Pleegzorg: er kan altijd binnen een paar minuten een baby bij mij gebracht worden voor crisisopvang

| | ,

Ben ik een monster dat niets voelt?!

Pleegzorg maakt volledig deel uit van mijn leven. Er zijn altijd wel extra kinderen in ons gezin, we weten niet beter. Het lastige van schrijven over pleegzorg is dat het gaat over kinderen van anderen ouders. Andere levens, eigen levens. Ik schrijf met liefde over wat ik doe, waarom ik dit doe, nu al mijn halve leven. Waarom ik kies voor de chaos, verdriet, pijn van die levens. En kies om me te hechten aan een kind waarvan je weet dat hij weer vertrekt. Mijn hart sterft elke keer weer een beetje bij een afscheid. Bij de één meer dan de bij de ander, maar altijd is er de pijn. En dat mag. Dat is part of the deal. Mensen zeggen vaak tegen me dat zij het niet zouden kunnen, want ze zouden zich zo hechten. Het impliceert dat ik dus één of ander monster ben die niks voelt. De waarheid is dat ik het ook voel. Dat ook ik bij elk afscheid gemengde gevoelens heb, en soms rouw om het verlies. Inmiddels weet ik dat dat oké is, en erbij hoort. En ja dat is pleegzorg. Je pleegt zorg, het kind deelt een poosje je leven en vervolgt zijn weg. Veel kinderen heb ik nooit meer gezien, anderen zoeken nog regelmatig contact. Heerlijk!

Binnen een paar minuten kan er een baby bij mij gebracht worden

Crisisopvang is intens. Stel je voor, dat nu de telefoon gaat met de vraag of ze een kind kunnen brengen bij jou. Een baby, twee weken oud, de moeder ernstig ziek. Ja of nee? Bij een ja stappen ze in de auto en brengen direct een baby. Er staat dus binnen een paar uur een maxicosi midden in de kamer met een piepklein kindje. Daar ga je voor zorgen. “Hoe heet ze? Wanneer heeft ze gedronken?”, daar krijg je antwoord op. En dat is het dan… Je bindt de draagdoek om en kijk hoe je het ukje kunt troosten. Luiers en voeding heb ik altijd in de kast, alle maten op voorraad. Want zo snel kan het gaan. Omdat moeder zo ziek is, gaat het kindje vaak terug. Elke keer komt het kindje doodmoe terug en heb je onrustige nachten.

Waarom doe ik eigenlijk aan pleegzorg?

En toch. Dit is waarom ik het doe. Mijn hart breekt bij zo’n verhaal. En als ik dan daadwerkelijk het kindje bij me draag in een doek, haar mooie, vermoeide gezichtje zie en haar mijn liefde en zorg kan geven waardoor ze weer ontspant, dan is dat mijn drive. Ik kan in het leven van dit kindje iets van herstel zijn. De moeder is in de periode overleden. Goddank mocht het kindje naar familie. Zo’n afscheid is zwaar. Al weet je dat het goedkomt en sta je erachter, een kind kruipt in je hart en dat doet pijn. Dus nee, ik kan het eigenlijk ook niet. Maar ik geloof dat een kind het waard is dat ze gemist wordt. Voor mij is een veilige en geborgen plek bieden aan een kind belangrijker dan het mijzelf beschermen tegen die emoties van rouw en gemis.

Er zijn ook kinderen waar het niet mee klikt

Evengoed zijn er ook kinderen bij ons gekomen die niet op die manier in je hart kropen. Eerlijk is eerlijk. Jij vint ook niet elk kind in de klas van je kind even leuk – nou, dat is bij pleegzorg eigenlijk net zo. Je hebt niet altijd die klik, en dat is dan hoe het is. Want ook dàt kind krijgt al mijn liefde en aandacht omdat ik dat kies. Het kind kan het nooit helpen. Die gedachte is enorm helpend wanneer het zwaarder is. Zij kozen niet voor een leven in een vreemd gezin met vreemde geuren en geluiden. Tegelijk zijn we daar ook eerlijk in: als de klik niet moeiteloos is, blijft het voor ons crisisopvang en geen langdurige plaatsing. Want anders doe je het kind, maar ook zeker jezelf tekort.

