naar de nachtzijde oftewel de nieuwe maan. Ja, die uitleg die wilde ze. Na nog een half jaar aankijken trok ik de stoute schoenen aan en heb ik de basisschool gebeld waar wij haar op wilde plaatsen. Of we ALS-JE-BLIEFT iets konden doen. Want om heel eerlijk te zijn werd ik langzaam gillend gek met een pasgeboren baby en een mini wetenschapper die iedere dag overstuur was, omdat ze nog niet naar school mocht. Na veel gesprekken kwamen we uit op één dagdeel per week naar de basis school en één dagdeel naar hoogbegaafd onderwijs. Op school kon ze dan gewoon haar draai vinden en bij de andere school allerlei dingen doen die haar interesseerde en leren omgaan met de prikkels in haar hoofd.

Inmiddels zitten we al een aantal maanden in het nieuwe schooljaar en wordt ze over een maand pas echt vier. Ze mag al vanaf het begin ein-de-lijk vijf dagen naar school, waarvan we vier naar regulier gaan en nog één dagdeel naar het hoogbegaafheidsklasje. Ze heeft het naar haar zin en kan redelijk haar energie kwijt. Dachten we. Ze begint nu langzaam te klagen over dat andere kinderen haar niet snappen of verkeerd corrigeren. Ze is bang dat ze haar niet aardig vinden, omdat ze soms veel over de wereld vertelt en anderen dat saai vinden. Op het moment krijg ik sterk het idee dat ze aan het onderpresteren is. Ze is weer extreem druk en niets is goed. Ze trekt zich terug op haar kamer met poppen en boeken en wil ‘s avonds alleen maar haar schrijfkunst verbeteren. Het frustreert ons om haar te zien worstelen tussen enerzijds het energieke driejarige meisje dat ze is en aan de andere kant een ouder meisje dat heel veel informatie probeert te verwerken.

De meeste mensen denken bij hoogbegaafdheid aan wondertjes die op 8-jarige leeftijd de universiteit betreden, maar vergeten dat die ontwikkeling zich vaak al op zeer jonge leeftijd laat zien. Slimme kindjes zijn leuk, soms een beetje anders en hebben gekke humor. Maar ze kunnen je zoveel leren en kijken zo fijn naar de wereld. Ik ben benieuwd wat Coco ons allemaal nog wil laten ontdekken én gelukkig is dat af en toe ook gewoon een K3 concert. Oké dan laten we wel even achterwege dat ze inmiddels bijna alle landen op de globe kan aanwijzen en ze het een leuk spelletje vindt om de vlaggen te matchen. Dat we de jeugdcollectie in de bibliotheek zijn uitgegroeid, maar een aardige medewerker een aantekening heeft gemaakt op haar pasje zodat we ook volwassen boeken mogen lenen. Ik zeg haar leeftijd in veel situaties er bij. ‘Ze is drie en speelt met jouw dochter van vijf’. Ja, dan meld ik dat even. Ik wil tenslotte niet dat je je vergist en er pas later achter komt dat ze pas drie en eigenlijk heel jong is. Er is relatief weinig te vinden over het proces van hoogbegaafdheid bij kinderen onder de 6. Ik neem je dus graag mee op deze reis.

SABRINA

Plaats een reactie