Ik had voor mezelf moeten opkomen tijdens de bevalling

| | ,

Op mijn verjaardag, 20 februari 2016, was het dan eindelijk zo ver. Na 5 maanden had ik een positieve zwangerschapstest in mijn handen. Waar mijn partner overtuigd was van deze positieve test, twijfelde ik, maar er stond toch echt een heel licht streepje. En een streepje is een streepje toch? Twee dagen later deed ik voor de zekerheid nog een test en ja hoor: een hele dikke duidelijke streep. Ik was zwanger van ons eerste kindje!

Op de eerste echo ziet alles er goed uit. Ik ben soms misselijk als ik niet (op tijd) eet, ik heb allemaal bultjes die onwijs jeuken op mijn rug en ik heb eindelijk de boezem die ik altijd al heb gewild. Rond de helft van de zwangerschap heb ik veel harde buiken, maar overall ben ik niets minder dan gelukkig! Ik heb mijzelf altijd als moeder gezien en die wens ging in vervulling.

De uitgerekende datum, 28 oktober, nadert. Ik heb een flinke buik en hij begint nu toch echt zwaar te worden. Hoe bijzonder ik het hele zwanger zijn ook vind, van mij mag de kleine wel komen. Bij de controle bij de verloskundige blijkt echter dat de baby er zelf anders over denkt. Op 2 november (5 dagen over tijd) heb ik een afspraak waaruit blijkt dat alles nog ‘potdicht’ zit. We besluiten de inleiding in te plannen. 5 November. Mooie datum vinden wij, maar of ons kleintje daar ook zo over denkt….

Op donderdag 3 november besluit ik nog met mijn moeder naar een tuincentrum te gaan. De verloskundige heeft immers gezegd dat alles nog dicht zit, dus waarom niet? Eenmaal terug besluiten we ook bij mijn moeder te blijven eten. Net voor het eten voel ik een steek in mijn buik. Ik heb al weken voorweeën, dus ik geef er niet zo veel notie aan. Wel zorgt het ervoor dat we besluiten direct na het eten naar huis te gaan. Thuis op de bank kijken we nog even televisie. Ik krijg er niet zo veel van mee. Ik heb veel steken in mijn buik en het blijft onrustig. Het schiet totaal niet door mij heen dat dit wel eens echte weeën zouden kunnen zijn. Eenmaal in bed kan ik de slaap niet vatten. Ook dit is al langere tijd zo deze zwangerschap, dus dit is niets nieuws.

Om 2.30u ga ik naar de wc. Ik heb een beetje bloedverlies. Ik maak mijn vriend wakker en vertel hem wat druppeltjes bloedverlies te hebben. “Het zijn maar een paar druppeltjes. Niets om je zorgen over te maken”. Ik trek een schone onderbroek aan en stap weer in bed.

Om 3.00u ga ik weer naar de wc. O jeetje! Ik verlies mijn slijmprop. Oke, maar het kan alsnog een week duren voordat de bevalling zal inzetten.

3.15u. Ik heb het koud. “Schatje? Wil je tegen me aan komen liggen? Ik heb het zo koud en krijg mezelf niet warm”. Vanaf dit moment wordt de buikpijn erger. Ik kan (nog steeds) niet slapen en ik krijg het maar niet warm.

4.00u “O, mijn vliezen!” Ik spring direct uit bed en kom net op tijd bij het toilet aan. Vanaf dat moment worden de weeën serieus, heftig en regelmatig. Ik besluit onder een warme douche te gaan staan en mijn vriend komt bij me zitten. We blijven allebei heel rustig. Ik doe wat shampoo op mijn hand en net op dat moment komt er een wee! Mijn vriend begint te timen met een stopwatch. De weeën blijken al heel regelmatig en voelen ondertussen ook zo heftig dat we besluiten om 4.45u de verloskundige al te bellen. Een half uur later is ze er.

