Ik probeer de bevalling tegen te houden, maar dat lukt me niet

| | ,

Voordat je verder leest, is het handig om het vorige deel HIER te lezen. Raquels vliezen braken met 22 weken zwangerschap.

Geen controle

In het ziekenhuis bleken mijn infectiewaardes goed, dus ik mocht naar huis. In ieder geval tot de 24-weken-grens. Opname in het ziekenhuis mocht, maar had geen meerwaarde aangezien men voor de 24 weken niet actief zou handelen om het kindje te redden. Ik heb er dus voor gekozen om naar huis te gaan. In mijn hoofd was ik al dingen vooruit aan het plannen. Ik ging er van uit dat ik de decembermaand in het ziekenhuis door zou brengen, maar ik wilde thuis alles wel geregeld hebben. Het was over twee weken 5 december en mijn zoon verwachtte uiteraard cadeautjes. Ik wilde voor hem het leven gewoon door laten gaan. Hij moest hier niet onder lijden. Verder vierden wij altijd Kerst bij mijn schoonouders met cadeautjes onder de boom. Op mijn werk deden we surprises en ook voor mijn collega moest er een cadeautje gekocht worden. Ik wilde alles geregeld hebben voor die 24 weken. Ik had nergens meer controle over, maar over zulke dingen wel. 

De eerste 24 uur

Er werd me gezegd dat de eerste 24 uur cruciaal waren. We hadden ons ingelezen en we lazen succesverhalen van vrouwen die volledige bedrust namen en veel dronken. Dus dat werd ook ons plan, ook al zeiden ze in het ziekenhuis dat de kans op een gezond, levend kindje maar 1% was. Al was het maar 1%, ik hield toch hoop. De eerste 24 uur verliepen zonder problemen. Ik was dan ook erg blij dat ik deze “mijlpaal” gehaald had. De volgende dag kwam er nog wat bezoek en verder keek ik series om mezelf bezig te houden.

Ik houd een sprankje hoop

Rond 15.00 voel ik wat ongemak in mijn buik. Ik denk niet direct aan weeën, maar als ze 1,5 uur later vrij vlot achter elkaar komen, kan ik daar niet meer onderuit. Ik wil Jeroen eigenlijk niet roepen, want ik weet dat dit het begin van het einde is. Met een grote brok in mijn keel doe ik het uiteindelijk toch. De verloskundige staat binnen no time op de stoep en checkt mijn ontsluiting: 3cm. “Het gaat dus echt gebeuren”, denk ik nog. Aan de andere kant is het besef er nog steeds niet. Ik houd toch ergens hoop dat ze iets voor mij kunnen doen. De verloskundige zegt dat ze gaat bellen met het ziekenhuis en wil aan hen ook de optie voorstellen om me toch door te verwijzen naar het Máxima Medisch Centrum. Ik voel weer een sprankje hoop opkomen. “Als ik daar heen mag, kunnen ze ons kindje misschien helpen”, denk ik. Even later wordt mijn verloskundige teruggebeld met de mededing dat de ambulance gebeld mag worden, niet naar het MMC, maar naar mijn eigen ziekenhuis.

Een nachtmerrie

Mijn droom spat uit elkaar. Ik weet dat ze in mijn eigen ziekenhuis alleen voor mij zullen zorgen, en niet voor mijn baby. Ik word opgehaald door de ambulance. Het zijn twee hele vriendelijke broeders. De broeder die bij mij zit, vertelt veel verhalen waardoor ik mijn ellendige situatie even vergeet. Ik ben hem daar nog steeds dankbaar voor. We komen aan in het ziekenhuis. We mogen naar een kamer die ver van de andere verloskamers ligt, zodat we geen huilende baby’s horen. Mijn infectiewaardes worden weer gecheckt. Er wordt gezegd dat ze niet gaan kijken hoeveel ontsluiting ik heb, dit kan namelijk een infectie veroorzaken. Er is nog kans dat de weeenactiviteit afneemt. Weer krijg ik een sprankje hoop. De weeën nemen na een uurtje wat af, maar helaas krijg ik daarna hele heftige weeën terug. Ik smeek om pijnstilling, waar ze inderdaad voor gaan zorgen, maar voor mijn gevoel duurt dit uren. Mijn eigen verloskundige vraagt of ze bij de bevalling mag blijven. Dit vinden wij goed. Mijn infectiewaardes stijgen. Donderdag was deze 10, nu twee dagen later 157. Er is geen stoppen meer aan, ons kindje moet geboren worden voor mijn veiligheid. Ik kan niet uitleggen wat dat met een mens doet, als je dit te horen krijgt.

Ik probeer de bevalling tegen te houden

Ik merk aan mezelf dat ik de weeën heel moeilijk kan opvangen en onbewust probeer ik de bevalling tegen te houden. Het is een soort oerinstinct wat naar boven komt. Ik wil helemaal niet dat mijn kindje geboren wordt. Ik wil er alles aan doen dat dit niet gebeurt. Het voelt zo enorm oneerlijk dat ik deze pijn moet lijden en er uiteindelijk “niks” voor terug krijg. Op een gegeven moment voel ik persdrang en zie ik de navelstreng, en dan een handje en een voetje. Hij komt er nu echt aan. Na drie keer persen wordt onze prachtige zoon Enzo geboren, maar wat is het stil. Zo ontzettend oorverdovend stil. Het besef komt binnen als een golf van verdriet. Ik kan niet meer stoppen met huilen. Ik zie bij iedereen om me heen dat het hun ook zwaar valt. Enzo wordt op mijn borst gelegd en Jeroen mag de navelstreng doorknippen. Daarna wordt Enzo in een dekentje gewikkeld en Jeroen mag hem vasthouden.

Wat de verloskundige ook zegt, ik pers niet

Ondertussen moet de placenta nog komen. De verloskundige van het ziekenhuis wil druk op mijn buik zetten en ik moet weer persen. Met alles wat ik in mij heb weiger ik dit. “Ik heb al zoveel pijn geleden. Laat me toch met rust”, denk ik bij mezelf. Wat de verloskundige ook zegt, ik pers niet. Uiteindelijk bellen ze daardoor de OK waarna mijn placenta onder algehele narcose verwijderd zal worden. “Toch nog iets “gewonnen””, denk ik. Op de OK word ik wakker zonder enige lichamelijke pijn, maar de emotionele pijn hakt er enorm in. Eenmaal terug op de kamer worden er door de lieve nachtzuster en Jeroen afdrukjes gemaakt van Enzo’s handje en voetje, ontzettend waardevol. Enzo wordt in een bak water gelegd, zo zou hij het langst “mooi” blijven. Heel fijn dat deze methode er is, maar Enzo is hoe dan ook prachtig. Wat ben ik trots op mijn knappe zoon. Daarna mogen we gaan slapen. Jeroen slaapt gelukkig zo, maar slapen doe ik zelf die nacht niet.

De volgende ochtend wordt er verteld wat we allemaal moeten regelen, wat de mogelijkheden zijn rondom crematie en begraven en we mogen kleertjes voor hem uitkiezen. Ik hoor het allemaal aan, maar echt luisteren doe ik niet. Ik ben boos op de hele wereld. Ik wil helemaal geen uitvaart regelen. Ik wil gewoon naar huis. 

RAQUEL

Plaats een reactie