De pleegkleuter was bij de dood van zijn moeder aanwezig geweest

Je leert snel genoeg hoe je met allerlei situaties om kunt gaan, en gelukkig staan er mensen om mij heen. Ik roep altijd dat je echt voor een netwerk moet zorgen, en gelukkig heb ik prachtige mensen die kunnen inspringen wanneer nodig, en fijne collega pleegouders om mee te sparren. Zij weten wat ik voel. Zij kunnen de zwaarte van de omstandigheden bij zo’n plaatsing delen. Ik heb eens een broer en zus thuis gehad, 3 jaar en babyleeftijd, hun moeder overleed waar ze bij waren (om onbekende redenen). Urenlang heeft de kleuter geprobeerd moeder wakker te maken. Nadat het ontdekt was, werd ik gebeld en de kinderen bij mij thuis gebracht. Het is dan een geheime plaatsing tot de doodsoorzaak is vastgesteld. Ik weet niks, hooguit een naam en mag het gaan doen. Was het kindje al van de borstvoeding af? Hoe sliepen ze? De baby huilt veel, ik draag het voortdurend. De keuter vraagt naar mama en ik moet gaan uitleggen dat mama er niet meer is. Ik ga op zoek naar boekjes en filmpjes om uit te leggen wat dood is. Dat helpt een beetje maar het is hartverscheurend. In één klap is er niemand meer die hen door en door kent.

Soms lig ik wakker van wat de pleegkinderen me vertellen

Of dat meisje van 11 jaar, moederziel alleen, was stil en verdrietig voor dagen, durfde niet alleen te slapen. Ze sliep bij mij. Na een aantal dagen was ze ‘s nachts zo bang, dat ze aldoor moest huilen en ik bij haar liedjes zong. Op dat moment begon ze te vertellen over de geheimen waar ze mee worstelde. Het heeft me de rest van de nacht wakker gehouden, maar zij had eindelijk rust. Regelmatig ben ik gebeld voor baby’tjes, prematuur, te klein, en vooral te kwetsbaar. Mijn hart huilt voor deze moeders. Het is haast niet voor te stellen hoeveel pijn er vooraf gegaan is. Zelfs als een moeder hiervoor koos, is er intens veel leed, en kan ik alleen maar diep respect hebben voor de moeder die kiest voor het welzijn van haar kind. 

Er zijn vaak kinderen bij mij thuis geplaatst die geen Nederlands spreken

Het leuke is dat taal nauwelijks een belemmering vormt in het gewone dagelijkse leven. Taal is maar een klein deel van de communicatie. Je kunt al veel aflezen van lichaamshouding, mimiek – zéker na veel ervaring. Het is leuk als een kind merkt dat je hem begrijpt, en andersom. Hier viel het al snel op dat ik graag koffie drink en ook in allerlei talen het woord koffie ken. Toen een paar knulletjes voetbal keken en ik liet merken dat ik geen voetbalfan ben, zei eentje meteen met een stralende lach: “Mam like boen, mama no footbal”. Boen betekent koffie.

Mijn gezin is culturen gezien divers

Veel kinderen noemen mij mam, of tante. Mijn voornaam is best lastig. De kinderen mogen altijd zelf kiezen hoe ze me noemen. Ik neem nooit de plek van moeder in, maar ik heb wel de rol van mama. De ouders worden altijd genoemd in huis, of er contact is of niet. Dat is hun achtergrond, hun leven en ik weet hoe waardevol en noodzakelijk het is dat dat blijft staan. Wanneer er een andere culturele achtergrond is, hou ik daar altijd rekening mee, als deel van hun identiteit. Voor mij is dat meerwaarde. Dat kost me totaal geen moeite – wellicht ook omdat mijn gezin altijd al cultureel gezien divers is. Ik heb van nabij gezien wat de impact is en ben daarom extra gedreven om eigen cultuur ruimte te geven in mijn gezin. Als een kind vast, vasten we niet mee, maar krijgt het wel alle gelegenheid. Varkensvlees eten we vrijwel nooit. Dat zijn vaak essentiële issues voor met name tieners in mijn huis.

Pleegzorg is vaak intensief, maar nog vaker intens genieten. Ik kan me een leven zonder extra kinderen in mijn gezin niet voorstellen. Ik ben blij en dankbaar dat ik ondanks alles voor zoveel kinderen even een tussenstop mocht zijn. Een thuis, een plek waar ze tot rust mochten komen, zichzelf konden zijn en voor wie ik hopelijk even het verschil mocht maken in hun leven. Want dat is waar we het voor doen. De pleegzorg.

GRIAN

Plaats een reactie