5.30u. Ik lig inmiddels op bed om de heftige weeën op te vangen. Door het slechte slapen en het feit dat ik ondertussen bijna 24u wakker ben, wordt het opvangen van de weeën zwaarder. De verloskundige ziet dit en besluit te kijken hoeveel ontsluiting ik al heb. Nog helemaal niets! De baarmoedermond is zelfs nog niet verweekt. Zoals het er nu uit ziet gaat dit nog een hele lange weg worden. Is dat haalbaar na al 24u wakker te zijn? Volgens de verloskundige ben ik een perfecte kandidaat voor de ruggenprik. Ik besluit hiervoor te kiezen in de hoop nog een klein beetje te kunnen rusten, voordat ik aan het persen moet beginnen.

7.15u. Nog steeds 0 centimeter ontsluiting en onderweg in de auto naar het ziekenhuis. Hier komen we een half uur later aan. Wat blijkt? Het is erg druk in het ziekenhuis. Alle verloskamers zitten vol! Er is nog een soort van reservekamer, dus hier komen we terecht. Na die keer prikken zit het infuus en word ik aan alle monitoren gelegd.

8.45u. Nog steeds geen ontsluiting. Ik word eindelijk meegenomen voor de ruggenprik. Dit vind ik best spannend. Gelukkig valt het allemaal mee. Tijdens het plaatsen mag ik mijn hoofd laten rusten bij de verpleegkundige zodat mijn rug ontspannen is. En eerlijk? Ik vond het heerlijk met mijn neus in die dikke, volle, zachte boezem van die vrouw! Al vrij snel voel ik dat mijn buik verdoofd is. Mijn schaamstreek is niet helemaal verdoofd, dus slapen is er niet bij, maar wat een verschil!

10.30u. Ik heb 1 tot 2 centimeter ontsluiting. Het gaat niet hard genoeg, dus er komen weeversterkers bij in mijn infuus.

13.00. Ik zit op 6 tot 7 centimeter ontsluiting. Dat gaat lekker! En om 15u heb ik al 9 centimeter. Helaas blijf ik hier op steken.

16.15u. Eindelijk! Volledige ontsluiting en lichte persdrang! Volgens de verloskundige ligt ons kindje nog te hoog, dus ik mag nog niet gaan persen. “We gaan nog even een bevalling hiernaast doen”, zeiden ze. (Achteraf gezien is het gevaarlijk geweest dat ze niets hebben gedaan terwijl ik volledige ontsluiting had en mijn vliezen al meer dan 12 uur gebroken waren. Ze hadden Olivier naar beneden moeten duwen in plaats van weg te gaan en mij en mijn vriend alleen te laten)

Door de ruggenprik is mijn bevalling medisch geworden. Ik ben dan ook niet meer bij mijn eigen verloskundige, maar heb een verloskundige en verpleegkundige uit het ziekenhuis. In de ochtend hebben we een geweldig duo. De verpleegkundige kwam geregeld langs om mijn vriend en mij te checken, maar ook om het zeiltje onder mij te verschonen. Het duo dat het heeft overgenomen, laat ons ontzettend ‘zwemmen’. Ze komen bijna niet langs. Mijn vriend is al meerdere keren de gang opgelopen om iemand te halen wanneer ik een schoon zeiltje wil of wanneer de persdrang te hevig wordt. Uiteindelijk besluit mijn vriend zelf schone zeiltjes te pakken en mee te puffen wanneer ik denk dat ik de persdrang niet meer weg kan puffen.

