Een giftige relatie met een narcist en drugsverslaafde

| ,

Nikki schrijft een minireek op Kids en Kurken. Lees hieronder het vorige deel.

Deel 1: Ik zat in een vreselijke relatie: “Ik merkte vaak dat er bepaalde dingen aan hem niet klopten”

Op de dag van de vruchtwaterpunctie, was ik gek genoeg heel kalm. Ik zat tussen de blije zwangere vrouwen, terwijl ik wachtte op een ingreep bij mijn zoon die dood ging. Bij Noah was er sprake van Triploidi, dit is een fout in de celdeling. Nadat we deze slechte uitslag kregen, ging M. alleen nog maar meer gebruiken. Bijna iedere avond was het zo ver. Ik was verdoofd en ik wilde er niet meer tegen in gaan. Onze ruzies gingen er vaak heftig aan toe, waarbij hij mij een keer (terwijl ik zwanger was) een zet gaf. Ik viel letterlijk naar achter, zo de kast in. Mijn leven voelde als een roes. Ik leefde wel, maar ook weer niet.

De bevalling werd opgewekt

Op 26 januari 2019 zou ik de bevalling opwekken. Ik nam een pil in die mijn baarmoeder week ging maken. Het voelde alsof ik een pil nam waar ik zelf van zou overlijden, zo moeilijk was dit. Op maandag 28 januari 2019 werd ik rond een uur of 9 in de ochtend opgenomen. Om half 10 zou ik de eerste twee tabletten vaginaal binnen krijgen. Inmiddels wisten we door die vruchtwaterpunctie dat we een zoontje zouden krijgen. De naam Noah was wel eens voorbijgekomen en wij besloten onze zoon zo te noemen. Er werd een morfinepomp aangesloten. De twee allerliefste verpleegkundigen hielpen me die dag door en zeiden: “Jij hoeft geen pijn te hebben”. Nadat de pillen waren ingebracht, merkte ik nog niets, maar met M. ging het niet goed. Hij had last van z’n buik. Ik moest bevallen en hij had buikpijn. Op een gegeven moment is hij zelfs weggegaan naar de EHBO beneden. Daar lag ik dan, alleen. Ik kreeg pijn en lag op m’n zij. De weeën waren begonnen. Ik kon ze wegpuffen. Rond half 2 in de middag zou ik nieuwe pillen krijgen. De verpleegkundigen liepen binnen en zij zeiden gelijk: “Het gaat niet goed he?”. Ik antwoordde: “Nee, ik ben zo misselijk en heb pijn”. Ik zag er letterlijk helemaal geel van. Ze vroeg of ik al op de pomp had gedrukt. Ik antwoordde dat ik dat niet durfde. Ze drukte een aantal keer op de knop, zodat ik wat morfine binnenkreeg. Ze vroeg waar mijn vriend was en ik gaf aan dat hij beneden bij de EHBO zat, omdat hij buikpijn had. Ik zag ze naar elkaar kijken.

De stilgeboorte van Noah

Ze voelden naar mijn ontsluiting. Ik had 2 a 3 cm ontsluiting. Hierna werd het rustig. In mijn buik en ook in mijn hoofd. Toen kwam M. weer binnenlopen. Ik zei niets en was meer met mijzelf bezig. Rond kwart voor 7 ‘s avonds had ik het idee dat ik moest plassen. Ik riep de verpleging, maar mocht alleen op een postoel. Toen ik klaar was had ik nog steeds het gevoel dat ik moest plassen. De verloskundige vroeg of ze even mocht voelen, want zulke kleine kindjes zitten vaak al voor de uitgang. En dit was het geval. Ze keek me aan en vroeg of ik wilde persen. Ik had geen pijn en wilde beginnen. Ze tilde mijn benen op. M. stond aan de ene kant en een verpleegster aan de andere kant. Ik perste een keer en daar was hij al, onze Noah, geboren op 28 januari 2019 om 18:48 uur. Onze kleine vent van 86 gram en 16 cm lang. Ik durfde niet te kijken. Ze vertelde me dat hij heel mooi en klein was. Toen wilde ik kijken. Daar was hij, mijn prachtige zoon met hazenlipje en een iets te groot hoofdje. Helemaal af en helemaal van mij. Ik knuffelde hem. Even waren M. en ik alles vergeten, gewoon wij samen, gelukkig. Ik wilde dat mijn ouders langs kwamen. Zij hebben Noah ook gezien. Daar ben ik zo dankbaar voor.

