Deze bevalling wens je iedere moeder toe

| | ,

27 augustus 2018, het is 02:30 en ik ben 38.2 weken zwanger. De hele zwangerschap heb ik over het algemeen niks te klagen gehad. Helemaal geen misselijkheid, pijntjes of typische zwangerschapskwaaltjes, behalve wat slecht kunnen slapen door de behoorlijke hitte van die zomer. Ik word wakker, omdat ik denk dat ik moest plassen. Echter, terwijl ik naar het toilet loop, voel ik al nattigheid langs m’n benen lopen, dus ik trek even een sprintje (voor zover je met 38 weken zwangerschap nog kan sprinten). Eenmaal zittend op het toilet weet ik nog goed dat ik dacht: “Houd op met mij hoor. Ik ga toch niet incontinent worden ineens!” En toen gebeurde het: flats! M’n vliezen braken, maar dat ging gepaard met best een behoorlijke hoeveelheid helderrood bloed. Omdat dit mijn eerste zwangerschap en bevalling was, schrok ik hier wel een beetje van. Je wordt tijdens je zwangerschap doodgegooid met ieders bevallingsverhaal, vooral alle ellende, maar dit had ik niet eerder van iemand gehoord.

Ik liep met een handdoek tussen m’n benen terug naar de slaapkamer om mijn vriend te wekken. Hij zei dat we de verloskundige moesten bellen. Zo gezegd, zo gedaan en rond 03:00 stond de verloskundige op de stoep. Ze deed wat controles bij mij en de kleine en zei dat het kon dat er een bloedvaatje was geknapt, want alles zag er verder goed uit en de kleine deed het ook prima. Ik moest maar weer proberen wat te gaan slapen – je weet wel, op zo’n charmant matje wat enorm kraakt en waar je never nooit niet op kan slapen als je vol adrenaline zit. De volgende ochtend zou de verloskundige dan rond 11:00 nogmaals langs komen om de vordering van mijn ontsluiting te checken. Ze zei nog: “Bij een eerste loopt het meestal niet zo’n vaart”. Dat was voor mijn vriend niet tegen dovemans oren gezegd. Vijf minuten nadat ze weg was lag meneer alweer te ronken en zat ik daar rechtop in bed, want ja, van slapen kwam natuurlijk helemaal niks.

Als je in het ziekenhuis wilt bevallen, moeten we nú gaan!

Maar… nog geen 10 minuten nadat de verloskundige weg was en mijn vriend alweer ver in dromenland beland was, kwam de eerste wee. “Oké, zo voelt dus een wee”, dacht ik. Na vijf minuten volgende de tweede wee en dit ging daarna gestaag eventjes zo door. Ik vond het goed te doen. Ik kon de weeën goed wegpuffen, dus ik besloot mijn vriend lekker te laten slapen. Alleen het feit dat je dus niet wakker wordt van iemand die naast je ligt te puffen en van houding verandert, verbaast mij wel enorm, maar goed, dat is typisch mijn vriend. Je kan een bom naast hem laten afgaan en nog zal hij niet wakker worden. Ik ving de weeën goed op, maar al snel merkte ik ook al behoorlijke regelmaat. Ik besloot de weeën te gaan timen en voor een uur lang kwamen ze al om de 3 minuten. Ik besloot dus toch om 04:15 mijn vriend te wekken (ja, dat lukte uiteindelijk) en ik zei: “Schat, moeten we niet weer even de verloskundige bellen? Want dat moet toch als je een uur lang om de 3 minuten weeën hebt?” Hij zei: “Uhm, ja, ik denk van wel, laten we maar bellen”. En hoppa, een half uur later stond de verloskundige nogmaals in onze slaapkamer en zei ze na een korte controle: “Als je in het ziekenhuis wil bevallen, dan moeten we nu gaan!” Zelf ben ik nogal een behoorlijke perfectionist, dus alle bevallingsspulletjes stonden al vanaf week 36 klaar in de gang om direct in de auto geladen te worden.

Rond 05:15 kwamen we aan in het ziekenhuis. Ik mocht kiezen om in een rolstoel naar de kamer te gaan of zelf te lopen. Ik koos voor zelf lopen, want ik had ergens gelezen dat als je in beweging blijft, dat de bevalling bevordert. De rit naar de kamer duurde dus wel wat langer, want om de 3 minuten moest ik even tegen de muur leunen en een wee wegpuffen. We liepen met z’n drieën de kamer in en ik had half zittend en leunend tegen het bed mijn plekje gevonden. Van mij mochten zowel de verloskundige als mijn vriend gewoon lekker stil zijn en hun eigen ding doen, dan deed ik dat ook. Ik heb daar zo’n 1,5 uur de weeën weg gepuft totdat ik zei: Het voelt nu anders, volgens mij moet meneer eruit hoor”. Dus ik mocht gaan liggen voor de controle. Jawel, ik zat op 8-9 centimeter en mocht bijna gaan persen! De kraamhulp werd gebeld en ingeschakeld om bij de bevalling te komen assisteren, want de kraamafdeling van het ziekenhuis was erg druk en ze konden eigenlijk geen verloskundige van het ziekenhuis missen. Kraamhulp Mieke kwam net op tijd binnen, want om 07:10 zat ik op 10 centimeter en mocht ik gaan persen.

Er kwam een trolley met gereedschap erbij

Ik weet nog goed dat na 5 minuten persen een soort trolley werd gepakt en achter het bed werd gezet. Daarop lagen allerlei metalen hulpmiddelen, waaronder een soort schaar. Ik riep gelijk: “Die dingen die op die kar liggen gaan we echt niet gebruiken hoor!”. De verloskundige stelde mij gerust en zei dat het daar moest staan voor het geval dat. Om 07:37 is ons eerste wondertje Joey geboren, zonder pijnstilling, zonder kleerscheuren en onder zeer relaxte omstandigheden. Mijn vriend heeft goed geholpen door gewoon stil te blijven en af en toe wat water aan te reiken. Mijn verloskundige liet mij ook in m’n bubbel en de kraamhulp was vooral flabbergasted dat ze gelijk in actie moest komen bij binnenkomst. Na een uurtje op de kamer mocht ik even gaan proberen te douchen en om 09:30 waren wij weer thuis met baby.

We keken elkaar aan, glunderden van trots, kwamen een beetje bij zinnen en genoten volop van de kersverse Joey. What just happened this night? Ja, we zijn ouders geworden! Ik wens echt iedereen zo’n bevalling toe. Afgelopen februari kwam het broertje van Joey ter wereld, kleine Tygo. Ik dacht tegen het einde van mijn zwangerschap: “Zo’n goede bevalling, dat kan vast niet overgedaan worden”. En onbewust ben je dan toch weer een soort van nerveus voor wat er komen gaat. Nou, ik kan jullie vertellen: de tweede bevalling startte wederom bij 38.2 weken, ging nog even een uurtje sneller en net zo top!

SUSANNE

Plaats een reactie