19.00u. Ik hou het niet meer! Mijn vriend rent de gang op om iemand te halen. “Ik wil begeleiding en wel nú” De verpleegkundige komt mee naar binnen en ziet dat het menens is. Ze doet een schortje voor, gaat naast het bed op een afstandje staan en zegt: “Begin maar”. Ik kijk haar een beetje verbaasd aan. Moet hier eigenlijk geen verloskundige bij zijn? “Heb je geen yoga ofzo gedaan? Doe maar wat je daar geleerd hebt.” Ik voel me onzeker en snap er niets van. Hier hoort toch een verloskundige bij te zijn? Er hoort toch iemand aan mijn bed te staan in plaats van een stukje verderop? Ik durf zonder de verloskundige eigenlijk niet zo goed te beginnen. Het is mijn eerste kindje. Ik weet niet wat ik ervan moet verwachten en of dit de normale gang van zaken is, maar alles in mij vind het maar niets. Door de nawerking van de ruggenprik is het moeilijk het verschil tussen een wee en de continue druk te voelen. Dit maakt het ook lastig om te bepalen wanneer ik moet persen. Ik pers maar op het moment dat ik denk dat het goed is. Zonder al te veel overtuiging.

Wanneer de verloskundige er eindelijk is en aanwijzingen geeft wanneer, hoe hard en waarheen, gaat het vrij snel. De haartjes worden zichtbaar. Daarna het bovenste gedeelte van het hoofdje. Op het moment dat de verloskundige zegt: “Nog één keer persen en je kindje gaat geboren worden”, verzamel ik al mijn kracht en daar wordt het hoofdje geboren. “Rustig, nu rustig”, zegt de verloskundige. Dit doe ik en daar is, om 19.53u ons kindje. Het wordt op mijn borst gelegd en het duurt even voor het tot mij doordringt: ‘Dit is mijn kind. Ik mag mijn benen loslaten en de kleine vastpakken om vervolgens nooit meer los te laten’. We liggen een tijdje zo voordat ik me besef dat ik nog helemaal niet weet of ik een zoon of dochter heb gekregen. Ik kijk voorzichtig tussen de beentjes en op dat moment zien mijn vriend en ik allebei dat we papa en mama zijn geworden van onze zoon: Olivier Hannes.

Na een poosje wordt hij meegenomen voor de apgar-score. Na de Apgar helpt papa met aankleden. Doordat het zo druk is op de verlosafdeling, is er alleen een verpleegkundige bij. De kamer is zo groot dat ik niets kan zien en niets mee krijg van het hele gebeuren. Ik voel me eenzaam en uitgeput en wil niets liever dan mijn kind aan mijn borst en onze familie bellen. Zodra Olivier aangekleed is, wordt hij aan mijn borst gelegd. De verpleegkundige loopt weg zodat we onze familie kunnen bellen. Na een paar uur (voor ons gevoel) wachten, drukken we weer op de bel in de hoop dat we naar huis mogen.

0.00u. We kunnen eindelijk, samen met Olivier, naar huis! Hier worden we opgewacht door de kraamhulp die ons helpt om de nacht in te gaan. Nog even wat laatste adviezen en een laatste check. Oliviers kleren blijkt rood te zijn van het bloed. Na controleren blijkt de navelklem niet goed dicht te zitten. Wat een geluk dat deze kraamhulp dit nog wilde controleren.

3.00u. Mijn vriend laat de kraamhulp uit en Olivier ligt even bij mij in bed. We kijken elkaar recht in de ogen aan en in één keer was het daar. Dat gevoel. Hij is mijn kind. Hij hoort bij mij. Dit voelt zo goed. Ik hou van hem en ik laat hem werkelijk nooit meer gaan.

Door de overvolle verlosafdeling is er veel misgegaan in het ziekenhuis dat ook echt verkeerd had kunnen aflopen. Gelukkig is dit allemaal niet gebeurd en kijken wij op een magische bevalling terug met een hart vol liefde. Wij hebben geleerd dat we voor onszelf hadden moeten opkomen tijdens deze bevalling. Al deze ervaringen onthouden we om nooit meer mee te hoeven maken. Want één ding wisten we direct zeker: we wilden zo’n bevalling heel graag nog eens meemaken…

FLOOR

1 gedachte over “Ik had voor mezelf moeten opkomen tijdens de bevalling”

  1. Ik lees niet echt iets wat had kunnen misgaan?
    Behalve dat het natuurlijk vervelend is dat het druk was en ze daardoor niet continu iemand in en uit had lopen.

    Beantwoorden

Plaats een reactie