Plotseling kreeg ik een telefoontje vanaf de EHBO

Ik bleef die avond alleen in het ziekenhuis. Achteraf heb ik gehoord dat M. naar huis is gegaan. Daar zijn twee vrienden op bezoek gekomen. M. snoof zichzelf helemaal kapot. De volgende ochtend zou hij mij om 8 uur ‘s ochtends halen, maar om 9 uur was hij er nog niet. Ik belde hem ontzettend vaak en uiteindelijk nam hij op. Hij zei dat hij eraan kwam en dat hij door z’n wekker heen was geslapen. Hij haalde me op en vertelde me dat hij zich niet goed voelde. Hij zette me thuis af en reed zelf terug naar de EHBO. Ik was alleen in mijn huis, zonder kind, zonder partner, echt helemaal alleen. Ik kon alleen maar huilen. Ik werd plotseling gebeld door het ziekenhuis en nam op. Ik hoorde een vrouw zeggen: “We hebben uw partner op de EHBO liggen en het gaat niet goed. U moet nu komen”. Ik was net bevallen, maar liep naar het ziekenhuis (10 minuten verderop). Aangekomen bij de SEH hoorde ik iemand kreunen en gillen. Ik dacht nog: “Wat is dat voor idioot”. Het was die van mij. Ik liep zijn kamer binnen. Er stonden allemaal artsen om hem heen. Hij lag aan het infuus en smeekte om hulp. Het enige wat ik kon denken was: “Aansteller, daar gaan we weer”. Ik keek de arts aan en zei: “Ik ben net bevallen, dus ik weet het niet wat er met hem aan de hand is.” De artsen deden allerlei onderzoeken naar de pijn. Ik wist wel waardoor het kwam: drugs.

M. had me helemaal in de ban

De dagen verstreken. Noah werd gecremeerd en op het moment dat dat gebeurde was ik in het ziekenhuis bij M., omdat hij niet van de zooi af kon blijven. We huilden samen, want we wisten dat precies om 11:00 uur Noah gecremeerd werd. Ik was op. Ik kon niet meer. Ik smeekte hem om alsjeblieft te stoppen met de drugs. Rouwen heb ik niet kunnen doen, want ik was alleen maar met M. bezig. Toen hij na vijf dagen thuis kwam, startte de tweede hel. Het gebruiken stopte niet, het werd juist erger. Elke avond was het raak. Ik wist dat als ik thuis kwam van werk, het weer feest was. Ik leefde in een hel en kwam er niet meer uit. Ik sliep volgens hem met al mijn mannelijke collega’s, echt met allemaal. Ik was slecht. Ik zorgde niet goed voor hem. En dat was allemaal meer reden om meer te gebruiken. Waanideeën had hij. Als ik op mijn telefoon zat, was ik volgens hem met andere mannen aan het appen of zat ik op datingsites. Het enige wat ik kon doen was luisteren naar wat hij wilde, zodat ik geen problemen kreeg. Ik miste Noah zo erg. Mijn leven was vreselijk. Hij dreigde vaak om mijn spullen naar buiten te gooien of mijn katten te laten ontsnappen. Ik had helemaal niets meer.

Een avond vol geweld

Ik heb van alles geprobeerd. Ik heb hem zelfs naar Rotterdam gestuurd om af te kicken. Daar ging hij naartoe, maar vervolgens misleidde hij het personeel. Alles was een groot spel voor hem. Toen hij op een avond naar de wc ging om te gebruiken, liet hij zijn telefoon op de wc liggen. Ik moest na hem naar de wc, zag zijn telefoon liggen en besloot hier op te kijken. Ik zag een datingapp en een gesprek met een vrouw open staan. Ik werd zo boos. Ik stormde de wc uit, drukte de telefoon in zijn gezicht en vroeg wat dit was. Hij keek me aan. Zijn blik zal ik nooit vergeten. Hij wilde de telefoon van mij afpakken, greep me in mijn nek en gooide mij tegen de deurpost aan. Ik kwam hierbij met m’n kaak tegen de punt van de deurpost en viel hierdoor naar achter op de grond. Op de één of andere manier viel hij ook en landde met zijn knie op mijn rechtervoet. Op dat moment wist ik dat mijn voet brak. Ik kon niet meer praten van de pijn. Ik kon alleen maar huilen. Ik kroop naar de bank en belde zijn ouders. Ik vertelde alles: over hun zoon verslaafde zoon en wat hij mij had aangedaan. Tot op de dag van vandaag weten mijn eigen ouders niet wat er werkelijk is gebeurd. Ik heb dit voor veel mensen verborgen gehouden. Ik schaamde me. Ik vraag me nog steeds af waarom ik die bewuste avond niet de politie heb gebeld.

M. en ik gingen na veel gedoe uit elkaar

Vanaf dat moment werd ik depressief. Mijn voet was op drie plekken gebroken. Ik loog tegen de artsen hoe dit gebeurd was. Zelfs toen zijn eigen moeder erbij zat en wist wat er was gebeurd. Ik kwam in een rolstoel. Ik wilde dood. Ik wilde niet meer leven, maar bij mijn kind zijn in de hemel, want daar was alles goed. De dagen erna leefde ik in een roes. Ik had geen werk meer en M. wilde dat ik ging solliciteren terwijl ik in het gips zat. Uiteindelijk zijn wij na veel gedoe uit elkaar gegaan. Ik was eindelijk vrij van die verslaafde narcist en had mijn leven weer terug. Ik ging bij mijn ouders wonen en heb bijna een jaar in therapie gezeten, normale therapie en EMDR. De therapeut zei dat ik PTSS en een depressie had. Ze vond dat ik erg sterk was. Medicijnen wilde ik niet. Ik wilde zelf vechten om verder te komen. Ik zat er voornamelijk mee waarom ik zelf niet eerder aan de bel heb getrokken. “Waarom heb ik niet eerder voor mijzelf gekozen”, deze vraag stel ik mezelf nog steeds.

Hoe het nu met mij gaat

Inmiddels gaat het goed met mij. Ik heb een hele lieve partner die mij van het begin af aan steunt en alles van mij weet. Wij zijn helaas in een fertiliteitstraject beland, zodat we kans maken op een kindje van ons samen. We staan hier beiden positief in en gaan met volle moed IVF doen. Ik werk nog maar drie dagen per week, omdat mijn voet altijd slecht zal blijven. Ondanks al deze ellende, ben ik blijven vechten. Ik bekijk het leven nu zo anders als dat ik dit een aantal jaar geleden deed. Ik wil met mijn verhaal vrouwen waarschuwen voor narcisten en drugsverslaafden, misschien zit je zelf wel in een soortgelijke situatie, ga er dan alsjeblieft uit! Hoe moeilijk het ook is.

Ik ben een moeder van een overleden zoon genaamd Noah*. Maar ook ben ik een overwinnaar. Ik heb gewonnen van een narcist.

NIKKI

1 gedachte over “Een giftige relatie met een narcist en drugsverslaafde”

  1. Ik vind je onwijs dapper en een kanjer!
    Ik wens je alle geluk en liefde toe en hopelijk gezegend met een prachtig lief kindje van jou en je huidige partner.

    Het is je meer dan gegunt!

    Beantwoorden

Plaats een reactie